06-06-09

Nachtactiviteit!

Vrijdag 5 juni was een redelijk goede avond om eens iets dieper in te gaan op de manier van fotograferen zonder licht. Zonder was een groot woord, want bijna volle maan.

Na wat wachten op Lambert (had alles opgesteld in de Joy, in de veronderstelling dat het een studiebijeenkomst was ipv en kijkavond) kon men (5 deelnemers) tegen de klok van 20.30u van start gaan. Even de menu's van de aanwezige camera's doorgenomen en toen recht de kroeg in, in afwachting van de duisternis. We hadden een pasgehuwde in ons gezelschap en we hebben maar één excuus nodig om aan de borrel te gaan. Het werd een gezellig onderonsje met veeljeugdherinneringen. Tegen de tijd dat het donker werd stonden we paraat met de camera's in de aanslag.

 In het begin was het even zoeken.....zoals gewoonlijk bij iedereen, stonden alle camera's in de automatische stand. Dit is zeker niet de juiste stand om nachtfotografie te bedrijven. We zochten de instelfuncties voor de ISO-waarde (liefst zo hoog mogelijk) en de functie sluitertijd. Het viel op dat er zo goed als geen camera's bij waren waar gekozen kon worden voor een langere belichtingstijd. We onthouden dat we met een standaardlens van 50 mm eeen kleine 21 seconden mogen belichten, alvorens spoorvorming te krijgen. Een we willen puntvormige sterren op de foto, vandaar. Naarmate de avond vorderde kwamen de eerste resultaten binnen en  naarmate de tijd vorderde werd het beter en beter. De eerste sterren in beeld krijgen viel niet mee. We zaten met een bijna volle maan en dan is het nooit donker genoeg. Er was te weinig contrast. Toch lukte het ons om verschillende goede en bruikbare opnames te maken. We zullen alle beelden tijdens de volgende bijeenkomst bekijken en vergelijken. We stopten rond middernacht, de eerste stappen naar digitale nachtfotografie, een geslaagd initiatief.

DSCF5350



 

DSCF5326

DSCF5347

DSCF5354

DSCF5353

DSCF5363

DSCF5365

DSCF5367

22:23 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

26-05-09

Wooow, wat een nacht!!!!!!!!!

Verslag kijkavond Gastelse Heide op 22 mei 2009.

 

Het was een schot in de roos.....een nacht die je maar eens tegenkomt in de zoveel jaren!! Het hing al even in de lucht...overdag stapelwolken en 's nachts na de afkoeling klaarde het meestal op. Al onze hoop stond op vrijdag, 22 mei. Lambert zou de Cassegrain opstellen op de parking van de Gastelse heide en Jan zou de leden opvangen aan de Joy om dan samen naar de heide te rijden. Zou, want Jan werd onverwacht voor de tweede keer opa!!! Zijn laatstgeboren kleinkind kwam zes weken voor haar tijd  ter wereld en zette Jan zijn wereld even op z'n kop. Vanwege Noorderkroon nogmaals een dikke proficiat aan de ouders en grootouders.

 

Voordat de kijker gekalibreerd was kregen we ISS al in het vizier. Het ruimtestation kwam hoog en helder over. Lambert speelde het klaar om de ISS tot vijf maal toe in het beeldveld van zijn kijker te krijgen. Heel duidelijk waren de drie grote zonnepanelen herkenbaar. Jammer dat de kijker nog niet afgesteld was, dan had iedereen kunnen kijken. Misschien een volgende keer?

 

Ondertussen werd het donkerder en donkerder. Vele M's en NGC's werden bekeken en van commentaar voorzien. We herinneren ons vooral een schitterend mooie M13, M92 en M5. Een massa spiraalstelsels, een schitterend mooie Ringnevel, Draaikolknevel., open sterrenhopen die het beeldveld vulden. Om nog maar te zwijgen van een overweldigend mooie Saturnus met een viertal manen, heel kort bij de planeet. We sloten af met specials zoals Cugnus x-1 (jawel, we hebben een zwart gat gezien....of juist niet gezien?) en een blik op Ceres, onze grootste planetoïde.

 

Een speciaal woordje van dank is te richten aan Fons voor de logistieke ondersteuning in de vorm van "een Fonske". Voor diegene die niet aanwezig waren, een "Fonske" is een lekkere jenever die de eerste koude even wegdrukt. Een heldere nacht, een goed gezelschap, een ganse fles "Fonske" en het antimuggenspul dat Jan bij zijn tweede aankomst meebracht maakte van het geheel een topnacht, een nacht met een hoog "wooow-gevoel"

 

Enkele tips voor een volgende kijkavond op de heide zijn:

  • Zorg er voor dat iemand aan jenever denkt
  • Zorg dat er iemand tegen de muggen is, want ze vreten u bijna op!
  • Zorg dat er geen onvoorziene geboortes voorvallen.
  • Wees een deel van het goede gezelschap
  • De rest gaat vanzelf.

 

Bedankt aan alle deelnemers voor het welslagen van een niet te vergeten kijkavond!!!

lier en kijker

Halternevel

melkwegstelsel

ring of halter

ringnevel M57

borrel kijkavond

gastelse heide 1

 

 

gastelse heide 4

gastelse heide 5

21:07 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

06-05-09

4e verbroedering Aquila-Noorderkroon

Net zoals de voorgaande jaren hebben de beide besturen van Noorderkroon-Achel en Aquila-Lommel de handen in elkaar geslagen voor alweer de vierde jaarlijkse verbroedering. Voor deze gelegenheid werd ook de voorzitter VVS, Stijn De Jonge uitgenodigd. Op de valreep liet hij echter weten niet aanwezig te kunnen zijn, maar voor een volgende editie zeker aanwezig te zullen zijn.

 Nadat iedereen plaats genomen had en een drankje besteld, kon het formele gedeelte van de avond van start gaan. We hadden twee sprekers, met twee uiteenlopende gespreksonderwerpen; Jan Hermans voor Noorderkroon beet de spits af. Zijn onderwerp: "Komt er nog een ijstijd?" We hadden voorzien dat na het eerste thema een korte drankpauze ingelast werd, om vervolgens de avond kompleet te maken met de gastspreker van Aquila, Josiane Claesen met het onderwerp " Titan & Cassini"

Komt er nog een ijstijd?

Jan begon zijn relaas met de opmerking een gewaagd onderwerp aan te snijden in het bijzijn van zo veel experts op dit gebied. Hij opende met een omgevingsbeschrijving van een stukje Europees grondgebied; het noorden van Nederland tijdens de laatste ijstijd. Even hilariteit toen iemand vroeg wie die foto gemaakt had...

Jan gaf een overzicht van gekende ijstijden, netjes in een  temperatuurgrafiek en besprak enkele ijstijden. We zagen op beelden hoever de ijskap, toentertijd, onze richting in kwam. We zagen sterk verlaagde kustlijnen, het zeespiegelpeil daalde tot -120 meter, waardoor er veel ondiepe zeeën droog kwamen te liggen. Door dit gegeven kregen de kustlijnen een heel ander uitzicht.

We zagen beelden van open gebarsten bodems, ijswiggen en hoe de vorming van een stuwwal in zijn werk ging. Onderzoeken aan stuwwallen in Nederland toonden één en ander aan. In Lutterzand, Twente, onderzocht men een zandafzetting van een stuwwal van ca. 18000-21000 jaar geleden  De studies van de zandafzetting resulteerde in een grafiek die het zand verdeelde volgens dikte, zodanig dat men het percentage "Loess"zand kon achterhalen. Uiteraard was de volgende vraag die men zich ging stellen: "Wat is hier de oorzaak van?". Er zijn een 9-tal theorieën:

 

••Zondvloedtheorie                                                     Zwerfstenen

••theorie van Venetz, Charpentier en Agassiz            Gletchers tot in dal

••Ijstijdtheorie van Simpson(1926)                             Minder zonlicht

••Milankovitch-kurves (1936)                                     Astronomische invloed

••Ijstijdtheorie van Plass(1956)                                   Invloed CO2

••theorie van Ewin & Donn(1958)                              Verdamping / neerslag

••Theorie van Wilson(1964)                                        Landindrukking tot onder zeeniveau

••Theorie van Tanner (1965)                                        Aanvoer neerslag aan rand van ijskap

••Theorie van Oerlemans (1980)                                 Indrukking en opvering van landmassa's

 

Jan concentreerde zich op de Melankovich theorie en de daarbij horende Melankovic-curve. Enkele beelden lieten zien wat er aan de hand is. De ene figuur toont de afwijkingen die van astronomische aard zijn en die in een samenspel ernstige verstoringen in ons aards klimaat teweeg kunnen brengen. De factoren die hier voor verantwoordelijk kunnen zijn: de kanteling van de aardas en de daarbij horende precessie, de variatie in de elipsbaan van de aarde om de zon, ....

Sporen  van snelle opwarming tijdens het interglaciaal werden zichtbaar door dooimeren en ijswiggen. Een volgende stap was het bekijken van de warmtepomp van de aarde: de Golfstroom. Jan toonde enkele beelden van een ingetekende golfstroom en liet toen de verschillende continentvormen zien in lang vervlogen tijden. Je kan je voorstellen dat de golfstroom ten tijde van  Pangea en Gondwana er heel ander uitgezien moeten hebben. CO2, nog een  ander verhaal ! Jan bekeek met ons de concentraties CO2  van 450.000 jaren geleden tot op hedendaags. De ijstijden zitten gemarkeerd in deze grafiek, je kan ze er duidelijk uithalen. Het gehalte CO2 is dus wel degelijk een referentie naar een ijstijd, maar.... Daar waar vroeger het CO2 op 300 PPM (parts per million - deeltjes per miljoen), zitten we nu al op een slordige 370 PPM en zal tegen 2100 op 725 PPM zitten. Dit brengt ons ( via Al Gore) naar Venus waar, zoals we weten, er een enorm broeikaseffect aan gang is. Maar, niet getreurd........de mens heeft al bewezen dat hij zich redelijk snel aanpast (zie afbeelding hiernaast).

 De uiteenzetting van Jan werd met applaus afgesloten. Er kwamen nog enkele vragen, maar de conclusie is dat we geen antwoord kunnen geven op de oorspronkelijke vraag"Komt er nog een ijstijd?". Wachten is de boodschap!     Bedankt jan, voor deze boeiende uiteenzetting!

 Na een korte pauze en de bijhorende "Donkere van Achel" (bedankt, Nico, voor de goede service!) en een klein debat over het al dan niet kunnen bestaan van zwarte gaten, kon het woord gegeven worden aan Josiane Claesen die het agendapunt van Aquila voor haar rekening nam. Josiane zou ons inwijden in:

 

Titan & Cassini.

Josiane liet weten dat het alweer vier jaren geleden is dar Cassini toekwam bij Saturnus en dat het stilaan de hoogste tijd werd om eens te kijken tot welke bevindingen de sonde is gekomen.

Titan zal het voornaamste item worden, maar Josiane begon met de moederplaneet Saturnus.  Op Saturnus waait altijd een oostenwind. Windsnelheden gaan  tot 500 km per seconde , Er zijn 61 manen, de  atmosfeer bestaat uit 93 % waterstof, 5%  helium en nog wat andere gassen. Saturnus blijft drijven op water, zo licht is deze planeet! Met zijn 120.000 km diameter  en een  rotatie van slechts 10u worden de banden die we op de planeet zien uiteengetrokken (minder dan Jupiter) Het ringenstelsel van Saturnus is  enorm uitgebreid. Ze bestaan uit stof en  ijsdeeltjes    Cassini - detailfoto's van duizenden ringen  - B-ring toont spaken De ringen hebben een diameter van 250.000 km en zijn slechts 200 m dik.

De stand van het ringvlak: op 4 september gaan we door het ringvlak (geen ring zichtbaar). De ringen worden in stand gehouden door maantjes zoals de Siamese tweeling: Ianus en Epimeteus. Twee brokstukken die in een wisselende baan zitten en die beide een ring in stand houden. Pandora en Prometeus houden de F- ring in stand. Het ene maantje heeft bergen en heuvels en geen kraters, het andere maantje net andersom. Op bewegende beelden zagen we welke impact de beide maantjes hebben op de F-ring. We zagen de spaken, waarvan eerder sprake. We zagen duidelijk dat de beide manen de ring beïnvloeden (verstoren) en uiteindelijk toch in stand houden. Andere voorbeelden waren: Atlas (zorgt voor de  A-ring), Encke houdt Pan open, enz. In elke opening in de ringen zit een maantje ( of meerdere).

Een grotere maan,  Dione (1000 km diameter) heeft haar kraters aan de verkeerde kant. We reflecteerde even over dit gegeven. Dione, zelf een maan, heeft twee manen in de Lagrangepunten L4-L5. Breuken in een relatief jonge krater (op Dione) tonen aan dat er recente geologische activiteit is.

 Helene en Polydeus zijn de maantjes die zich in de stabiele Lagrangepunten bevinden. We noemen dergelijke objecten Trojanen. Thetis, even groot als Dione met uitgesproken kraters (ééntje van 400 km) en Itaca shasma, een enorme vallei. Net als Dione zijn hier ook twee maantje is de Lagrangepunten. Josiane vergeleek Itaca Shasma met de Grand Canyon en Vallis Marineris Op Mars. Itaca shasma zit net tussen beiden in. Mimas, een kleine maan met een enorme krater (Herschell), Enceladus, een gegroefde maan met weinig kraters en tiger-stripes, geisers die de E-ring in stand houden. De geisers voeden de E-ring en deeltjes van de E-ring bombarderen op hun beurt weer Thetis. Iaputus met thermische segregatie (scheiding der stoffen door warmte) heeft een zeer langzame rotatie. Opwarming zorgt voor scheiding van de stoffen. Er is een enorme bergrug (lijkt op een noot!), die misshien een ophoging van materiaal zou kunnen zijn. Phoebe, eerste maan gefotografeerd door Cassini, zeer duidelijke beelden.

 Titan: We begonnen met een overzicht van beelden van Pioneer 11, Voyager zag slechts een oranje bolletje, Cassini met een IR-camera zag veel meer.  Titan toont oranje door afbraak van organische stoffen door het zonlicht. Titaan is de tweede grootste maan v h zonnestelsel met een diameter van   5000 km.  De atmosfeer is 600 km dik  (aarde 6 km), de  temperatuur is er  -180 C. Wolken van methaan zijn zo goed als nooit te zien op de evenaar, altijd bij de polen. Stikstof en methaan zijn de voornaamste atmosfeerbestanddelen. De 50ste fly-by bij Titan is pas geleden. Middels een hoop beeldwerk kregen we een duidelijke beeld van het oppervlak van Titan. Aan de hand van kaarten en beelden van de maan verkenden de enkele gebieden. We kregen zelfs melding van regen (methaanregen in Xanadu).

 Belet (een zandzee),  Dilmann, Shangri-la (meerdere zeeën), Xanadu: allemaal gebieden die we terugvinden op Titan. We hebben ze één voor één bekeken. Er zijn bergketens die klimaatinvloeden uitoefenen. Er zijn stromingspatronen die uitmonden in meren. Er is zelfs weet van een rimpelloos meer gevuld met ethaan (Ontariomeer). Duinenvelden die een uitzicht hebben zoals we duinen kennen, hier op aarde. Aan de hand van stereobeelden poogt men reliëfkaarten te maken van de omgeving. Het spijtige van het hele verhaal is te schrijven op het conto van de Huygens-sonde. Huygens had twee kanalen voor de communicatie. Een programmeur maakte de kapitale fout te vergeten dit kanaal beschikbaar te maken. Zodoende kon Huygens slechts de helft van de foto's (350 stuks) doorzenden. De meeste meetgegevens en de andere reeks van 350 foto's moesten door het tweede kanaal: allemaal verloren gegaan. We zagen de beelden genomen tijdens de decent en na de landing. We zagen groeven, netjes uitgelijnd t.o.v elkaar, duinen (16.000 beelden van stukjes duin), meren, stromen, vulkanen van methaanijs, bergketens, winden van west naar oost (studie van de duinen). Koolwaterstofverbindingen zijn de korreltjes die de duinen vormen. We bekeken de diameters van verschillende kraters waarbij opviel dat er één bijzat die geen centrale berg heeft....heel vreemd.

Josiane keek even met ons mee naar de volgende plannen met betrekking tot Titan en nam ook even tijd om terug te kijken naar de echte pioniers die dit gebied al aandeden. De Voyagers met hun universele boodschap aan boord (Even een kleine discussie of de LP al uitgestorven is of niet....volgens onze voorzitter nog niet...), de Pioneer 11 ( had ook een plaquette mee). Pioneer 11 is momenteel op weg naar Lamda Aquila:  aankomst over 4.000.000 jaren!!!!.

 

Met dit gegeven sloot Josiane haar uiteenzetting (ook onder luid applaus) af en kreeg van Noorderkroon een fles wijn overhandigd voor haar verdienste. De voorzitter van Aquila na als laatste het woord en nodigde ons nu al uit voor de 5e verbroedering, volgend jaar. We hebben deze uitnodiging uiteraard met beide handen aangegrepen.  Dank zij beide sprekers en uiteraard ook dank zij de aanwezigen kunnen we besluiten door de stellen dat ook deze bijeenkomst zal mogen schitteren in de analen van beide verenigingen.  Beide sprekers, nogmaals bedankt en heel graag tot volgend jaar!!!

                                                                                                                                    LBe

18:34 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

25-04-09

Planeet kwijt?????

24042009185

 

We worden verwend, dit jaar: weer een uiterst heldere en stabiele hemel tijdens onze kijkavond van April. Aangezien we Mercurius op het programma hadden staan, was het kwestie van te starten bij daglicht. Maar goed.....de koepel bleef ons parten spelen. Eerst muurvast gelopen, toen volledig uit zijn loopvlak! Na veel schorren viel de koepel terug op z'n plaats en kwam er een beetje schot in de zaak. Niet veel, gelukkig maar dat we verleden zomer een lier geïnstalleerd hadden. We hebben er gebruik van moeten maken. Na een hele poos boven op het dak van de sterrenwacht de hemel afgespeurd te hebben (Mercurius was onvindbaar....) zijn we overgeschakeld naar de sterrenhemel. De allereerste sterren dienden zich aan en de kijker werd omgezet, op zoek naar andere planeten. Het viel op dat we een magistraal beeld van Saturnus konden aanbieden aan de deelnemers. Zelfs de schaduwband van de ringen was te zien. Na een poosje de planeet bekeken te hebben zijn we allemaal op de balustrade van de sterrenwacht gaan staan en hebben de gehele zichtbare sterrenhemel eens onder de loep genomen. Van het ene sterrenbeeld naar het andere. We hebben gebruik gemaakt van referentielijnen om uit te komen op minder groten en heldere sterrenbeelden. Gezien het enthousiasme, geen overbodige oefening. We hebben meteen gebruik gemaakt van de situatie om de deelnemers warm te maken voor de kijkavond op de Gastelse heide ( voorzien eind mei). We mogen concluderen dat, ondanks de koepeltoestanden, het een heel geslaagde avond was!

 24042009184

2404200918624042009188

 

24042009189

24042009187

 

15:24 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

22-04-09

Bloesemtocht en nog veel meer!!!!!!!



Zaterdag, 18 april 2009. Jan Hermans had voor onze kring een goed gevulde agenda klaar liggen. Het weer was een beetje aan de twijfelende kant, maar dat kon ons niet remmen. Om kwart na acht vertrok onze bus richting Alden Biezen.

 DSCF4701

Toen we aankwamen was het nog grauw en grijs, de weergoden leken de traditie van zon tijdens de Noorderkroon-uitstap te willen doorbreken. We waren goed op tijd…..de allereerste gasten van Alden Biezen waren in stijl gearriveerd. Langs de “Maastrichterallee” maakten we in stijl (te voet…) onze opwachting. Aangekomen bij de toeristische informatiedienst pikten we onze gids op en het kon beginnen.

 

Aan de maquette kregen we uitvoerig de uitleg over de brand die het kasteel teisterde in 1971.

 DSCF4699

“Eigenaar jonkheer Armand Roelants du Vivier leidde er een teruggetrokken en sober bestaan. Door verwaarlozing en onmacht takelde het eens zo trotse bouwwerk snel verder af. Toen gebeurde het drama! Op maandag 8 maart 1971 werden bezoekers verwacht. Er zou gepraat worden over een eventuele aankoop van het goed door de Belgische Staat. De eigenaar wilde op die koude winterdag zijn gasten "warm onthalen". Hij liet vuren aansteken in de open haarden van het kasteel, vergetend dat sommige in geen jaren meer waren gebruikt. Een schouwbrand bereikte het dakgebinte en het vuur verspreidde zich over daken en zolders in het ganse gebouw.
De brandweer kampte met watergebrek. De dorpsbewoners redden uit de brand wat ze konden, zoals een aantal waardevolle portretten en schilderijen. Tegen de avond restten er van de waterburcht slechts zwartgeblakerde muren en rokend puin. Alden Biesen had in de zeven en een halve eeuw van haar bestaan nooit zo'n troosteloos dieptepunt gekend.”


Na dit betoog kregen we een rondleiding doorheen het gerestaureerde kasteel en de omliggende gronden. Meermaals kregen we van onze gids te horen (met de nodige dankwoorden!) dat we allemaal mede-eigenaars zijn  van dit schitterende complex. Het hele patrimonium is eigendom van de  Europese Unie. Dat het een lieve duit gekost heeft om de sporen van de brand uit te wissen, weten we nu ook: niet minder dan één miljard (oude Belgische franken, weliswaar) waren nodig om het één en ander terug in oorspronkelijke staat te brengen. Niet alles is gerestaureerd, dat zou onbetaalbaar zijn. Eén heel speciaal vertrek werd toegelicht (met prijskaartje). Het was een relatief klein vertrek, onder een hoektoren. Hier werd alles terug in oorspronkelijke staat terug gebracht. Damasten wandbekleding, een vergulde luster, parketvloer en een heel uitgewerkte plafond. Kostprijs voor dat ene vertrek: 900.000€ (en dat is geen typefout!!!!)

 DSCF4720
DSCF4719

Op de binnenkoer was men alles in gereedheid aan het brengen voor een opera. Om de zon en eventueel regen tegen te gaan heeft men iets unieks in Europa geïnstalleerd: een viertal reusachtige omgekeerde paraplu’s die de  neerslag afvoeren door de centrale mast.

 De rondleiding werd afgesloten met een bezoek aan de Engelse en de Franse tuin. Aansluitend genoten we op het domein van een lichte lunch, om dan onze dagtrip verder te zetten doorheen het Haspengouwse landschap, onder de noemer “bloesemtocht”. DSCF4746

De vele fruitbomen die de streek rijk is stonden bijna allemaal in de bloei. Een schitterend zicht, af en toe afgewisseld met bomen die vol zaten met maretakken. Nog een streekeigen product! Niet dat we moeten denken “dat hebben wij niet”, want Jean-Pierre Sleurs liet weten ook de trotse eigenaar te zijn van enkele bomen waarin hij de maretak heeft (met een beetje hulp van hemzelf).

DSCF4763
De volgende stop was voorzien in Sint Truiden. Als eerste bezochten we de kerk van het Begijnhof. Ook hier weer een gids die ons van alles wist te vertellen over het kerkje. Een heel huiverig verhaal over “Agatha”, het paradijspoortje, een kerk waar CD-opnames gemaakt worden, enzovoort. Een boeiende en leerrijke stop. Van het kerkje wandelde we enkele meters verder naar de volgende halte op onze reis: het Festraetsuurwerk, een wonder van techniek! Het astronomisch compensatie-uurwerk in St Truiden is het grootste en het volmaaktste astronomisch compensatie-uurwerk dat tot nu toe vervaardigd werd. Het is 6m16 hoog, 4m lang en 2,50m breed. Het weegt 4000kg en bevat meer dan 20.000 onderdelen. De beeldjes aan de voet van het uurwerk stellen de jaargetijden voor. Ze luiden de klokken ieder kwartier. Op het uur slaat de grote klok. Rechts boven bevindt zich de mechaniek van het beiaardslagwerk, links die van het slagwerk. In het midden boven de grote klok, zit het kwikcontact. Op de 19de minuut na ieder uur komt dit in beweging. De motor zorgt nu voor de elektrische opwinding van de 3 gewichten (85 kg) aan de zijkant. 5m hoog prijkt het schild met het uur met een fabel van La Fontaine : de Haas en de Schildpad. In de hoeken ziet u de eerste vier Belgische vorsten. Daarboven zit een mechanische zonnewijzer.

 DSCF4766

Elektrisch licht vervangt zonlicht. Het is de schaduw van de stand die wijst naar het uur van Greenwich. Op 6m hoogte lezen we "tempus fugit" , "de tijd vliegt heen". Op het uur verschijnt Pietje de Dood die met zijn zeis zwaait en komt de stoet der middeleeuwse ambachten te voorschijn. Voorop de magistraat die met zijn degen salueert, gevolgd door de twaalf ambachten: de beenhouwer, brouwer, bakker, lintverkoper, kleermaker, pelzenmaker, schoenmaker, smid, timmerman, vetter, verver en wever.

Aan de linkse kant van het grote uurwerk staat een opstelling met een schip. Het schip is 7m lang met in de romp 24 ramen. De bovenste ramen omlijsten 12 wereldhavens. Golfjes bewegen (hoog en laag water). In het raam vlak eronder zit een wijzerplaat die het uur van eb en vloed aangeeft. Dit wordt veroorzaakt door de aantrekkingskracht van zon en maan. Bij nieuwe en volle maan (springtij) werken zon en maan beide in dezelfde richting. In de kwartierstanden van de maan werkt de zon tegen en ontstaat doodtij. Het panorama schuift weg. Het schip reist naar een andere wereldhaven: golven gaan op en neer en ’s nachts, in het midden van de oceaan, breekt een onweer los: een bliksemschicht doorklieft de lucht .
In Saigon doet het verschijnsel van eb en vloed zich eenmaal daags voor. De andere havens hebben dubbele of halfdaagse getijden. Er zijn ook gemengde getijden, waarbij het getij nu eens enkel, dan weer dubbel daags is. In de Middellandse Zee, zoals in Marseille of Napels, zijn de getijden gewoonlijk niet of nauwelijks waarneembaar. Is het in Oostende hoog water om 0 uur, dan is het in Londen hoog water om 1.52 uur, in Antwerpen om 3.20 uur, in Shanghai om 17.20 uur. De cijfers zijn aangebracht op al de wijzerplaten. Is het in Oostende laag water om 6.50 uur, dan is het in Londen laag water om 7.6 uur, in Antwerpen om 7 uur, in Shanghai om 7.40 uur. De wijzers op de uurplaten draaien in de richting van de wijzers van de klok. Bevindt de wijzer zich in de rode sector, dan loopt het water op; staat de wijzer in de witte sector, dan loopt het water af. Meestal heeft het water meer tijd nodig om af te lopen, dan om op te komen.  In het bovenraam ziet u golfjes op hetzelfde uur als je die in werkelijkheid in Londen kunt waarnemen.

De slinger van Foucault is weer een andere opstelling. Om u een idee te geven wat de slingerproef van Foucault inhoudt, bevindt er zich aan de linkerkant een minislingertje. Rechts van dit slingertje staat een jongetje tegen een lantaarnpaal geleund, terwijl hij naar het slingertje kijkt. Een slinger in beweging blijft altijd in dezelfde richting schommelen, zelfs wanneer het ophangingpunt in beweging wordt gebracht. Het punt waaraan het minislingertje ophangt, draait rond: u ziet het aan de vlaggetjes. Maar de slinger zelf blijft in dezelfde richting schommelen. Dit is de merkwaardige eigenschap van de slinger, nl. dat hij niet van zijn richting afwijkt. Het jongetje denkt dat het de richting van de slinger is die afwijkt. Aan de Noord- en Zuidpool blijft het slingervlak onveranderlijk. De aarde draait onder het slinger- vlak door in 23.56'4" uur. Aan de evenaar zelf treedt het effect niet op. De grote slinger in het midden toont hoeveel graden per uur de aarde in Parijs ronddraait onder het vlak van de slinger van Foucault, met name 11°25’.

De jaarlijkse beweging van de aarde om de zon .De aardbaan is elliptisch en in één der brandpunten staat de zon, hier een witte bol. Moest de aarde zo blijven stilstaan, dan zou de ene kant van de aarde eeuwig dag hebben en de andere eeuwig nacht. De denkbeeldige as, waarrond de aarde draait, heeft een helling van 23°27'. Wij zijn in de zomer 5 miljoen km verder van de zon verwijderd dan in de winter, maar in de zomer schijnen de stralen van de zon rechtstreeks op de aarde. De belichting toont dat gans de noordpoolcirkel ononderbroken dag heeft en de zuidpoolcirkel ononderbroken nacht. 10° verder op de 2de juli zijn wij in het aphelium. Dan zijn wij het verste van de zon verwijderd, 152 miljoen km. De 23ste september begint de herfst. Wij komen nu in het sterrenbeeld van het zuidelijk halfrond. De snelheid van de aarde bedraagt 30,270 m/sec. In de winter zijn wij dichter bij de zon dan in de zomer, maar dan schijnen de zonnestralen schuin op de aarde. De belichting is nu het omgekeerde van in de zomer. Nu is het ononderbroken dag aan de zuidpoolcirkel en ononderbroken nacht aan de noordpoolcirkel. 10° verder, op 2 januari bevinden wij ons in het perihelium, het dichtst bij de zon, 147 miljoen km. Ieder jaar legt de aarde in haar omwenteling om de zon 940 miljoen km af.

DSCF4782
Na de voorstelling van het astronomisch uurwerk was het tijd om naar het Stedelijk Museum te wandelen voor een bezoek aan de tentoonstelling “ appelen met  zwembandjes”. Het was een verzameling van oude fruitsorteermachines, verdelgingstoestellen, snoeischa-ren, enzovoorts. Hier was geen gids: de tentoonstelling is zodanig opgesteld dat je vrij je eigen weg kan kiezen.
In een apart, aanpalend vertrek waren streekproducten te koop.  Streekproducten die allemaal met fruit te maken hadden.

 

 Na dit korte bezoek waren het maar enkele tientallen meters naar de volgende stop. Jawel….nog een bezoek aan een museum. Jan had gezien dat op de hoek van de straat een militair museum haar deuren open had voor het publiek, dus…..

 DSCF4787

Eenmaal binnen viel meteen op dat het een luchtvaartmuseum was. We kregen spontaan een hele uitleg van een oudgediende die de oorlog meegemaakt had als kadet.  We kregen een volledig verhaal, van in “den oorlog” tot aan prins Filip, Frank Dewinne en een hele hoop hooggeplaatste die allemaal opleiding hadden gekregen van onze gids (Luc Vanhove). Hij eindigde zijn betoog met moraal en waarden en betreurde de afschaf van de dienstplicht. Het was een mooie surplus. Je vraagt je af hoe Jan dit allemaal bijeengeraapt heeft gekregen. Na het bezoek aan dit museum werd de finale etappe ingezet. We gingen eten in de afspanning “Het Speelhof”. Na deze smakelijke pauze waren onze laatste voetstappen richting bus een beetje vochtig; het was gaan regenen. Niet getreurd…..we hadden een schitterend mooie dag achter de rug. Tijdens de terugrit werd Jan bedankt voor zijn inzet voor het welslagen van onze zoveelste jaarlijkse uitstap.

DSCF4761

DSCF4708DSCF4697

 

DSCF4721

20:44 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (1) |  Facebook | |

06-04-09

Een mega-explosie!!!!!

Verslag van de bijeenkomst van 13 maart 2009

Open agenda

  • 1. Hoe kan een ster met meer dan 10 x de zonnemassa ontstaan?
  • 2. Waarom lijkt de opkomende zon of maan groter dan wanneer ze op grotere hoogte staat?
  • 3. Hoofdthema van de avond; "toengoeska, 100 jaar geleden" door Jan Hermans.

Op de vraag "Hoe kan een ster met meer dan 10 x de zonnemassa ontstaan?" waren de meningen een beetje verdeeld en dienen we enig opzoekwerk te verrichten. Jan redeneerde dar wanneer een samentrekkende massa haar kritisch punt bereikt heeft en effectief kernreacties opwekt (we hebben op dat moment een ster) er eigenlijk geen verdere toename in massa kan zijn. Lambert vermoedt dar we het moeten zoeken in het spectraaltype van de betreffende ster (samenstelling en energiehuishouding). We komen hier een volgende keer even op terug.

 Vraag twee "Waarom lijkt de opkomende zon of maan groter dan wanneer ze op grotere hoogte staat?" bracht bij sommige aanwezigen een verbaasde blik. Bij rondvraag kwamen de meeste aanwezigen uit bij de stelling dat de atmosfeer ons parten speelt.  We weten daarentegen dat het niet de atmosfeer, maar onze eigen hersenen zijn die ons parten spelen. Het is gewoon een kwestie van referentiepunten zien, herkennen en vervolgens gewoon gegevens complementeren. Wat "zien" onze hersenen?  Een voorbeeld: de maan komt op en lijkt wel driemaal groter dan afgelopen nacht toen ze hoog aan de hemel stond. We gaan de omgekeerde lichtweg eens volgen: je kijkt naar een opkomende maan en je ziet op een twintig meter afstand het huis van je buurman. Een beetje verder zie je het tuinhuisje van de buurman. Nog verder weg zie je enkele bomen, nog verder weg een kerktoren en heel ver weg een bosrand met daar net boven onze opkomende maan. Terwijl je dit alles in één oogopslag ziet zijn je hersenen al op volle toeren aan het rekenen. Ze schatten de afstanden van alle objecten tussen je oog en de opkomende maan en maken daar bij wijze van spreken een "kaart" van. En dan opeens die maan. Geen gegevens over de afstand van die maan, dus worden ze ingevuld ( natuurlijk veel te kortbij) en je hersenen vertellen je dat de maan groter is dan ze in werkelijkheid is. Wil je dit even testen? Geen probleem! Neem een digitaal fototoestel en fotografeer de opkomende maan en doe hetzelfde als de maan rond middernacht een heel pak hoger aan de hemel staat. Bekijk deze opnames en meet desnoods met een schuifmaat ( ga maar gerust naar tienden van een millimeter) en je zal zien dat beide afbeeldingen exact even groot zijn. Nog een test? Geen probleem! Bekijk dezelfde scene maar ga dan op je rug op een tafel of iets dergelijks liggen en bekijk het hele gebeuren ondersteboven. Je hersenen herkennen ineens het huis van de buurman (en alle andere objecten daarna) niet meer en gaat ook niet rekenen, maar geeft je een realistisch beeld: een kleine maan! Een leuk experiment dat je zelf kan uitvoeren. Je zal tot de conclusie komen dat niet alles wat je ziet ook werkelijk dat is wat je ziet.

Jan Hermans kreeg het woord. Zijn relaas over:

Toengoeska 100 jaar geleden.

  Vroege ochtend van 30 juni 1908: Bewoners van Noordwest-China en Mongolië worden opgeschrikt door een zeer fel blauwwit licht met een rookpluim erachter dat met bulderend geraas en grote snelheid langs de hemel schiet. Het is cilinderachtig ovaal van vorm. Boven Rusland is het erg laag (5°) Als het dan even later achter de horizon is verdwenen, stijgt een zwarte rookwolk op waaruit een enorme steekvlam komt, gepaard met een hevige hittestraling. Dan volgen een aantal zware explosies, waarvan de tweede  de krachtigste is. Een enorme zuil van vuur en stof steeg kilometers hoog op. De klap was tot honderden kilometers ver te horen.

De verwoestende kracht was zo enorm dat ze over de hele wereld werd gemerkt.  Seismografen pikken de trillingen op. Het aardmagnetisch veld wordt verstoord. De zons-op en ondergangen zijn dagenlang opvallend fel gekleurd. De lucht vertoont lichtgroene, gele en roze tinten. Uit Europa komen berichten over "witte, lichte" nachten.  In Nederland wordt op 30 juni melding gemaakt van "een golvende massa" boven de horizon. In Londen denken sommigen dat er een grote brand in het noorden van de stad woedt. In Antwerpen lijkt na zonsondergang de hemel in brand te staan. Inwoners van Londen en Parijs konden de dag na de explosie s'nachts hun krant lezen, en drie nachten achtereen werd het in Europa niet helemaal donker.

De drukgolf ging vermoedelijk twee tot driemaal de aarde rond en de uitdeinende hittestraling, als gevolg van de explosie, werd honderden kilometers verder gevoeld. 

Wat was het en waar gebeurde dit?

Toengoeska in Siberië.

In het westen werden allereerst de seismische trillingen toegeschreven aan een mogelijke aardbeving. Er was geen directe andere verklaring want...

Een geluk bij een ongeluk was dat dit voorviel in een nagenoeg onbewoond gebied. (Afgezien van een oude rendierherder op ca. 30 km van de inslagplaats die door de kracht van de ontploffing 12 meter hoog in een boom werd geslingerd en hieraan overleed, is er niets bekend over menselijke slachtoffers). Meer gegevens zijn slechts op 2 manieren te verkrijgen, door getuigenverklaringen en aan de hand van  plaatselijk onderzoek. 

1: Getuigenverklaringen van nomaden die toen in het gebied bivakkeerden:  "opeens werd het boven de heuvel, waar het bos al omgevallen was, heel erg licht, alsof er een tweede zon was verschenen - het deed pijn aan mijn ogen en moest ze zelfs bedekken. En opeens weer een zware donder. Dat was de tweede slag. Het was een zonnige ochtend, zonder wolken, onze zon scheen helder en opeens was daar een tweede zon. In het noorden spleet de lucht in tweeën en hoog boven het bos leek de hele noordelijke hemel met vuur bedekt te zijn. Op dat moment voelde ik een grote hitte, alsof mijn hemd in brand gevlogen was, deze hitte kwam uit het noorden. Ik wilde mijn hemd uittrekken en weggooien, maar op dat moment was er een knal in de lucht, en een enorme klap was te horen. Ik werd ongeveer zeven meter weggeslingerd en verloor het bewustzijn. De klap werd gevolgd door het geluid dat leek op stenen die uit de lucht vallen, of kanongebulder. De aarde beefde en ik bedekte, liggend op de grond, mijn hoofd omdat ik bang was dat er stenen op zouden vallen."

Andere nomadengetuigenis: " ik zat net buiten toen ik een geweldige lichtflits zag, die seconden lang duurde. Deze was boven de noordwestelijke horizon te zien. Kort daarna voelde ik en mijn buurman een gigantische hitte en verscheen er een paddenstoelachtige vuurbol boven de bomen. Ik voelde vreemde tintelingen en verloor kortstondig het bewustzijn. Toen ik weer bijkwam en opkeek, zag ik een gigantische wolk in de lucht en hoorde ik een daverend gerommel. Mijn rug was verbrand. De hele aarde beefde en in de grond kwamen scheuren." en  "opeens klonk korte tijd een zeer luid gekraak... het was de eerste donderslag die we hoorden. De aarde begon te trillen en te schokken, een geweldige rukwind smeet onze tsjoem  (kegelvormige nomadentent) om. Toen zag ik iets vreselijks: de bomen sloegen om, de takken brandden. Het was heet, zo heet dat je bang was te verbranden. Opeens werd het op de plaats waar de bomen omgeslagen waren licht, alsof een tweede zon aan de hemel was verschenen.

 De bewoners van de Vanavara nederzetting getuigden: "het gehele noordelijke deel van de hemel werd verlicht door een vuurbal waarvan het licht sneller was dan de zon. De hittestraling was zo hevig dat we vreesden dat onze kleding vlam zou vatten. Tegelijkertijd voelden we de grond onder onze voeten trillen en schokken en hoorden we donderende geluiden als van een zeer zwaar onweer."

Een trein van de Trans-Siberische spoorweg moest stoppen omdat de spoorbaan zo hevig trilt. De explosie had het equivalent van een kernbom van 10 megaton d.w.z. 500 keer de energie die vrijkwam bij de atoombom op Hiroshima. Sommige bronnen vermelden dat latere onderzoeken en berekeningen aan het licht brachten dat deze explosie een kracht van wel 40 megaton zou heben gehad, d.w.z. 2000 keer de Hiroshima bom. Zoals gewoonlijk zijn hierover de meningen verdeeld.

Ter vergelijking: een meteoriet die zo'n 50.000 jaar geleden in de Amerikaanse staat Arizona neerkwam, had een kracht van "slechts" 3,5 megoton met een doorsnede van 1,6 km.

Bewoners rond het Baikalmeer, (een enorm uitgestrekt zoetwatermeer in het zuiden van Siberië ongev. zo groot als België)

Weinig dagen na de gebeurtenis waren de rivieren in de omgeving gezwollen alsof er ergens een immense dooi was ingetreden. Volgens een lokale boer hadden rendieren, na de catastrofe, een rare ziekte opgelopen. Ze hadden gekke zweren en gezwellen gekregen en planten en gewassen waren er reusachtig gegroeid. De vuurbal werd ook gezien door een nomadische Mongoolse stam de Tungas geheten die toen dit gebied bevolkten. Deze stam werd het zwaarst getroffen door de explosie. Zij hadden te kampen met bosbranden die weken aanhielden en ongev. 1600 km² verwoestten. Ze verloren heel wat rendieren en tenten.

 2: Plaatselijk onderzoek

 Verder onderzoek blijft uit omdat het tsaristische Rusland van toen wel wat anders om het hoofd had dan een expeditie organiseren naar een ver en onherbergzaam gebied. Er heerste politieke onrust, een wereldoorlog dreigde en de Russische revolutie was niet ver af (1917).

Een reis naar dit desolate gebied was begin de 20e eeuw geen sinecure. De technische middelen waren beperkt en de logistiek nauwelijks of niet voorhanden.

Pas in 1921, na de eerste wereldoorlog en de Russische revolutie, wordt de draad weer opgepikt en kreeg de mineraloog en meteorietenexpert Leonid Kulik (zie afbeelding) de toelating van het Sovjet regime om een expeditie naar dit gebied op te zetten. Aan de hand van oude krantenberichten vermoedde Kulik dat er in 1908 in Siberië een bijzonder grote meteoor moest zijn neergekomen. Dit was ook de meest aanvaardbare hypothese en met de hulp van wetenschappers, ooggetuigenverslagen en de expertise van een astronoom, wordt het vermoedelijke epicentrum of inslagpunt bepaald. Na 6 jaar voorbereiding kan de expeditie echt van start.

Het is een zware reis. Maart is speciaal uitgekozen. Ervoor is er te veel sneeuw, later is het vergeven van de muggen.

Te Kansk (met Trans Siberische Spoorlijn) vertellen ooggetuigen dat hij nog 600 km Noorderlijk moet. Daar ligt de handelspost Vanavara. Deze tocht moet met de paardenslee en een gids.

Vanuit Vanavara is het nog eens 7 km. noordelijker en dan komt hij aan de rivier en ziet voor het eerst het getroffen gebied, na 19 jaar. Het valt hem op dat, zover het oog reikt, alle bomen er plat liggen en dat alles er verschroeid is.

 Het blijkt een gebied van 2200km2 . Als de expeditieleden vragen stellen aan de lokale bevolking weigeren sommigen zelfs te praten over het gebeurde en enkelen ontkennen het geheel. Er blijkt een behoorlijk taboe op te rusten en veel "Evenken" zagen deze gebeurtenis als een straf van OGDY, hun vuurgod, die weer zal toeslaan als men het gebied binnendringt. De gids wil niet verder naar de vermoedelijke inslagplaats.

Kulik zet door en met een andere gids bereikt hij uiteindelijk in mei ground zero (bodempunt nul). Het epicentrum gaf een desolate aanblik, volledig ontvolkt van mensen, dieren, planten en vogels. Tot zijn grote verbazing staan er alleen op "ground zero" nog geblakerde stammen rechtop, allen ontdaan van bladeren en takken, maar van een inslagkrater of meteorietresten is in heel de omgeving geen spoor te bekennen. Verder onderzoek naar meteorietresten is dan onmogelijk. Het is er enorm moerassig en hij heeft hiervoor geen uitrusting. De tocht duurt langer dan gepland en er gaat natuurlijk geen informatie naar Moskou. De academie wordt ongerust en denkt dat de expeditie volledig mislukt is.

In juni 1927 komt hij terug in Vanavara. Hun bevoorrading was door de extra tijd intussen opgeraakt en ze hadden zich moeten levend houden door het eten van poetsk,(een taigaplant) eenden en vis die ze ter plaatse vingen, maar....De expeditie was niet mislukt. Er was genoeg reden voor een vervolg. In 1928 gaat hij terug naar ground zero met een zoöloog en een filmer. Nu werden er veel foto's gemaakt.  In 1929 opnieuw en nog beter uitgerust werd er heel veel wetenschappelijk werk gedaan. Er werd gegraven, geboord, water gefilterd, hars geplukt, bomen gezaagd enz. maar geen sporen van een meteoriet of resten ervan.

Terug in Moskou zonder meteoriet valt het onderzoek stil. De academie voor wetenschappen heeft geen interesse meer.  Kulik gaat later nog wel eens opnieuw naar Toengoeska. vooral om luchtfoto's te maken. Tijdens de 2de WO sterft hij in 1942 in een Duits krijgsgevangenkamp.

Verder onderzoek

De grondmonsters die Kulik nam in 1928 zijn pas na 1957 in het laboratorium onderzocht en er werden kleine bolletjes (paar mm) silicaat en magnetiet in gevonden. Hierop doet tussen 1958-1962 (geochemicus) Florensky systematisch bodemonderzoek in Toengoeska op zoek naar die kleine bolletjes, maar vindt niets van wat in het lab werd gevonden. Conclusie: Monsters van Kulik zijn naar alle waarschijnlijkheid verwisseld me meteorietmonsters van Sikhot-Alinbergen die in 1947 is gevallen. Vanaf de 1ste expeditie in 1927 is er veel grond afgegraven, bomen gekapt, veen onderzocht, valrichting nagegaan, boomhars bekeken, boomringen beoordeeld, energieschattingen en berekeningen gemaakt, maar dit alles heeft geen exacte verklaring opgeleverd.

 DE POST-KULIK PERIODE.

 Er werden nog enkele expedities naar het Toengoeska-gebied uitgezonden maar er kon geen overtuigend bewijsmateriaal gevonden, zeker niet wat de meteorietinslaghypothese betreft. 

Na de beëindiging van de koude oorlog kwamen ook geleerden uit het Westen er hun licht opsteken. De cruciale vragen die de vele wetenschappers bezighielden en nog steeds bezighouden zijn:

  • ~ Wat veroorzaakte deze gigantische explosie ?
  • ~ Wat voor soort energie richtte deze verwoestingen aan ?
  • ~ Was het kinetische, chemische of misschien zelfs kernenergie ?

Bij velen ontstond het vermoeden, ook Kulik speelde al met deze idee, dat het object wat het ook mag geweest zijn, boven het aardoppervlak moest zijn geëxplodeerd. Latere onderzoeken en ook simulaties in laboratoria, bevestigen deze stelling.

Men schat dat de explosie moet hebben plaatsgevonden op circa 8 kilometer boven het aardoppervlak.

 Hypotheses

De hypothesen omtrent de oorzaak van deze catastrofe zijn legio, maar we gaan nu proberen de meest voor de hand liggende en ook een paar onwaarschijnlijke oorzaken, nader toe te lichten.

 Was het methaangas?

Methaan of moerasgas heeft een geologische oorsprong en is ontstaan uit vergane resten van organisch materiaal. Vooral in sedimenten op de oceaanbodems en in permafrostgebieden zoals bij Toengoeska, bestaan hele grote methaanvoorraden. De Duitse astrofysicus Dr. Wolfgang Kundt is er van overtuigd dat deze ramp werd veroorzaakt door de ontsnapping van 10 miljoen ton methaangas. Naar zijn mening is deze enorme hoeveelheid gas snel vrijgekomen en ontploft. Dit methaangas dat onder het permafrost zit staat vaak onder hoge druk door de dikke ijslaag, zoals methaan op de zeebodem onder enorme waterdruk staat. In aanraking met water kan er dan methaanhydraat ontstaan. Door een kleine verstoring v.b. beweging in de grondlagen, kunnen deze gashydraten uiteenvallen in water en methaangas dat ontsnapt en makkelijk ontvlambaar is. Een lokale ontploffing van dit gas zou dan een kettingreactie hebben teweeggebracht. Iets dergelijks heeft zich ook al eens in Noorwegen voorgedaan. Zo'n 7 à 8000 jaar geleden veroorzaakte  een zeer krachtige explosie van methaangas voor de Noorse kust een. Dit kan gebeuren als de druk van het methaangas groter wordt dan de druk van enorme aardverschuiving het zeewater erboven. Dan ontstaat een explosie waarbij methaangasbellen naar het wateroppervlak stijgen. Deze hypothese zou een redelijke verklaring kunnen zijn voor het aantal explosies, de drukgolf en de daaropvolgende hittestraling, maar verklaart niet alle fenomenen die vóór de explosie en achteraf werden waargenomen

 Was het een exploderende meteoriet?

Aanvankelijk was de meteoriet of asteroïde hypothese de meest voor de hand liggende. Volgens wetenschappers komt onze planeet éénmaal om de 200 tot 1000 jaar in aanraking met een rotsblok uit de ruimte. Het raadselachtige was, dat gezien de enorme omvang van de explosie, deze meteoriet een brok steen of ijzer moest geweest zijn van minstens 30 meter doorsnede. Sommige bronnen vermelden zelfs 60 en 70 meter, maar hierover zijn de meningen ook weer verdeeld. Deze stelling kwam op losse schroeven te staan omdat er nooit een impactkrater of meteorietfragmenten werden teruggevonden. Zoals reeds aangehaald hebben zowel Kulik als andere onderzoekers ooit iets op het terrein kunnen terugvinden. De idee, als zou een meteoriet in de dampkring uit elkaar zijn gespat door verhitting met atmosferische moleculen, is beslist haalbaar als er tenminste voldoende kinetische energie werd opgewekt d.w.z. een snelheid tussen de 35000 en 250000 km per uur bij het binnenkomen van de atmosfeer. En dan nog zou deze substantie niet helemaal verdampen en moet er nog een restant overblijven. Uit ooggetuigenverslagen valt echter op te maken dat het object zich iets sneller dan het geluid had voortbewogen, dus veel geringer dan bij een meteoriet. In dit geval verdampt het object niet en slaat het op de aarde te pletter, met als gevolg een enorme krater. Tot besluit kunnen we zeggen dat een meteoriet of asteroïde inslag als oorzaak van het hele gebeuren niet voor 100 % verdedigbaar is

  • ~ Er zijn steenmeteorieten en metaalmeteorieten.
  • ~ Als er magnetiet werd gevonden duidt dit op aanwezigheid van metaal.

 Was het een ingeslagen komeet?

Kometen, in tegenstelling tot meteorieten en asteroïden, bestaan uit gruis en stof bijeengehouden door ijs van water, methaan en ammoniak. Als een komeet of een fragment ervan in de aardatmosfeer terecht komt worden de meeste bestanddelen verdampt. Dit zou verklaren waarom er op het terrein niets werd teruggevonden. Ook de staart van de komeet die bestaat uit kosmische stofdeeltjes, zou verantwoordelijk kunnen zijn voor de vreemde lichtverschijnselen in de nachten na de explosie. De Russische geoloog E. Kolesnikov heeft in turflagen die dateren uit de tijd van de explosie een grote hoeveelheid iridium gevonden, een zeldzaam metaal dat op aarde nauwelijks voorkomt, maar naar schatting in overvloed aanwezig is in de ruimte. Een computersimulatie uitgevoerd door het Sandia National Laboratory in de V.S. heeft aangetoond dat, v.b. een komeetfragment of kleine asteroïde dat in de atmosfeer ontploft, verwoestender kan zijn dan een daadwerkelijke inslag. Al deze elementen ondersteunen de komeet hypothese, die bij de meeste wetenschappers ook de beste papieren heeft, maar doorslaggevend bewijsmateriaal is dit nog altijd niet. Hier een foto van de Hale-Bopp komeet die in het jaar 1997 makkelijk zichtbaar was met het blote oog.

 Was het een kernexplosie?

Paddenstoelachtig; hitte, schokgolf, (Einstein1905 Alg relat theorie) enorme energie

 Was het een fotonenbundel?

Deze hypothese gaat als volgt: Een buitenaardse civilisatie, op hetzelfde technologische niveau als het onze of verder gevorderd, zou bezig zijn de omliggende zonnestelsels te verkennen door middel van gebundelde lichtstralen met behulp van lasertechnologie. Dr. Marina Popovitsj ook bijgenaamd "Lady Mig" piloot en kolonel in de toenmalige Sovjetrussische luchtmacht, en auteur van het boek "Het Sovjet Dossier UFO", haalt deze stelling aan in een hoofdstuk over het Toengoeska fenomeen. Als de straal zeer gebundeld en energierijk zou zijn, zou in de atmosfeer voldoende energie kunnen vrijkomen om het Toengoeska effect te veroorzaken. Bij botsing tussen de fotonenstraal en de atmosfeer zou heet plasma ontstaan met als gevolg de vorming van een enorme bolbliksem (200 à 300 meter). Bij de explosie ervan zou dan energie vrijkomen die overeenkomt met de gigantische explosieve kracht van het Toengoeska gebeuren. Dit scenario lijkt misschien iets te ver gegrepen maar is toch niet geheel onmogelijk. Men veronderstelt dat van de 100 vaste sterren die zich het dichts bij onze zon bevinden er 43 over planeten beschikken, waarop vormen van leven zouden kunnen bestaan vergelijkbaar met dat op onze planeet.

 Was het innihilatie van antimaterie?

Deze stelling komt op het volgende neer : Die bewuste morgen bij Toengoeska is een brok antimaterie de atmosfeer binnengedrongen en dit had als gevolg, innihilatie, een enorme dreun en het vrijkomen van stralingsenergie. Om dit goed te begrijpen doen we een beroep op een beetje natuurkunde. Bij het ontstaan van ruimte en tijd met de "big bang" zou er evenveel materie als antimaterie geproduceerd zijn, en deze twee zouden elkaar hebben moeten vernietigen door innihilatie. De materie heeft het dan gehaald van de antimaterie en er is voldoende materie overgebleven zodat het ons bekende heelal is kunnen ontstaan. Antimaterie heeft een elektrische lading die tegengesteld is aan die van materie. Elk elementair deeltje bezit een uit antimaterie bestaande partner. Wanneer materie en antimaterie met elkaar in aanraking komen, treedt er een innihilatieproces op d.w.z. dat materie en antimaterie elkaar beide vernietigen. Bij dit proces komt energie vrij dat wordt uitgestraald in de vorm van licht.

Men schat dat een gram materie met een gram antimaterie, bij volledige innihilatie, een verbrandingsenergie zou opleveren van ongeveer 30.000 vaten ruwe olie. Volgens sommige natuurkundigen is antimaterie erg zeldzaam, maar volgens anderen toch niet zo uitzonderlijk en is het mogelijk dat er in ons heelal sterrenstelsels voorkomen die volledig zijn opgebouwd uit antimaterie. Deze hypothese bevat veel elementen die de Toengoeska catastrofe zouden kunnen verklaren, maar de meeste wetenschappers zijn van oordeel dat antimaterie in het ons bekende deel van het universum helemaal niet voorkomt. Ook hier bestaan dus twijfels omtrent de haalbaarheid van deze stelling

 BESLUIT.

Deze catastrofe toont duidelijk aan dat onze planeet niet zo veilig is als we op het eerste zicht denken, en we moeten ervan uitgaan dat een gelijkaardig fenomeen zich in de toekomst opnieuw kan voordoen. De Toengoeska Event vond plaats in een zeer uitgestrekt en afgelegen gebied van onze planeet, maar als dit elders zou gebeuren v.b. in een dichtbevolkt gebied, zijn de gevolgen niet te overzien en kunnen er duizenden tot een paar miljoen slachtoffers vallen. Hoopgevend is echter dat de technologie niet stilstaat en dat het mogelijk moet zijn dat we in de toekomst dergelijke fenomenen, althans van astrofysische en geofysische origine, tijdig zullen kunnen detecteren.

We kunnen stellen dat ruim een eeuw na deze gebeurtenis er nog steeds geen helder omlijnde oplossing is gevonden voor dit mysterie. Verder onderzoek zal ofwel de definitieve oplossing brengen of mogelijk nog meer vragen oproepen.                                                  

          Jan Hermans

Verslag van de Nacht van de Duisternis, 28 maart 2009.

 Na een drietal voorbereidende vergaderingen was het zover...op zaterdag 28 maart ging de zoveelste versie van de Nacht van de Duisternis door met, jawel........slechte weersomstandigheden. We lieten ons echter niet uit ons lood slaan en kozen voor het scenario "half bewolkt", wat wou zeggen dat we onder de koepel de kijker opgesteld hadden staan en dat we onder dezelfde koepel een doorlopende presentatie over sterrenkunde en lichthinder gaven. De kijker zou niet ingezet worden, vanwege de onvoorspelbaarheid van de bewolking. Nadien bleek dit een juiste beslissing. Omstreeks 19.15u kon het programma van start gaan. Terwijl een ploeg van TVNoord opnames maakten van de geplande activiteiten vertrok de nachtwandeling onder begeleiding van enkele gidsen.

 Langs de vijver werd een echte heks geïnstalleerd, was er een post die uitleg gaf over de paddentrek en een andere post die een woordje over vleermuizen en hoe ze te detecteren (batdetector) bracht en natuurlijk onze presentatie en gelegenheid tot vragen beantwoorden. Terwijl dit alles op gang kwam hebben we enkele uilen horen roepen.  Onder de koepel verliep alles op vlotjes. Dirk, Tony en Lambert hadden zich aangediend als Noorderkroonbemanning, terwijl Jan en Berke gevraagd waren als ondersteuning in Bocholt,. We kunnen hieruit concluderen dat de Noorderkroon-ondersteuning van vorig jaar in de smaak gevallen is.

Opvallend was dat er telkens, bij elke groep die de sterrenwacht bezocht, enkele mensen bij waren die dieper in de materie wilden gaan en vragen stelden. Alle vragen werden zonder problemen beantwoord en menig deelnemer ging, na hun bezoek bij ons, een ietsje slimmer terug de duistere nacht in. Onder de bezoekers viel de directeur van het Salvatorcollege (Hamont) op. Deze persoon regelde in het verleden ons jaarlijks initiatiebezoek aan de basisschool "de Robbert. De directeur vroeg of de mogelijkheid bestond om ook zijn school op te nemen in ons programma. We hebben al laten weten er helemaal voor open te staan.

 Ondanks het "slechte" weer en de drassige paden konden we toch rekenen op een 70-tal bezoekers, die in een eerste reactie allemaal tevreden huiswaarts keerden na de slotact: een klank-, bewegings- en lichtact van de Starlights. Na even nagekaart te hebben in de taverne keerden we huiswaarts tegen de klok van 23.30u (wintertijd!).

                                                                                                                                             LBe

 Noorderkroon naar Bocholt voor de " Nacht van de Duisternis"

 Gewapend met de Newtonkijker, documentatie en wat software, werden Bèrke en Jan omstreeks 19h45 verwelkomd bij het Smeetshof te Bocholt. Ondanks het regenweer hadden er zich toch ruim dertig geïnteresseerden verzameld, maar de kijker opstellen had geen zin. Er werd ad hoc besloten om maar eerst een presentatie te geven in de hoop dat het weer mogelijk iets beter zou worden zodat we nog een wandeling door de nachtelijke duisternis van het immense natuurgebied konden doen. Er was voor een beamer gezorgd en we projecteerden de sterrenhemel met het programma "starry night". Hiermee konden we mooi het verschil tonen tussen het aantal sterren dat te zien is bij veel en bij geen lichtvervuiling. Iedereen stond versteld van de grote invloed van strooilicht bij het waarnemen. Na de sterrenhemel, iets over het planetenstelsel en wat hemelmechanica kwam de smalle maansikkel heel even tussen de wolken door en werd besloten op wandel te gaan.

Het Smeetshof is een enorm groot natuurgebied dat uitgeroepen is tot een van de zeldzaamste stiltegebieden van Vlaanderen. We stonden onderweg even stil en luisterden naar geluiden die anders helemaal wegvallen in het tumult van andere dingen. De beheerder van het Smeetshof riep met een cassetterecorder uilen op die hierop op hun beurt duidelijk en frequent reageerden. Na de wandeling gaf een erkend natuurgids nog een mooie presentatie met deskundige beschrijving over dag en nachtroofvogels. We kregen van de gids ook de vraag of het mogelijk is om een presentatie van de sterrenhemel in "De Wulp" te verzorgen, waartoe we uiteraard altijd bereid zijn. We wachten af wanneer dit in hun programma past.

 Met het uitdelen van ons promotiemateriaal (flyers) en wat formulieren waarmee mensen een beetje hun weg aan de hemel kunnen terugvinden, sloten we de avond af. Even na 11h00 arriveerden we terug op de sterrenwacht om de kijker terug te plaatsen. We ontvingen hierbij nog enkele late bezoekers die door Bèrke van de nodige uitleg werden voorzien. Ondanks het erg slechte weer was de verplaatsing naar Bocholt zeker een succes en hebben we een goede indruk van onze kring kunnen achterlaten.

                                                                                                                                 Jan Hermans

 

Kwartaalagenda:

 

Mei 2009

Studiebijeenkomst: Noorderkroon & Aquila  op 1 mei :   Agenda zal nog bekend gemaakt worden.                                                                     Aanvang 20.15u Joy Achel

 

Kijkavond:     22-23 (gn maan) op de Gastelse heide met de Cassegrain. Verzamelen aan de Joy: vertrek naar de heide om 21.15u.                

Juni 2009.

Bijeenkomst:              19e juni   Sterren kijken, een handleiding  door LBe   vanaf 20.15u in de Joy.

          Kijkavond:      astrofotografie voor IEDEREEN  aanvang  20.00u

          Wanneer:        5 of 6 juni: we verzamelen om 20u aan de Bever en wandelen naar de locatie.

          Kijker te gebruiken: eigen camera's met statief....

 

Zomerstop vanaf 19 juni  tot 11 augustus: Starten met Perseiden

21:12 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

10-03-09

Actie in het veld!!!!

Beste Noorderkroners

tijdens het tweede kwartaal van 2009 hebben we een paar speciale activiteiten voorzien. In April gaan we met de lenzenkijker van de voorzitter eens uitvoerig naar Mercurius en Saturnus kijken. Kom op tijd, want zoals je weet gaat Mercurius heel snel na de zon onder. Op tijd op de sterrenwacht zijn is de boodschap!!

In mei gaan we naar de Gastelse heide om de 250 mm Cassegrain eens flink zijn ding te laten doen. We kozen voor deze locatie omdat we daar een ongeremde horizon hebben. We kijken helemaal tot op de horizon in alle richtingen. Geen excuus meer om bepaalde objecten niet te kunnen zien. Mensen die niet weten waar we die super waarnemingsplaats gevonden hebben en die toch graag met ons door de kijker willen kijken naar ongeziene objecten verzamelen uiterlijk om 21.15u aan de Joy. Van daaruit rijden we in kolonne naar de waarnemingsplaats. Het is een maanloze nacht....dus we kunnen gas geven!!

In de maand juni voorzien we iets heel anders....we gaan astrofoto's maken!!! Ieder heeft tegenwoordig wel een digitale camera. Of dat nu een bakbeest is of een huis-, tuin- en keukencamera......je kan er schitterende astro-opnames mee maken. We gaan jullie begeleiden in het maken van je eigen opnames. Breng je eigen camera mee en als het kan ook een statief. (let wel: het gaat ook zonder statief!!!!)  We verzamelen op 5 juni om 20u aan de sterrenwacht en van daar uit wandelen we naar een geschikte locatie. en aanrader.....

Je merkt het al......we proberen een zo breed mogelijk spectrum aan "veldwerk" te realiseren. Alles wat we nodig hebben is helder weer en jullie aanwezigheid.

 

Tot dan!

          Het bestuur.

20:30 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

04-02-09

Nacht van de Duisternis 2009

Nieuwe afbeelding

Op 28 maart ( een zaterdag) zal de sterrenkundig vereniging Noorderkroon zoals voorgaande jaren samen met het Ven, Natuurpunt en het Stadsbestuur Hamont-Achel de lokale Nacht van de Duisternis verzorgen. De eerste werkvergadering is achter de rug en het avondvullende programma is al zover samengesteld dat we nu al een tipje van de sluier kunnen lichten:

Zoals elk jaar zal de sterrenwacht van de Noorderkroon doorlopend geopend zijn. Deskundige mensen geven de bezoekers de kans om door verschillende sterrenkijkers te kijken en verschaffen intussen uitleg en beantwoorden uw vragen.

ook de geleide natuurwandelingen zullen niet ontbreken, we zorgen voor een legertje gidsen en de bezoekers kunnen kiezen uit een korte en een langere wandeling. Gedurende de ganse avond zullen er aan de voet van de sterrenwacht diversen andere activiteiten te bezoeken zijn. We denken dan aan vleermuizenwaarneming met een batdetector, er zullen mensen zijn die met behulp van audio uilen zullen proberen te lokken, er is uitleg over padden, voorts nog een insectenval, kortom....voor ieder wat wils!

Hou deze site in de gaten en we houden u op de hoogte van de stand van zaken. Het zal, gezien het succes van de afgelopen jaren, zeker weer de moeite zijn.

kijken door de kijker

Nieuwe afbeelding

uil

19:01 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

01-02-09

Januari 2009

Verslag van de bijeenkomst van 12-12-2008

 

•1.           Algemeen

Zoals gebruikelijk sloten we het werkjaar 2008 een beetje op een feestelijke wijze af.

De secretaris verwelkomde de vrij talrijke groep aanwezigen en projecteerde de geplande agenda voor die avond.

 

•2.           Administrativa

•2.1.                            Het verslag van de vorige bijeenkomst werd zonder opmerkingen goedgekeurd.

•2.2.                            Agenda NVWS Eindhoven: Voor deze maand werden we uitgenodigd op 18-12 om 19h30 in de T.U. maar het gespreksonderwerp was niet gekend.

•2.3.                            Abonnementen "Science Connection". Diverse leden hebben nog geen abonnement op dit blad.(gratis 5 X/jaar) Jan noteerde nog enkele coördinaten en zal deze opgeven bij het ministerie van wetenschapsbeleid.

 

•3.           Agenda van 12-12-08

 

  • a. Kerstboodschap door de voorzitter Lambert Breemans
  • b. Jaarverslag door de secretaris Lambert Beliën
  • c. Kasverslag door de kassier Jan Hermans
  • ~ Pauze met drank en vlaai, mogelijkheid tot betaling lidgeld 2009 en kijken naar astronomische gebeurtenissen in het jaar 2 voor Christus.
  • d. Voordracht "De zon" door J. Beeren.
  • e. Afsluiting

•a.    Kerstbooodschap van de voorzitter (tekst integraal afgedrukt)

Beste Noorderkroners,

 

Het jaar 2008 is weer voorbij en het is voor mij, als voorzitter, weer eens tijd om terug te kijken op het voorbije jaar.

We vierden dit jaar het 30-jarig bestaan van onze vereniging met een kleine tentoonstelling met telescopen van onze leden en ook de kijker die we van pater Mauritius als erfenis hebben gekregen en nu dus tot onze kring behoort. Het is met deze kijker dat ik 50 jaar geleden voor de eerste keer naar de maan heb gekeken en ik was er zo van gegrepen dat ik een amateur in de sterrenkunde gebleven ben. We hebben toen met deze tentoonstelling ook een fietstocht gehouden langs bekende Achelse bezienswaardigheden.

Er zijn ook weer enige nieuwe leden bij gekomen die ik bij deze gelegenheid nogmaals van harte welkom heet in onze kring. Jammer genoeg hebben we dit jaar ook afscheid moeten nemen van Albert Molhan. Hij was een trouwe bezoeker van onze maandelijkse vergaderingen en kijkavonden.

Een paar maanden geleden hebben we op de sterrenwacht de koepel een grote beurt gegeven en het is ons gelukt deze beter te doen draaien; een grote verbetering.

Wel moesten we eerst twee wespennesten opruimen, maar dank zij de vlammenwerper van Lambert waren die spoedig opgeruimd. Deze vlammenwerper bestond uit een spuitbus waarvan het drijfgas in brand werd gestoken.

Veel kijkavonden zijn zoals gewoonlijk weer niet doorgegaan wegens slecht weer, maar belet niet dat we optimistisch moeten blijven. Ik zou van deze gelegenheid willen gebruik maken om u uit te nodigen zo talrijk mogelijk naar de kijkavonden te komen. Hoe meer belangstelling er is des te mooier kunnen we de kijkavonden organiseren.

Nu Kerstmis en nieuwjaar weer nabij zijn wens ik u allen, met heel uw familie, een prettig kerstfeest en een gelukkig nieuwjaar en voor onze kring een goede nieuwe start in het jaar 2009

 

Uw voorzitter:                       

Lambert Breemans

 

 

•b.    Jaaroverzicht van de activiteiten in 2008

 

Van Lambert kregen we een prachtige, uitgebreide presentatie over de activiteiten van 2008.

Hij bracht ons eerst even terug naar de sfeervolle feestvergadering van 2007 en schakelde hierna over op zeer mooie zelfgemaakte foto's van sterrenkundige objecten die we, tijdens de helaas schaarse kijkavonden, toch nog hebben waargenomen.

 

De maandelijkse studievergaderingen, met hun grote diversiteit aan onderwerpen, afgewisseld met de open agendapunten die we gezamenlijk behandelden, werden kleurrijk in beeld gebracht en uitvoerig toegelicht.

 

Aan de jaarlijkse uitstap naar het natuurhistorisch museum te Brussel werden we herinnerd met beelden van de immense, prachtig gerestaureerde iguanodons van Bernissart en de gigantische dinosauriërs die we van dichtbij konden bewonderen, maar eveneens de enorme variatie insecten, de prachtige mineralen en nog zoveel andere schatten van onze aardbodem die allemaal in het museum te bewonderen zijn.

We zagen ons ook opnieuw naast de heliostaat staan op het dak van de volkssterrenwacht Mira te Grimbergen. De heliostaat waarmee het beeld van de zon op een muur van ruim 2 X 4 m wordt geprojecteerd en waarmee ons zelfs het spectrum van de zon werd getoond.

 

Ook de herstelling van de sterrenwacht, die al eerder door de voorzitter werd aangehaald, werd met het nodige beeldmateriaal verduidelijkt. De werkzaamheden (en blunder) werden opnieuw uitvoerig toegelicht en met mooie foto's aanschouwelijk gemaakt.

 

Aan het 6de lustrum gingen meerdere werkgroepvergaderingen vooraf. Overeenkomstig het basisidee van Job werden routes uitgedacht en vragenlijsten opgesteld. Na diverse discussies en correcties kwam een fietstocht tot stand die door de voltallige werkgroep werd getest en hierbij werd tevens de sportiviteit van de werkgroepleden getest en soms zelfs op de proef gesteld. Het resultaat was een mooie en gevarieerde fietszoektocht, geschikt voor elk kennisniveau, zodat we ook het grote publiek bij onze viering konden betrekken. Jammer genoeg was de opkomst erg zwak, maar het lustrum was daarom zeker niet minder geslaagd.

 

Met alle mogelijke fraaie beelden van vergaderingen en van de soms enigszins gelukte kijkavonden werd het jaar 2008 gaandeweg verleden tijd.

Het overzicht van de laatste vergadering van 2008 (deze was nog bezig) krijgen we vermoedelijk te zien op de laatste vergadering van het volgend jaar.

 

Het was een goed samengesteld, mooi ontvouwen en tot in detail toegelicht resumé van 2008.

We bedankten onze secretaris hiervoor met een welgemeend applaus.

 

jh

•c.     Kasverslag

 

Jan gaf het financiële overzicht m.b.v. een korte presentatie waarna we op verzoek, omwille van het behaalde resultaat, groen licht kregen van de voorzitter voor een lekkere consumptie.

Na het kasverslag werd even gepauzeerd voor een drankje en een stukje vla.

 

 

 

Het jaar 2 voor Christus.

Al in de 18de eeuw was bekend dat onze tijdrekening niet helemaal klopte en dat de verklaring voor de "ster van Bethlehem" niet moest gezocht in het jaar 0, maar eerder in het 2 of 3 voor Christus.

Astronomisch gezien was het jaar 2 v.C. een uitzonderlijk jaar. Vanaf maart, lang voor een onverklaarbare gebeurtenis plaatsvond, stonden de planeten Saturnus, Mercurius, Mars en Venus iedere avond in het westen, heel mooi op een rechte rij achter elkaar, verticaal naar beneden wijzend. Op 9 april was er een conjunctie (samenstand) van Venus en Mars. Op 1 mei ging Saturnus onder en werd de rij terug van boven aangevuld met de heldere planeet Jupiter. Deze nieuwe identieke combinatie hield zich opnieuw lange tijd in stand, steeds op een rechte rij achter elkaar naar beneden wijzend, en na een 6-tal weken, op 17 juni, zagen de "wijzen uit het oosten" in die rij een formidabel helder en zeer indrukwekkend fenomeen. Recent onderzoek[1] heeft nu uitgewezen dat dit gebeuren geen komeet en ook geen supernova was, maar dat er op 17 juni van het jaar 2 v.C. een ongelooflijk dichte conjunctie heeft plaatsgevonden tussen de 2 helderste planeten van ons zonnestelsel:Venus en Jupiter. Een gebeuren dat volgens overlevering heel wat teweeg bracht. Overtuigd dat dit het teken was van de geboorte van een uitzonderlijk iemand, ging men de plaats opzoeken waar de langdurige verticale stand naar toe wees. Een plaats in het westen (ze kwamen uit het oosten) waarboven de ster bleef stil staan...

jh

 

•d.    Voordracht "Onze zon" door Job Beeren

 

Deze voordracht startte met de waarschuwing: Kijk nooit door een telescoop rechtstreeks naar de zon! Dit levert onherstelbaar oogletsel op.

 

Wat is de zon dan eigenlijk?

Job begon zijn verhaal met te vertellen dat de zon niet meer is dan een ster zoals er zoveel miljarden aan het firmament staan. Omdat de aarde deel uitmaakt van het zonnestelsel, staat ze relatief dicht bij de zon en daardoor ervaren we de zon niet meteen als een ster. Lange tijd werd de zon door oude beschavingen vereerd als een godheid; de bron van alle leven, leverancier van warmte en licht...

Pythagoras (ca 600 VC) dacht dat de aarde rond een hels vuur draaide. 200 Jaar later weerlegde Aristoteles die theorie en plaatste de aarde te­rug in het centrum van het zonnestelsel. Het duurde tot in de 17de eeuw vooraleer Copernicus het bewijs leverde dat de aarde wel degelijk rond de zon draait.

De zon wordt tegenwoordig intensief bestudeerd. Het is intussen bekend dat ze zo'n 4,5 miljard jaar geleden ontstaan is uit een interstellaire wolk van stof en gas. Er is nog voldoende brandstof om het nog ongeveer 4 a' 5 miljard jaar vol te houden. Dan zal ze overgaan in een rode reus en nadien lang­zaam uitdoven als een witte dwerg.

 

De zon bestaat grotendeels uit 3 schillen. Op het mo­ment dat we de zon bekijken, zien we alleen de "foto­sfeer"; de bovenlaag van ca 300 km dik met een temp. van ca 5000-10000°C. Met moderne middelen zijn we tegenwoordig in staat om veel dieper in het oppervlak van de zon door te dringen. Hierdoor weten we dat zich onder die bovenlaag de "chromosfeer" bevindt. Dit is een roosrode laag (die wordt overstraald door de foto­sfeer) met een vrij korrelig oppervlak waarop zich lichtvlekken bevinden; plages genoemd. Die vlekken bevinden zich altijd vlak boven actieve gebieden.Het meest inwendige van de zon bestaat uit de kern, waar waterstof wordt omgevormd tot helium. Hiervoor is er een druk van miljoenen tonnen en een temperatuur van ca 15 miljoen graden nodig. Bij het samendrukken van waterstof tot helium komen enorme hoeveelheden energie vrij. Deze be­reiken de convectiezone via een stralingszone. In die convectiezone stijgt het kolkend heet gas naar boven en geeft er warmte af. De afgekoelde gassen zinken dan weer terug en stijgen na opwarming opnieuw op. Als gevolg van de turbulentie in de convectiezone ontstaan er golfbewegingen die de hele zon doorlopen en een trilling of oscillatie veroorzaken.

 

Buiten de fotosfeer bevindt zich de corona.(Kroon). De co­rona is een zeer ijl en enorm heet gas (miljoenen graden) dat zich als een kroon rond de zon bevindt. Ondanks de veel hogere temperatuur dan het oppervlak kunnen we ze toch niet zien. Ze is veel te ijl en wordt overstraald door de fotosfeer. Alleen bij een zonsverduistering of met speciale apparatuur waarmee het oppervlak wordt afgedekt, wordt ze zichtbaar.

 

De zon kent een elfjarige cyclus waarbij de magnetische veldlijnen eerst mooi verdeeld zijn, maar na verloop van tijd, door de variabele draaisnelheden op de zon, steeds verder in el­kaar verstrengeld raken. Hierdoor verandert ook de activiteit op het oppervlak van redelijk passief naar erg actief en ontstaan er steeds meer zonnevlekken. Dat zijn grote donkere vlekken, soms groter dan de aarde, waar de oppervlaktetemperatuur 'iets' lager is dan die in de directe omgeving.

Tijdens grote zonneactiviteit ontstaan er ook vaak protuberansen. Dit zijn zonnevlammen of uitbar­stingen die soms een hoogte van 150.000 km kunnen bereiken en waarbij massa's energie en materie in de ruimte vliegen. Als zo een lading in de richting van de aarde wordt weggeslingerd, dan kan dit leiden tot allerlei verstoringen van communicatieapparatuur en navigatiemiddelen en kunnen satellieten uitvallen.

Na 11 jaar verandert de zon van polariteit; noord wordt zuid en omgekeerd en de magnetische veld­lijnen zijn dan opnieuw geordend. Na zo een "ompoling" is de zon weer redelijk rustig en is het aantal zonnevlekken minimaal.

Job toonde ons ook enkele foto's van speciale observatoria voor de zon. We zagen beelden van Kitt Peak, Pic du Midi, Sacramento peak... Deze speciale waarnemingsplaatsen zijn uitgerust met exclusieve meetinstrumenten om de zon intensief te bestuderen. Er worden opnames gemaakt in verschillende golflengten en sterk uitgerekte spectra geven de wetenschapper steeds meer inzicht in de samenstelling en in het erg complexe proces dat zich in en op de zon afspeelt. Ook met satellieten wordt de zon geobserveerd.

Behalve met indrukwekkende instrumenten in specifiek aangepaste gebouwen, bestaan er ook voor de amateur speciale kijkers om de zon te observeren, maar nog veel eenvoudiger en zonder risico kunnen we de zon met een gewone verrekijker of een telescoop op een scherm projecteren. We kunnen dan heel mooi het oppervlak inspecteren, zonnevlekken waarnemen en er zelfs duidelijk de kern en de rand (umbra en penumbra) van onderscheiden. Zeker interessant om eens als zomeractiviteit, als het nauwelijks donker wordt, op de agenda te plaatsen.

Het was een zeer leerrijk verhaal dat bovendien heel toepasselijk werd aangevuld met verduidelijkend beeldmateriaal.

We dankten Job met een warm applaus voor die boeiende uiteenzetting en voor het vele voorbereidend werk.

 

 

 

 

•4.  Afsluiting

Na deze gezellige en goed gevulde avond dankte Lambert allen voor hun aanwezigheid, wenste iedereen nog prettige feestdagen en sloot de vergadering omstreeks 23h30.

 

•5.  Vers van de pers

 

Korte tijd geleden verloor een astronaute van het ruimteveer Endeavour een tas met gereedschap tijdens een ruimtewandeling. Wil u de tas met eigen ogen zien? Dat kan, maar het vergt wel wat moeite.Omdat wetenschappers weten hoe groot de tas is en waar ze verloren ging, is het mogelijk om via computermodellen de positie van de tas in de ruimte te bepalen.

Om de gereedschapstas waar te nemen, surft u naar de website www.heavens-above.com. Daar klikt u in de derde paragraaf, onder 'Configuration', op 'select from map'. Op de kaart die u te zien krijgt, zet u het rode pijltje op de plaats vanwaar u de gereedschapstas wil waarnemen. (Inzoomen kan via de pijltjes aan de linkerkant.) Vervolgens drukt u beneden op de knop 'Submit'. U komt opnieuw op de startpagina terecht en kiest nu onder 'ISS Tool Bag' op 'here'. In de tabel die u vervolgens ziet, kan u een bepaalde dag kiezen, waarbij u ook info krijgt over de helderheid, het tijdstip, de windrichting, de hoek enzovoorts. U vindt er ook kaartjes waarop het traject van de gereedschapstas staat afgebeeld ten opzichte van de sterren.

•~        Helderheid:  Let wel: het traject verschilt van dag tot dag, en het gaat om een niet-helder bewegend object, dat u zonder verrekijker of telescoop niet zal kunnen spotten. Als de magnitude (helderheid) 6 of meer is, is het object wellicht niet zichtbaar. Bij magnitude 5 zou dit wel mogelijk moeten zijn.

•~        Geen haast: U hoeft zich overigens niet te haasten: volgens experts zal het nog jaren duren eer de tas haar baan om de aarde verlaat en opbrandt in de dampkring van de aarde.

 

 

 

•6.  Wetenswaardigheid

 

Waarom kan je van lezen in de auto wagenziek worden?

Ons lichaam heeft een paar systemen om onze stand in de ruimte te bepalen. Dat is nodig om recht overeind te blijven. Met onze ogen zien we meteen wanneer wij scheef staan t.o.v. de lantaarnpaal of het schilderij aan de muur. Sensoren in onze spieren vertellen bovendien hoe ons hoofd staat t.o.v. de rest van ons lichaam en welke houding dat lijf aanneemt. Samen geeft dat onze stand t.o.v. de omgeving. Maar ogen kunnen bedrogen worden, dus hebben we nog een extra systeem nodig dat onze stand tegenover de zwaartekracht bepaalt: het slakkenhuis.

In ons binnenoor hebben we een paar kanaaltjes, gevuld met vloeistof en een paar "steentjes". De zwaartekracht trekt die steentjes naar beneden waardoor ze tegen voelhartjes duwen. Als we ons hoofd kantelen veranderen de steentjes van plaats. Uit de positie van die steentjes verzamelen onze hersenen informatie over de oriëntatie van ons hoofd en over de bochten en versnellingen die we maken.Ook onze tastzin speelt informatie door zoals: waar we de grond raken of tegen onze autostoel worden gedrukt en hoe hard en snel dit gebeurt.

Normaal kloppen al deze gegevens met elkaar, maar als je in de trein zit en de trein die naast je stilstaat vertrekt, of als je in de file staat en de auto's naast je vertrekken, dan melden je ogen beweging maar detecteert je slakkenhuis niets. Dat geeft even een raar gevoel tot je hersenen de logische verklaring hiervoor gevonden hebben.

Zeeziek

Op zee voelen je enkels dat je een voortdurend veranderende hoek maakt met de vloer, zegt je slakkenhuis dat je op- en neer beweegt, wat wordt bevestigd door je voetzolen, maar zien je ogen geen beweging t.o.v. de kajuit. De verwarring blijft duren omdat de gegevens elke seconde veranderen. Als je aan dek gaat zie je de horizon nog bewegen waardoor je ogen het alvast eens worden met je slakkenhuis, maar het dek blijft vals spelen door bij de voorsteven omhoog te gaan op het moment dat jij jezelf omlaag voelt gaan, terwijl de golven rondom jou nog anders en veel onregelmatiger bewegen. Die aanhoudende tegenstrijdige informatie maakt je misselijk.

Eenmaal als je "zeebenen" hebt; wanneer je lichaam de bewegingen begint te kunnen voorspellen, verdwijnt de zeeziekte. Dit verandert weer als je terug aan wal gaat en de omgeving opnieuw niet meer doet wat je lichaam verwacht. Dan wordt je aan wal soms even "zeeziek".

Als je in de auto leest geven je ogen een stabiel beeld door, terwijl de rest van je lichaam bewegingen meldt die onvoorspelbaar zijn. Dit effect wordt nog versterkt als je over een slechte weg rijdt. De chauffeur heeft er geen last van omdat de schokken en bochten voor hem beter voorspelbaar zijn.

Hij neemt de omgeving buiten de auto waar en de informatie van zijn ogen klopt met wat hij voelt.

Kleine kinderen kunnen de horizon vanuit de wagen niet zien en worden daarom veel gemakkelijker ziek in de auto...



[1] Onderzoek in 2008 door team Australische astronomen

20:06 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

verslag van de Algemene Ledenvergadering 2008

Verslag van de bijeenkomst van 7-11-2008

  • 1. Administrativa
  • Na rechtzetting van 2 opmerkingen werd het verslag goedgekeurd.
  • 1. Op pagina 7 staat: "Gemini Noord op Mauna Kea zag "first light" in 1999 en Gemini Noord een jaar later". Hier moet staan: "Gemini Zuid een jaar later"
  • 2. Op pagina 10 in rubriek "wetenswaardigheden" moet het woord "steiging" uiteraard vervangen door "stijging".
  • VVS meldt dat op 30-1-2009 en 31 -1-2009 de nationale sterrenkijkdagen doorgaan. Aan die jaarlijkse nationale activiteit nemen wij ook deel. We gebruiken die data als plaatselijke activiteit en nodigen hierbij het publiek uit. De uitnodiging hiervoor volgt binnenkort.
  • Agenda NVWS Eindhoven: Voor deze maand werden we uitgenodigd op 20 november '08 in de technische universiteit van Eindhoven.De volledige winteragenda werd ons nog niet bezorgd.
  • Bezoek Lommel (gids Berke): Dit bezoek moet nog doorgaan. We krijgen van Bèrke verslag zodra dit heeft plaatsgevonden.
  • Abonnementen "Science connection": Diverse leden hebben nog geen (gratis) abonnement op dit blad. Jan noteerde 4 coördinaten en zal deze opgeven bij het ministerie van wetenschapsbeleid.

 

  • 2. Open agenda

Nieuwe onderwerpen

  • ~ Magneetveld v/d aarde: een sluis?

De vraag was of iemand meer informatie kom verstrekken over de tekst uit de krant:

"Het magneetveld van de aarde beschermt het leven op onze planeet tegen de schadelijke stroom van geladen deeltjes die de zon uitstraalt. Toch dringen deze deeltjes soms door het beschermende veld heen. Me behulp van de Europese clustersatellieten en de Amerikaanse Themis satelliet blijkt nu dat er om de 8 minuten een soort van magnetische sluis in het aardse magneetveld opengaat, zodat geladen deeltjes van de zon kunnen binnendringen. Over de oorzaak van het bestaan van deze "sluis" tast men nog in het duister".

Deze tekst verbaasde iedere aanwezige. Niemand kon ons hierover van aanvullende informatie voorzien. Zodra hierover meer bekend wordt zal dit opnieuw op de agenda worden gebracht

  • 3. De slingerende en kantelende ecliptica

Om niet meteen met onduidelijke en moeilijke bewegingen aan te vangen, begon Jan ietwat voorzichtig met de aardse coördinaten en verplaatste onze waarneming via horizon en andere coördinaten verder naar de ruimte.

We kennen de evenaar, keerkringen en meridianen. Als we de evenaar in gedachten doortrekken in de ruimte dan ontstaat de hemelevenaar; ook wel hemelequator genoemd. Deze is goed terug te vinden want hij beweegt van de oostelijke horizon naar de westelijke en bereikt zijn hoogste punt in het zuiden. Bij ons (52°NB) bereikt hij het hoogste punt op: (90° - 52°) = 38°

Het eclipticavlak, het vlak van de jaarlijkse aardbaan ofwel de dierenriem, waardoor de zon zich schijnbaar beweegt, maakt een hoek van 23,5° met het evenaarsvlak. Het eclipticavlak draait schijnbaar van Oost naar West en staat altijd 50% boven en 50% onder de horizon. Ten opzichte van de sterren ligt de ecliptica vast want hij loopt door 12 sterrenbeelden. Ten opzichte van de horizon van de aardse waarnemer varieert de positie voortdurend. De exacte plaats is zowel van het tijdstip als van het seizoen afhankelijk. In fig 2 is de situatie getekend voor een positie van 52° NB. Het hoogste punt bereikt dus een hoogte van 23,5° + 38° = 61,5°. Dit punt bevindt zich in het sterrenbeeld "kreeft". Hierbij is te zien dat 50% van de ecliptica boven - en 50% onder de horizon bevindt.

Dit is altijd en overal op aarde het geval. Ook is te zien dat de hoogte aan de ene zijde (zuid) even groot is als de diepte aan de ander kant.(noord). Dit zijn we van de zonsbaan niet gewend. Als de zon in de zomer hoog aan de hemel staat duikt ze 's nachts nauwelijks onder de horizon. Kijken we even naar de beweging van de ecliptica vanaf diverse plaatsen op aarde, dan zien we dat deze op iedere plaats anders beweegt.

  • ~ Op de noordpool:

De ecliptica staat altijd met haar hoogste punt 23,5° boven de horizon en dit punt verplaatst zich regelmatig naar rechts.

  • ~ .Op de evenaar:

De ecliptica slingert regelmatig 23,5° heen en weer naar weerszijden van het evenaarsvlak.

  • ~ .In België, op 52°NB,

Hier staat de ecliptica vreemd te wankelen.

Kijken we in figuur 5 naar de horizonlijn dan zien we op boog 1 de Kreeft in de top in het zuiden staan (61,5°). 90° ervoor bevindt zich de Weegschaal op de oostelijke horizon en de Ram staat in het westen op de horizon. Op cirkel 2 staat intussen de Weegschaal op haar hoogste punt en dat punt is naar het ZW verschoven en staat lager op de horizon. Het hoogste punt van boog 3 staat nog lager en staat terug in het zuiden en op boog 4 is het hoogste punt terug geklommen en verder naar het ZO verschoven. De hoogte varieert van 61,5° tot 14,6°.  Bekijken we die merkwaardig ingedeukte cirkel even van dichterbij dan wordt het nog vreemder als we ook het tijdsverloop bekijken. De verplaatsing van de top van ZO naar ZW duurt 16,5 uur en de terugloop van ZW naar ZO duurt 7,5uur.

De tijd van opkomst en ondergang van de sterrenbeelden gebeurt duidelijk niet met een constante regelmaat. Bij ons, op 52° NB, varieert de opkomsthoek. De snelle of trage opkomst van een sterrenbeeld is afhankelijk van de hoek die de ecliptica maakt met de horizon, tijdens de opkomstperiode van een sterrenbeeld. Deze hoek verandert constant en is hierdoor van invloed op de opkomst- en ondergangstijd.

Omdat de ecliptica eenmaal per dag zijn hoogste en zijn laagste punt bereikt, levert een snelle opkomst van een sterrenbeeld een trage ondergang op en omgekeerd.

 

Is de ecliptica eenvoudig te vinden?

 

Bij aanvang werd gemeld dat de hemelevenaar eenvoudig te vinden is. De ecliptica blijft moeilijk. We weten dat de zon, de planeten, de maan en de sterrenbeelden van de dierenriem zich op de ecliptica bevinden, en dat ook de verlichte kant van de maan de richting van de ecliptica aangeeft, maar door afwezigheid van planeten en het niet herkennen van sterrenbeelden mislukt die plaatsbepaling vaak. De draak lost dit probleem op!

De centrale as van ons zonnestelsel staat loodrecht op het eclipticavlak en de ecliptica noordpool ligt in het sterrenbeeld "Draak", tussen de gekromde hals, op 23,5° van de poolster. Wanneer de eclipticapool tussen de poolster en de horizon staat, (draak onder de poolster, zie fig.11) dan staat de ecliptica hoog boven de horizon in het zuiden. Als de eclipticapool tussen de poolster en het zenit staat, (draak boven de poolster, zie fig.10) dan staat de top van de ecliptica erg laag in het zuiden. De plaats van de eclipticapool aan de noordelijk sterrenhemel (in het sterrenbeeld draak) geeft een duidelijke indicatie voor de positie van de ecliptica aan de zuidelijke hemel. Kijk dus naar de draak en u krijgt meer zicht op de ecliptica!

 Deze uiteenzetting maakte duidelijk dat het voor de aardse waarnemer vroeger heel normaal was om aan te nemen dat de aarde centraal stond en alles er omheen bewoog. Des te groter is dan ook de bewondering voor de wetenschappers die, uitsluitend uit de waarnemingen vanaf de aarde en tegen alle bestaande theorieën in, verklaarden en bewezen dat de zon centraal staat en dat wijzelf met onze aarde die vreemde dagelijkse en jaarlijkse bewegingen maken.

 

Wist je...

 Dat we een reactie op onze Website kregen van een man uit Nantes in Frankrijk ?

De man was echter niet op zoek naar sterrenkunde, maar is intensief bezig met het verzamelen van gegevens over de Achelse Kluis. Hij heeft hiervan reeds een behoorlijke hoeveelheid verzameld.

Voor de geïnteresseerden: zijn website is te vinden onder:

http://pagesperso-orange.fr/gerarddesaintmars/pereangelus...

 

 

Lidgelden 2009

 Het  lidgeld voor 2009 blijft hetzelfde als in 2008.

 

  • Volwassenen:             €  15,00- / persoon*jaar
  • Jeugd (t/m 18jr)          € 7,5,00-/ persoon*jaar

 

Betalen van het lidgeld kan rechtstreeks aan de kassier of gestort op de rekening van de vereniging.

 

Rek. nr. : 035-3329049-50

De Noorderkroon

p.a.  Azalealaan 10

3930 Hamont-Achel

 

Gelieve bij storting te vermelden: Lidgeld 2009

Bij voorbaat dank

 

20:02 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

16-12-08

Stijn en de Sterren.

Afgelopen jaar heeft ons aller Stijn Meuris (ook een amateur-astronoom in hart en nieren) enkele tv-optredens voor Canvas gedaan onder de titel "Stijn en de sterren". Afgelopen week was in de krant te lezen dat deze uiteenzetting zo in de smaak is gevallen dat Canvas aan een verderzetting denkt. We krijgen dus nog meer van Stijn Meuris te horen!

Voor hen die niet kunnen wachten tot Canvas gaat uitzenden is er goed nieuws:

Op 1 maart 2009 komt Stijn Meuris in PC "de Kroon" te Kaulille.

Zij i-die de uiteenzetting al gezien hebben op tv weten dat dit een niet te missen evenement is. Noteer deze datum alvast in jullie agenda's. Noorderkroon zal tegen maart kenbaar maken of we er een kringactiviteit van maken, dan niet een eigen initiatief. We komen er zeker op terug!!!!

2006_0715bos0039

 

21:11 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

Bijeenkomst November 2008

Verslag van de bijeenkomst 10 november 2008:

Open agendapunten waren:            

-           Magneetveld

•-          Hoe weten we waar welke planeet staat?

•-          Hoe kennen we de vorm van ons melkwegstelsel?

 

Magneetveld: In een hemellichaam bevind zich een vloeibare kern. De rotatie van de vloeibare materie roept een magneetveld op. Magneetvelden kunnen afzwakken. Interne veldlijnen verzwakken de buitenste gebieden en sleuren op een gegeven moment de buitenste mee. Op dit moment kan er een ompoling gebeuren. Op de zon zijn heel ingewikkelde magneetvelden en is het risico op ompoling veel groter. Het magneetveld van de zon is een heel ingewikkeld gebeuren. Door verschillende rotatiesnelheden op haar oppervlak (aan de evenaar gaat alles sneller dan aan de polen) heeft de zon heel complexe magneetvelden. Er zullen regelmatig "kortsluitingen" zijn die dan zichtbaar zijn als een flare (plaatselijke zonne-uitbarsting). De ompoling op de zon gebeurd elke 22 jaren.  Op de aarde zou dit tussen de 20.000 en de 30.000 jaren zijn. Er zijn zelfs periodes bekend van 50 miljoen jaren geen ompoling.

 

Positie van een planeet:  In eerste instantie kijk je naar de baan van de ecliptica. Alle planeten zitten in d onmiddellijke omgeving van de ecliptica. Ken dan het uitzicht van je planeet en weet in welk seizoen je moet kijken. Staat er een heel helder punt heel kort bij de zon, dan heb je te maken met de planeet Mercurius. Je kijkt best naar deze planeet net voor zonsopkomst ofwel onmiddellijk na zonsondergang (afhankelijk van het seizoen). Een erg rode en heldere "ster" zal zeer zeker de planeet Mars zijn. Ook Jupiter is rood, maar ze is groter dan Mars en doorheen een verrekijker zie je heel snel een viertal manen. Op deze manier kan je zo goed als alle planeten herkennen. Een alternatief is: gebruik een planetariumprogramma. (Bvb stellarium dat gratis te downloaden is op www.stellarium.com). Let wel op: gebruik je eigen coördinaten om het programma te gebruiken.

Nieuwe versie van de Melkweg:  In het zichtbare licht kan je weinig maken van de vorm van ons Melkwegstelsel. Om toch een beeld te krijgen van ons eigen stelsel gebruikt men radiotelescopen. Men is tegenwoordig tot de bevinding gekomen dat we in een twee-armig balkspiraalstelsel leven. Met behulp van het dopplereffect kan je bewegingen (rood-of blauwverschuiving toonbaar maken en afleiden wat er te zien is. Meerdere metingen in verschillende specifieke bandbreedtes geven uiteindelijk een beeld dat voor interpretatie vatbaar is.

Tijdens de pauze liet Jan "De macht van tien" over het scherm lopen.

 Internationale sterrenwachten.

 Omdat 2008 niet alleen 30 jaren Noorderkroon betekend, maar ook de 400ste verjaardag van de telescoop nam Lambert de gelegenheid om eens wat meer aandacht te hebben voor de grote telescopen die links en recht over de aardbol opgesteld staan. Een  virtuele tour bracht ons naar diverse grote sterrenwachten, verspreid over de wereld. We bekeken ook even de gebouwen, vaak architectonische hoogstandjes, en de waarnemingsmiddelen die men ter plekke gebruikt.

 

Een sterrenwacht plaats je niet zomaar ergens. Je moet zeker zijn van optimale omstandigheden, liefst hoog en droog! Op zoek naar een geschikte berg, dus. Hieronder even een chronologisch overzicht van de bezigheden van ESO, European Southern Observatory:

 

Oct 1962:             ESO kiest een embleem.

Mei 1964:             La Silla is uitgekozen als locatie.

Oct 1964:             ESO koopt de berg La Silla.

Dec 1964:             ESO schaft een gasthuis aan in Santiago.

Maa 1966:           ESO laat de weg naar de bergtop aanleggen.

Maa 1969:           Hoofdkwartier in Santiago is klaar en op de berg gaat de       eerste kijker in gebruik.

 Nov 1976:            De 3.6 m kijker ziet "eerste licht"

1984:                     2.2 m kijker gaat in bedrijf.

1989:                     3.5 m kijker gaat in bedrijf.

Jul 2002:               UK sluit zich als 10e lidstaat aan bij ESO.

 Met behulp van een reeks beelden waren we heel even op de top de La Silla. We zagen enkele kijkers van ESO: de New Technology Telescope en de MPI(2.2m) en een 3.6m Cassegrain. Nog een groep serieuze kijkers die we onder de naam VLT (Very Large Telescope Array). Hun gebouwen lijken al niet meer op de traditionele sterrenwachten. Het zijn ingenieuze gebouwen die helemaal in functie staan van de kijker. Alle kijkers van de VLT maken gebruik van adaptieve optiek. Dit wil zeggen dat men gebruik maakt van een laser die een kunstmatige ster projecteert op een hoogte van 95 km. De optiek van de deelnemende kijkers stelt men af op deze lichtbron. Door de hoogte van de kunstmatige ster kan men de atmosfeerstoringen, onder deze lichtbron weg corrigeren. De kijkers (en met hun vele andere grote telescopen) maken gebruik van alt-azimuthale opstellingen. Dit wil zeggen dat ze gebruik maken van een horizontale as en een verticale as om de kijker te richten en het nodige volgwerk te doen.

L'Observatoire de Haute-Provence, we zitten nu in de Provence (zuid-Frankrijk). We bekeken de OHP  1.52 m  kijker, de OHP 1.93 m kijker en de OHP  80 cm kijker. Van de Provence naar de Pyreneeën: L'Observatoire du Pic du Midi. We wisten nog dat we vroeger iemand bij ons te gast hadden die 1.5 maanden stage liep in dit instituut.

 Van Frankrijk naar de Canarische eilanden voor een blitsbezoekaan La Palma en Observatorio del Roque de los Muchachos (ORM). Op de kraterrand, net boven de wolken is een hele batterij van sterrenwachten te vinden, zoals de Issac Newton Group, die beheerder zijn van tal van sterrenwachten en telescopen. We zagen er verschillende en wisten dat de 4.2 m William Herschel Telescope  de grootste Europese telescoop is van het noordelijke halfrond. Ook op de kraterrand de SST - Swedish Solar Telescope, een heliostaat met lens van een meter diameter. We zagen de schematische lichtbaan van de SST. Nog een dijk van een zonnekijker: de DOT, The Dutch Open Telescope. Beelden van zonnevlekken, genomen door DOT, zijn scherper dan scherp. Ongekende details zijn zichtbaar!

 We maken een grotere (virtuele) sprong: In Rusland vinden we de BTA = Big Telescope Alt-Azimuthal. (Bolshoi Teleskop Azimutalnyi).De hoofdspiegel is 6 meter met een focale lengte van  24 m. De telescoop weegt totaal 850 ton waarvan 42 ton voor de Spiegel. De koepelhoogte is 53 m. We vervolgen, onze reis en komen aan bij Ratan 600, een radiotelescoop in de buurt van de BTA. Een wel heel eigenaardige radiotelescoop: hij ligt op de grond. Het is niets meer dan een grote ring met in het midden een roteerbare ontvanger.

 Australië en het Anglo-Australian Observatory (AAO) is de thuishaven van David Malin. Malin heeft bekendheid verworven door als eerste schitterende kleurenfoto's van een hele reeks Deepsky-Objecten te maken. Malin gebruikte de driekleurenprocedure om tot ongekende resultaten te komen. Klaar voor de volgende sprong? Mauna Kea, Hawaii: thuishaven van enkele van 's wereld grootste kijkersystemen..Keck I en II op Mauna Kea (4.204 m hoogte). Beide kijkers kunnen samen werken als één geheel. We zagen diverse beelden van deze schitterende combinatie. Nog een winner: Gemini Observatory met als vlaggenschip Gemini Noord en Gemini zuid. Twee tot de verbeelding sprekende sterrenwachten. Elke kijker heeft een  identieke hoofdspiegel van 8.1 meter. Hun spiegeldikte is slechts 20 cm en 120 drukpunten zorgen voor een ideaal beeld. De kijker weegt 380 ton en loopt op olielagers. Ontkoppeld kan één man de kijker handmatig bedienen. Gemini Noord  op Mauna Kea zag "first light"  in 1999 en Gemini Noord op Cerro Pachon een jaar later.

 Hobby-Eberly Telescope: de primaire spiegel is de grootste ooit gemaakt, hij meet 11,1 m  x 9,8 m. Zijn effectieve opening van 9,2 m maakt hem de 3e grootste optische kijker. Net als de radiotelescoop van Arecibo heeft ook deze kijker een vaste opstelling (Low Cost-kijker (- 80%)). Ook hier kan men een bepaalde hoek aftasten.

Subaru, een automerk? Ja....maar ook de naam van een heel mooie sterrenwacht (net naast de Keck I en II) met een heel vernuftige kijker onder de kap: Één telescoop, vier brandpunten. We zagen schematische de  opbouw van deze vier brandpunten. Ook hier weer: alt-azimuthaal en adaptieve optiek.

 Aan de ander kant van het duo Keck I en II en Subaru vonden we de Canada-France_Hawaii  Telescope Corporation (CFHT). Een statige sterrenwacht met idem dito kijker. De reis ging verder:Kitt Peak National Observatory, met al bekendste kijker de McMath-Pierce Solar Telescope Facility. Heel even zaten we ( met hulp van beelden, natuurlijk) IN de watergekoelde kijker.

Eenmaal in "de States" denderden de sterrenwachten voorbij. De ene nog groter dan de andere. Heel oud, maar ook heel nieuw....ze kwamen allemaal aan bod, totdat....  Er toen ineens een (heel mooi) binoculair te zien was....... was de toon gezet: binoculair, want twee zien beter dan één. Dat was wat men gedacht moest hebben tijdens het ontwerp van de LBT- Large Binocular Telescope. Een gigantisch grote verrekijker. Eén enkele spiegel op een vrachtwagen en je bent de vrachtwagen kwijt, zo groot is zo'n ding. We zagen beelden van de LBT in de bouwfase en we zagen beelden van een werkende kijker. De scherpte van deze kijker is fenomenaal. Een als we dan toch over fenomenale beelden hebben: een fraaie serie beelden van de Hubble Space Telescope effenden het pad voor een verrassende reeks van de Spitzer Space Telescope. Naadloos verder naar de voorstelling van de opvolger van de HST, de James Webb Telescope om dan af te sluiten met enkele kijkers van de toekomst zoals de CELT- California Extremely Large Telescope  ( 30 m.), de GSMT- Giant Segmented Mirror Telescope en de OWL, het paradepaardje van ESO. De kaarten liggen op tafel, de verwachtingen hoog gespannen!!

                                                                                                                                                                                            LBe

 Wat is...

In deze nieuwe rubriek gaan we maandelijks enkele astronomische begrippen in enkele zinnen uitleggen. Tijdens de eerstvolgende bijeenkomst wordt er, als dat nodig blijkt en eventueel op verzoek, dieper ingegaan op het betreffende onderwerp.

 hemelbol :De mens in de oudheid ging er vanuit dat de aarde het middelpunt van het heelal was en niet van plaats veranderde. De sterren schenen hem lichtpunten toe, vastgehecht aan een bolvormige schaal van onbepaalde afmetingen. de werd door hem 'sfeer' of hemelbol genoemd .De hemelequator was de grootste cirkel op de hemelbol. Omdat de beweging van de aarde om de zon niet bekend was, kwam het hem voor, dat de zon zich voor de vaste sterren van de roterende hemelbol langs bewoog, waarbij zij in de tijd van een jaar de volledige cirkel, de ecliptica, doorliep van het westen naar het oosten. Door een met twaalfsterrenbeelden versierde zone aan de hemel die men dierenriem noemde, omdat zeven sterrenbeelden naar dieren genoemd zijn. Het vlak van de ecliptica staat scheef op de hemelequator, onder een hoek van 23,5 graden. Tweemaal per jaar passeert de zon op zijn baan langs de dierenriem de hemelequator: bij het begin van de lente en bij het begin van de herfst. Deze twee belangrijke punten worden 'lentepunt' en 'herfstpunt' genoemd.

Vers van de pers.

10 oktober 2008                                        


Europese sterrenkundigen hebben met behulp van de Very Large Telescope in Chili enkele zeer jonge sterren onderzocht. De sterren zijn enkele malen zo zwaar als onze zon en nog druk bezig met het aantrekken van gas uit de omgeving. Dat gas valt niet rechtstreeks op de ster, maar verzamelt zich in eerste instantie in een zogeheten accretieschijf die de ster omringt. Wat zich precies in zo'n schijf afspeelt, laat zich niet gemakkelijk onderzoeken: de meest nabije stervorminggebieden zijn ongeveer 500 lichtjaar van ons verwijderd, waardoor het zeer veel moeite kost om accretieschijven nauwkeurig te bekijken. De techniek waarmee de meeste details zichtbaar kunnen worden gemaakt, is de interferometrie. Daarmee wordt het door twee of meer telescopen opgevangen licht zodanig gecombineerd, dat de resulterende beeldscherpte vergelijkbaar is met die van een reuzentelescoop ter grootte van de onderlinge afstand van de gebruikte telescopen. De VLT, die uit vier afzonderlijke telescopen bestaat, kan op die manier een 40 tot 200 meter grote telescoop nabootsen. Met deze techniek is nu gekeken naar de gasstromen in de accretieschijven rond zes zeer jonge sterren. Bij twee ervan is vastgesteld dat er materie uit de schijf naar de ster toe valt, bij de andere vier is waargenomen dat materie uit de schijf terug de ruimte in stroomt. Waarschijnlijk vindt in alle gevallen een combinatie van beide verschijnselen plaats, maar dat moet nog nader onderzocht worden.

 

10 oktober 2008

                                                                                                                                                                                           
Wetenschappers gebruiken de om Venus draaiende ruimtesonde Venus Express om de leefbaarheid van de aarde te bestuderen. Dat lijkt vragen naar de bekende weg, maar het onderzoek heeft wel degelijk nut. De waarde van de opnamen die Venus Express van de aarde maakt, schuilt in het feit dat onze planeet voor zijn camera's kleiner is dan één beeldpixel. Feitelijk vertoont de aarde zich daardoor precies zoals planeten bij andere sterren, waarvan sterrenkundigen binnen afzienbare tijd de eerste 'aardachtige' exemplaren hopen te ontdekken. Door nu vast te stellen wat je over de leefbaarheid van de aarde kunt leren als deze slechts als een nietig lichtpuntje te zien is, hopen de onderzoekers straks gemakkelijker te kunnen ontdekken welke omstandigheden er op die verre aardes heersen. Soortgelijk onderzoek is eerder dit jaar ook met de ruimtesonde Deep Impact gedaan.

21:00 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

16-10-08

 

Verslag van de bijeenkomst 26 september 2008:

Agenda

Op de open agenda noteerden we  deze avond:

  • 1. "LHC"
  • 2. "2012" en Maya's.
  • 3. Op de vaste agenda stond een uiteenzetting onder de noemer "zwaarte­kracht en hoe wordt deze beïn­vloed?" door Jan Hermans.

 

Na goedkeuring van het vorige verslag en het doornemen van de administrativa werd de open agenda aangevat. 

•1.      LHC

 LHC (Large Hadron Collider) werd even besproken. Jan had een set beelden die met de laptop getoond werden. Kern van de vraag was "wat (en hoe) zoekt men met de LHC?"

In CERN ligt (deels op Frans en deels op Zwitsers grondge­bied) een 27 km lange cirkelvormige tunnel, 100 meter diep onder de grond. De voormalige deeltjesversneller is omge­bouwd tot de huidige, veel krachtigere LHC

Om de LHC-magneten supergeleidend te krijgen worden ze met duizenden m3 vloeibaar helium afgekoeld tot -271oC. en heerst er een enorm hoog vacuüm (meer dan in de ruimte zelf). Onder deze omstandigheden valt de elektrische weerstand weg en pro­duceert het apparaat magneetvelden; samen 100.000 keer zo sterk als het aardse magneetveld. De enorm krachtige magneten zijn hierdoor in staat bundels protonen supergeleidend bijna op de lichtsnelheid (99,9997%) te brengen. Door twee bundels protonen met dergelijke snelheid in een detectorruimte tegen elkaar te laten botsen, hopen de wetenschappers het theoretische Higgs-boson, het "Godsdeeltje" waar te nemen.

Waarom zoekt men dit deeltje? Het Higgs deeltje is het sluitstuk van het standaardmodel van elemen­taire deeltjes en het enige deeltje dat nog niet gevonden is. Zonder het Higgs deeltje zouden alle andere deeltjes massaloos zijn en met de vondst van dit deeltje verwacht men een antwoord te krijgen op de vraag vanwaar de zwaartekracht komt.

We weten dat een lek in de koeling de reden is dat de hele installatie momenteel tijdelijk stil ligt, maar het verhaal krijgt zeker een interessant vervolg.

 

•2.      2012 + Maya's.

 

Als inleiding gaf Lambert een korte uiteenzetting van de betekenis van 2012 in de Mayakalender. De dag van vandaag circuleren er tal van scenario's van doemdenkers die zich allemaal toespitsen op 21 de­cember 2012; "de dag dat de aarde zal vergaan"!

Waar komt dit vandaan? Antwoord:  Mayakoning Pacal Votan stichtte de Mayastad Palenque in Mexico. Het graf van Pacal bevindt zich binnen de Tempel van Inscripties in Palenque. Pacal was een heel hoog ontwikkelde man en gedurende zijn leven kende de Maya beschaving enorme bloei. Pacal liet een profe­tie na die bekend staat als de Telektonon. Deze markeert het einde van de 5e zon en als gevolg ervan de totale vernietiging. De Maya's hadden  diverse kalenders (cycli) en het beëindigen van een bepaalde cyclus was altijd het startpunt voor vernietiging en hernieuwde opbouw.  Voor zover de korte inleiding.

De vraag die gesteld werd was "welk zijn de gevolgen van een eventuele ompoling (zou gebeuren in 2012)?". Het antwoord hierop was kort en krachtig: je zal er weinig of niets van merken. Alleen een kompas zou afwijkende dingen laten zien. In het verleden zijn er al verschillende malen ompolingen geweest. Dit kan men aantonen aan de hand van de polariteit in gesteenten.

 

•3.      Zwaartekracht en hoe worden we er door beïnvloed?

 

Alles wordt door alles aangetrokken. Als een voorwerp 10 keer verder verwijderd is van de andere massa dan is de aantrekkingskracht: 10 * 10 = 100 keer minder!

In het luchtledige valt alles met dezelfde versnelling. Een veertje en een knikker komen in een luchtle­dige buis netjes samen beneden aan.

Regendruppels hebben er een reis van enkele honderden meters tot verschillende kilometers opzitten eer ze op je hoofd terecht komen. Die hebben dus heel wat tijd gekregen om te versnellen, maar toch hou je er geen blauwe plekken aan over. De druppel begint traag te vallen en gaat steeds sneller waardoor de wrijving met de luchtdeeltjes toeneemt tot het moment dat de zwaartekracht en de wrijvingskracht even groot zijn. Dan kan de snelheid niet meer verder toenemen en is er sprake van een "evenwichtssnelheid".

Neem nu 2 regendruppels die tijdens hun val met elkaar botsen en versmelten tot een dubbel zo grote nieuwe druppel. De nieuwe druppel zal weer versnellen tot er een nieuwe evenwichtssnelheid ontstaat Hoe groter de valsnelheid hoe meer zo'n druppel onderaan wordt afgeplat door de luchtweerstand. Na verloop wordt de druppel zo plat dat hij terug in kleinere druppels uiteenvalt. Dat punt ligt bij een dia­meter van 5 mm. Regendruppels van een halve cm doorsnede zijn de grootste die je dus ooit zult zien. Hagel is een ander geval. Bevroren water houdt zijn vorm. Het plat niet af onder invloed van zijn val­snelheid. Aparte ijsbollen kunnen onderweg aan elkaar vriezen tot afmetingen groter dan 5 mm diame­ter, soms wel tot het formaat van pingpongballen. Dergelijke projectielen veroorzaken niet alleen blauwe plekken maar kunnen ernstige schade teweeg brengen.

In de ruimte heersen dezelfde gravitatiewetten. Sterren trek­ken el­kaar aan, maar is er geen sprake van  luchtweerstand.

Jan bekeek met ons de onderlinge afstanden tussen de ster­ren. Een iet of wat sterrenstelsel telt  al snel 150 miljard ster­ren. De gemid­delde afstand tussen elk van deze sterren is ca. 1.000.000 maal hun eigen diameter. Als een ster een door­snede van  1 mm heeft, dan staat de volgende ster hier 1 km vandaan.

De afstanden tussen sterrenstelsels is gemiddeld 20-30 maal hun eigen diameter. Stelsels trekken elkaar aan en kunnen dus botsen. Jan toonde enkele beelden van botsende stelsels zoals het actieve stelsel: ARP 220.

In zichtbaar licht wordt waarnemen van stelsels moeilijk door de aanwezige stof- en gaswolken. Een ge­bied met lengere golflengte brengt ons meer informatie. We hebben dus "ander" materiaal nodig zoals de James Clerk Maxwell-telescoop. Deze kijker "kijkt" in het submillimetergebied en astronomen weten welke moleculen op een bepaalde golflengte herkenbaar zijn.

Een beeld van M 82 of Sigaarstelsel met stof en gaswolken liet zien welke processen opgestart worden als sterrenstelsel botsen. De kernen schieten door elkaar en door de verdichting van hun moleculaire gaswolken zal stervorming opstarten. Een belangrijk gegeven is dat sterrenstelsels magnetisme vertonen. Bij de verdichting van de wolk zullen deeltjes door gravitatie naar het centrum van de gaswolk worden getrokken, maar in sterrenstelsels heersen magnetische velden. Het magneetveld dwingt geladen deeltjes in cirkelba­nen rond de veldlijnen. Hierbij worden ook nog veel neutrale deeltjes door onderlinge botsingen meegesleurd .Aldus kunnen magnetische velden het instorten van de gaswolk verhinderen.

Conclusie: Het aantal geladen deeltjes in de wolk is bepalend voor de toe­komst van de wolk. Bekend is dat ARP220 en M82 momenteel voldoende geladen deeltjes vertonen om te verhinderen dat verdere verdichting plaatsvindt.

Het klinkt ironisch maar actieve stervorming verhinderen vaak verdere stervorming. Di is een gevolg van de UV uitstraling door de nieuw gevormde sterren. De jonge sterren stralen in het begin dikwijls veel UV-licht uit en deze straling zal de rest van de omgeving opladen en verhinderen dat het omlig­gende stellaire medium verder kan verdichten.

 

Jan sloot af met een beeld van de Herschel satelliet. Deze zal, sa­men met de ALMA telescoop die in 2012 in Chili in werking treedt (synthese van 50 antennes) meer inzicht verschaffen in het begrijpen van de vorming en de evolutie van sterrenstelsels.

21:59 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

02-09-08

Dertig jaren jong!!!!!!

Verslag van de Perseiden op maandag 11 augustus 2008.

 

Voor de zoveelste keer, dit jaar, waren we weer getuige van een typische Belgische bewolkte zomerdag. Niet alleen de dag, erger nog….ook de nacht was verduistert. Geen enkele ster was bij machte om door het wolkendek heen te stralen. We weten uit ervaring dat wolken zeer storend zijn tijdens de Perseiden. Een deels overdekte hemel maakt het waarnemen al een pak moeilijker. Je gaat onrustiger kijken en je focusseert je voor een groot deel op aankomende bewolking. Strooilicht zoals dorps- of straatverlichting,  gaat nog meer ongevraagde verlichting zorgen als ze reflecteert tegen die wolken. Nu….het was dit jaar niet van toepassing, de hemel zat potdicht. Geloof het of niet….daags nadien (dinsdag 12e augustus) was het kraakhelder, net als de dag voor het maximum. Die nacht was er een schitterend heldere Iridium te zien die tweemaal na elkaar zo helder werd dat haar lichtkracht die van een volle maan overtrof.

 

Waarnemers die zich niet voor één gat laten vangen hebben uiteraard al verschillende Perseiden gezien (en misschien gefotografeerd) tijdens de aanloop naar het maximum. Een oproep aan diegene die er een waarnemingssessie op hebben zitten. Breng tijdens de eerstvolgende studiebijeenkomst eens een kort verslagje? Heb je opnames, zet ze even op een stick, dan kan je ze tonen aan de leden. Heb je de Perseiden bekeken tijdens je vakantie, laat het ons weten!

 

30 Jaren Noorderkroon-Achel.

 

30 augustus, een paar weken voordat Noorderkroon officieel 30 jaren bestaat, organiseert de vereniging een fietsenralley. Een, speciaal voor dit evenement, opgerichte werkgroep stippelde een fietsroute uit over Achels grondgebied.

 

Alle deelnemers kregen een  routebeschrijving en een opdrachtblad waarop een veertigtal vragen die betrekking hadden met bepaalde punten op de fietsroute. De routebeschrijving hielp de deelnemers op het rechte pad, net zoals diverse strategisch aangebrachte wegwijzers.

 

DSCF4053
30 augustus 2008, de grote dag! Job en Lambert waren al vroeg op pad om de door Job gemaakte wegwijzers op de juiste plaatsen aan te brengen. Het was een fijne rit, een gezellige babbel en intussen genoten beide van een stralend mooie ochtend. Tegen half twaalf  was de volledige route bewegwijzerd en was het voltallige bestuur toegekomen bij het parochiaal centrum “Michielshof” te Achel-centrum. Door omstandigheden was de door ons besproken zaal bezet en kregen we een grotere zaal ter beschikking. Geen overbodige luxe, zo bleek later. Met een viertal mensen werd op amper één uur tijd een heuse tentoonstelling uit de grond gestampt. Weer een indrukwekkende kijkerstand, een PowerPoint presentatie met titel “ De historiek van de sterrenkunde”.

 DSCF4059

Dank zij het voorbereidend werk en een goede organisatie verliep alles vlotjes en kon Jan op tijd beginnen met het ontvangen en inschrijven van de eerste deelnemers. Ieder kreeg een routebeschrijving, vergezeld van een lijst met een veertigtal opdrachten die onderweg in te vullen waren. De route (voorgesteld door Jan) liep zo goed als volledig over Achels grondgebied en bracht de fietsers langs leuke wetenswaardigheden over de streek. We hadden het niet te moeilijk gemaakt bleek uit later binnengekomen resultaten. Het merendeel van de ingeleverde antwoorden was correct.  Terwijl de fietsers op pad waren kreeg het bestuur Linda Theunissen, de lokale Belang van Limburg-reporter over de vloer. Linda nam een kort interview af en maakte enkele foto’s voor de “Goed nieuws-krant” die enkele dagen later zou verschijnen. Na haar bezoek waren er nog enkele bezoekers en kijk…..weer was er een heel geïnteresseerde jongeling bij! Onze mensen verzorgden de uitleg en de werking van de opgestelde kijkers. Zij die ons bezochten toonde duidelijk interesse in hetgeen wij doen.

 

Toen de laatste deelnemers hun formulieren ingeleverd hadden werd het een gezellig samenzijn en werden jeugdherinneringen opgehaald. Als we al dachten te weten wat onze voorzitter in zijn leven al allemaal uitgespookt had…..nu weten we beter! We hoorden verhalen over oorlogsmunitie, over oorvijgen, over palingvissen met “Karbuur”, kortom…..er is wat afgelachen! De sfeer zat er goed in. Op de valreep  hebben we nog een andere Powerpointpresentatie laten lopen. “Van slak tot lichtsnelheid” is een heel humoristische presentatie die tussen het glimlachen door toch  enkele serieuze wetenswaardigheden aan de man (of vrouw!) bracht. We bekeken de fenomenen snelheid en licht eens door een andere bril. We trokken ( en bewezen het meteen!!) dat wat we zien in twijfel getrokken kan worden. Wat is kijken? Hoe kijken we? Met onze ogen of met onze hersenen? We hebben aan de hand van enkele tests bewezen dat we niet alleen met onze ogen kijken en dat datgene wat we met onze ogen zien niet altijd dat is wat het werkelijk is. Een leuk en gesmaakt intermezzo!

 DSCF4063

Al doende werd het half zeven en kon men overgaan tot de trekking van de gratis tombola. Noorderkroon had elf prijzen klaar liggen, te verloten onder de deelnemers van de fietsralley. Berke’s onschuldige hand trok uit de deelnemingformulieren de “lucky few” die het voorrecht genoten om met een prijs naar huis te gaan (!). Jan prees als een echte marktkramer de te winnen prijzen. Het werd een ludieke bedoening met als hoogtepunt de toekenning van de eerste prijs, een sterrenkijker en de winnaar was……..Jacky Hermans die zoals hij zelf zie “ nu moreel verplicht is om lid van Noorderkroon te worden”. We verwelkomen Jacky in onze rangen en hopen dat hij lang veel plezier mag beleven met zijn prijs. Na de uitreiking van de prijzen was het de hoogste tijd voor het afbouwen van de tentoonstelling en het verwijderen van de bewegwijzering.

 

Als evaluatie van de viering kan gesteld worden dat het organisatorisch meer dan goed was. Alle middelen werden aangehaald om dit tot een goed einde te brengen. Aan de inzet van de aanwezige leden heeft het zeker niet gelegen. Een stevige “dank je wel” aan al diegene die tijd en energie hebben besteedt aan het welslagen van ons zesde lustrum. Noorderkroon zal onvermoeid haar doelstellingen nastreven, het populariseren van de sterrenkunde! Met vernieuwde energie op weg naar  de volgende viering!

                                                                                                                                 LBe

DSCF4074

DSCF4060

DSCF4065

19:34 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

03-08-08

Sterren kijken in de zomer.

In de zomer, als we allemaal vakantie hebben en dus een hele boel vrije tijd, is er gelegenheid te over om te genieten van de sterrenhemel. Normaal gaan we pas kijken als het goed duister is en zitten we niet te "priengelen" tijdens de ultra-korte zomernacht. Toch even een andere toon neerzetten.....de zomer leent zich uitstekend om aan sterrenkunde te doen, ondanks de korte nachten.

Wanneer we op vakantie gaan doet er zich een mooie kans voor......een sterrenhemel te zien die we normaal alleen maar in de boekskes kunnen zien. Noorderkroners zijn ook maar gewone mensen, dus........die hebben ook vakantie.

Sommige van ons gebruiken deze tijd om andere "hemels" te verkennen. Ook zo dit jaar. Onderstaande opnames werden vanuit de Provence genomen. Je weet wel...de Provence... een droomgebied voor amateurastronomen. Heel heldere hemels, een zalige temperatuur en zicht op zuidelijkere sterrenbeelden. het was genieten en fotograferen geblazen. Enkele beelden daarvan:

Californianevel in de Provence

Casseopeia en omgeving

Casseopeia en Perseus, met de dubbele sterrenhoop x&h

Jupiter naast de Boogschutter

 De ruggegraat van de nacht!

Meteoor in de Grote Beer

Een zwakke meteoor net boven het sterrenbeeld de Grote Beer.

vallende ster

 Een vliegtuig in de Schorpioen en uiterst rechts een meteoor.

 

Noord-Amerikanevel Provence

 Noord-Amerikanevel in de Zwaan.

sterren kijken in de Provence

 Trifid- en Lagunenevel met het blote oog zichtbaar, net als vele andere objecten!

MELKWEG IN DE PROVENCE

De melkweg met de planeet Jupiter, naast het sterrenbeeld Boogschutter.

 

23:18 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

08-07-08

Opknap van de sterrenwacht.

We wisten het al een poosje: onze sterrenwacht loopt niet zoals we het wilden. De koepel blijft ons parten spelen, zowel in de winter als in de zomer. We zitten met een structureel probleem....

Hoe pak je dat aan? Wel..... zoek naar oplossingen en ronsel een paar handige "harry's". In het vorige maandblaadje hadden we een oproep geplaatst, op zoek naar vrijwilligers. Op zaterdag 5 juni zouden we met heel veel goesting en inzicht (en gereedschap) de problemen te lijf gaan. Jan, Job, Berke en Lambert waren om 14.00u op de sterrenwacht. Het eerste probleem bleek niet de werking van de koepel te zijn, maar de bevolking daarvan. We telden niet minder dan drie goedgevulde wespennesten. In en rond de nesten was enorm veel activiteit want het was lekker warm. Het zonnetje scheen lekker en de beestjes hadden er blijkbaar zin in. Job was de eerste die een liefdevolle steek mocht ontvangen. Het zou niet bij die éne steek blijven!!! (sorry Job).

DSCF2974

Hoe haal je een actieve wespennest van onder een koepel uit? Eerst en vooral overleggen en er voor zorgen dat alle mogelijke veligheidsvoorzorgen getroffen waren. We opteerden voor de snelle aanpak: een vuilzak er over en dan in no time verwijderen, die handel. Zo gezegd, zo gedaan. De hele klus nam ongeveer 3 seconden in beslag. Kwestie van sneller te zijn dan die ijverige beestjes. Het tweede nest, dat was een uitdaging.....het nest was over de loopring van de koepel gemaakt met de ingang langs onder. kan het nog moeilijker? Ik denk het niet....een aandere aanpak. Na even denken haalde Lambert een spuitbus Cockpit-spray uit de gereedschapskist en een aansteker........je kan het al raden....we besloten de beestjes uit te stoken!!!!

DSCF2979

Wil je ook zulke capriolen uithalen, denk er dan aan om met vuurpulsen het nest te vernietigen. hou het vuur niet te lang aan de spuitbus. Na het volledig verbranden van het nest kon er begonnen worden met het echte werk. Jan en Berke begonnen aan de electrische werken. Er waren enkele leidingen die niet aan de wettige voorschriften voldeden en die werden vervangen.

Job en Lambert gingen de windveer van de koepel te lijf. De windveer van de koepel loopt al sinds het begin heel stroef over het dakbeslag. Hoogste tijd om dit een tweetal centimeter in te korten. Terwijl beiden dit deden kwamen de eerste uitgevlogen wespen terug, op zoek naar hun nest. Behoorlijk nerveus om het verlies van hun nest waren ze een factor waarmee rekening gehouden diende te worden. We hielden over beurt de beestjes in de gaten terwijl de andere een kwart van de windveer voor zijn rekening nam. Een behoorlijk luidruchtig en zoals blijkt gevaarlijk werkje dat ondanks alles tot een goed einde gebracht werd. De koepel draaide al heel wat soepeler.

DSCF2987

Na de werken op het dak ging Job assisteren bij de electische werken terwijl Lambert enkele foto's maakte ( je moet tenslotte ook aan het jaarverslag denken, nietwaar?). Toen de electriciteitswerken klaar waren kwam de kers op de taart. Of de koepel nu soepel draaide of niet....we gingen een handlier aanbrengen, voor het geval de werking van de koepel zou omslaan van soepel naar moeizaam. Jan kon de hand leggen op een handlier en we dachten dat als we ringen op de koepel zouden vastlassen, kon men de koepel met de lier rond laten draaien. Tijd voor actie.....

Met z'n allen monteerden we de lier tegen de wand van de sterrenwacht en borgden de moeren, zodat die veilig en vast zaten. Toe kwamen de trekogen aan de beurt. Jan hanteerde het lasapparaat terwijl Lambert de trekringen positioneerde. Met een beetje moeite kwam de eerst trekring vast te zitten. Onmiddellijk testen, die handel........en wat bleek....we draaiden aan de lier en het oog van de kabelgeleider trok zowaar open.....wat een kracht!!!! Maar.......intussen had onze koepel geen millimeter bewogen....Onmiddellijk zagen we wat er aan de hand was....we hadden de eerste trekring op de loopring gelst in plaats van op de koepel.....hilariteit ten top.

DSCF3003

Terwijl Job de eerste ring met behulp van een slijpschijf recupereerde laste Jan de overige ringen en ditmaal wel goed. Resultaat: de lier doet wat er van verwacht werd. Onze koepel kan nu bedient worden door één enkele persoon. Nog snel even opruimen  en ja, hoor...het hing al even in de lucht (letterlijk en figuurlijk!!!) Job werd tweemaal op enkele seconden tijd gestoken.Snel op weg naar het terras. Loes kwam Job afhalen (jammer van dat Palmke, hé Job?) en Jan, Berke en Lambert resumeerde even op het terras. We sloten af om 18.20u

 

Aan allen die er een vrije zaterdag aan besteedde, heel hartelijk bedankt!!!!We zullen er één dezer de vruchten van kunnen plukken.

DSCF2993

DSCF2994

 

DSCF3013

 

DSCF3000

DSCF3007

 

DSCF3015

 

DSCF3013

21:20 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (1) |  Facebook | |

10-06-08

Pionierswerk in Achel

 

Administrativa:       

 

  • Op 5 juli (een zaterdag) gaan we de sterrenwacht eens onder handen nemen. De windveer van de koepel moet een beetje ingekort, er zal een lier aangebracht worden om de koepelrotatie soepelere te doen verlopen en we gaan de elektrische bedrading aanpassen aan de wettelijke normen. Een hele boterham om op één zaterdagnamiddag gedaan te krijgen. We gaan beginnen met de werkzaamheden om 14.00u. Ben jij een handige Harry? We zouden het zeer op prijs stellen als je ons komt helpen....vele handen maken licht werk.

 

  • Noorderkroon heeft besloten dat we tijdens de maand juli een korte zomerstop inlassen, deze eindigt met het waarnemen van de Perseiden op11 augustus (een maandag!).

 

  • Rectificatie blaadje juni: Het verschil tussen ruimteschroot en ruimtepuin is dat ruimteschroot afkomstig is van raketten, kortom afval door mensenhanden gemaakt. Ruimtepuin, daarentegen is afkomstig van brokstukken die een buitenaardse oorsprong hebben zoals planetoïden en dergelijke; Zeg maar hemelstenen.

 

 

 

Verslag van de bijeenkomst 6 juni 2008-06-06

 

Na een korte inleiding door Jan nam Berke het woord met het verhaal over zijn prille dagen in de sterrenkunde. We kregen van Berke een verhaal over hoe je in lang vervlogen tijden kon beginnen aan sterrenkunde. Het ging (Berke kennende....) niet alleen over sterrenkunde. Het was een serenade aan een enthousiaste jongeling die door hard werken (zonder blokken), loodgieten,  babbelen met een pater, zijn weg zocht door de toen onbekende wereld die we tegenwoordig "amateur-astronomie" noemen. Een verslag van een levensverhaal......

 

 

Pionierswerk in Achel

 

 

Berke begon zijn verhaal in het jaar 1948. In die tijd ging onze voorzitter naar de vakschool. Naar die school gaan betekende  's morgens om 07.00u in Sint Huibrechts-Lille op het station zijn. Telkens als Berke op weg was naar het station keek hij naar de sterrenhemel waar hij dingen zag die hij niet begreep. Hij verwonderde zich over het feit dat de sterrenhemel na verloop van tijd veranderde, dat er heel heldere "sterren" waren en dat die, net als onze zon in het oosten opkwamen en in het westen onder de horizon verdwenen. Berke was toen totaal onwetend wat sterrenkunde betrof. Wat hij wel wist was het feit dat hij toen 14 jaren jong was, dat het hem enorm boeide en dat hij, kost wat kost, er meer over te weten zou komen.

 

Berke ging naar de "boekerij" en zocht bijeen wat er te vinden was. We weten dat er toentertijd niet zoveel voorhanden was, maar hij vond wat hij zocht. Berke keek met mateloze verwondering in die boeken en leerde dat die heldere "sterren" die hem zo opvielen, eigenlijk geen sterren maar planeten waren. De helderste objecten die Berkes aandacht getrokken hadden waren Jupiter en Venus. De maan, nog zo een raadsel..... hoe kwam het dat die van uitzicht veranderde (de maanfasen). Ook dat raadsel werd via de boeken ontsluierd. Diezelfde boeken toonden dat de man bezaaid was met kraters. Berke kon het zich niet voorstellen...hij moest dit zien! Hij probeerde met een oude verrekijker, doch dat viel tegen.

 

Hoe meer Berke las, des te enthousiaster werd hij. Het "vuur" begon proporties aan te nemen, zo erg al dat hij zijn schoolkameraden bestookte met sterrenkundige uitleg (we kennen Berke, dus we kunnen ons hier iets bij voorstellen!). Zijn kameraden, echter waren minder onder de indruk. De materie boeide hen helemaal niet. Ze hadden het wel voor rond, zolang dat maar een voetbal was en, omdat het mes altijd aan twee kanten snijdt, was dat nu net wat Berke helemaal niet interesseerde. Of het zijn makkers iets interesseerde of niet, Berke volharde in boosheid en zal gedacht hebben " en ge zult luisteren...". Om toch hun aandacht te hebben besloot Berke om voor het examen Nederlands een voordracht te houden oven " Ons zonnestelsel". Voor een publiek van 50 leerlingen bracht Berke deze openbaring. Blijkbaar met zoveel vuur en gedrevenheid dat men niet anders kon dan Berke de volle 20 op 20 te geven. Misschien was het voor de leraar ook wel een openbaring?

 

Intussen bleef Berke boeken verslinden en foto's absorberen. Hij keek vol verwondering naar foto's die genomen waren door de grote professionele  kijkers die toen in gebruik waren. Vooral Mars en Venus bleven hem boeien, er was immers de open vraag van "is er leven op die planeten?" Dit was de tijd van de Marskanalen en Venus, de zusterplaneet van de Aarde.

 

DSCF2862

Berke studeerde af in 1952 en ging als loodgieter werken in de bouw. Gedurende 1 jaar in Neeroeteren en gedurende 5 jaren in Mol. In deze tijd moest Achel het zonder Berke doen en stond de sterrenkunde op een bijzonder laag pitje. Na die zes jaren besloot Berke zijn beroep uit te oefenen op zelfstandige basis en keerde terug naar zijn "heimat", waar hij via een kennis in contact kwam met pater Mauritius op de Achelse kluis. Pater Mauritius zou een grote invloed hebben op Berke. Als er veel werk was in de drukkerij van de pater ging Berke helpen en intussen....je raadt het al, sterrenkunde en nog eens sterrenkunde. In de persoon van vader abt vonden ze nog een bondgenoot. Vele uren brachten ze samen door, in gesprek over hun gedeelde liefde, de astronomie. Pater Mauritius had een 10 cm Newtonkijker. Dezelfde kijker die wij als erfstuk geschonken hebben gekregen. Het was door deze kijker dat Berke voor het eerst in zijn leven een degelijke blik op de maankraters had kunnen werpen, voor het eerst Saturnus kon bewonderen en voor het eerst de schijngestalten van Venus zag. Berke was zo onder de indruk dat hij er nachten van wakker lag. Hij wist het.........zo een kijker wou hij ook kopen.

 

Crb wandeling_0007web

De kijker waar Berke zijn zinnen op gezet had werd gemaakt in Duitsland, bij de firma Kosmos Lehrmittel. Toevallig werkte er op de kluis iemand die een broer had die daar werkte ( hoe groot is de kans?)  en er voor kon zorgen. Maar........dan moest Berke niet minder dan een vol jaar geduld oefenen!! Om de douane te misleiden moest de kijker ook nog eens volledig gedemonteerd en zo de grens over. Toen de hele handel eenmaal in Belgenland was en terug in elkaar gezet was, bouwde Berke een sterrenwachtje op zijn plat dak. Hij spendeerde er honderden uren en leed er evenveel kou. In de boeken vond Berke sterrenkundige objecten zoals de Orionevel en de draaikolknevel. Hij zocht ze op met zijn kijker en vond hen

 

 

Een paar jaar na de feiten ging Berke uitbreiden. Hij kocht een 21.5 cm Newton en bouwde meteen met de hulp van "Noorderkroon"  een grotere sterrenwacht onder wat wij de  "zenitboom" noemde. Normaal bouw je een sterrenwacht NIET onder een boom, maar ja....wie niet waagt, niet wint. Nu, enkele maanden voordat Berke die grotere kijker kocht gebeurde er iets wat Berkes leven ging veranderen. Adriaan Claassen en Guido Honnay kwamen vragen of Berke interesse had om samen een sterrenkundige kring op te starten in Achel. Dat was in 1978 (jawel.....dertig jaren geleden!!!!). Berke zag de zon doorbreken en was er meteen klaar voor. In die tijd had Guido Honnay een eigen sterrenwacht met een 6 cm refractor. Daarbij de twee kijkers van Berke en nog enkele kijkers van anderen bracht het instrumentarium van de kersverse vereniging "de Noorderkroon" op een respectabel aantal. Men was er klaar voor. Adriaan Claassen zou de eerste voorzitter worden. Zij die al van het begin aangesloten waren herinneren zich de leutige uren en de vele anekdotes. De tomatensoep, de druiven......soms vergaten we naar de sterren te kijken (allee, sommige dan toch!!!).

 

Berke keek met nostalgie terug naar de "treffers", naar die incidenten die amateur-astronomie maken tot datgene wat wij er voor voelen, sommige incidenten zijn "once in a lifetime" zoals de komeetinslagen op Jupiter, de vlammende vuurbol, de tijdsregistratie (penrecorder) tijdens de Perseiden, noem maar op....

 

Berke ronde zijn verhaal af met het relaas van zijn astronomische klokken (diegene die niet weet hoe je een tandwiel maakt o hoe je een cirkel in 51 delen verdeeld zonder te meten: contacteer Berke en (heel voornaam) luister naar wat hij te vertellen heeft. Hij zegt het maar éénmaal). Fotografie kwam aan bod en de bekentenis dat astronomische fotografie niet helemaal zijn ding was. Bij gebrek aan kennis en goede apparatuur wou het maar niet lukken.

 

Berke resumeerde dat hij niet minder dan zestig jaren actief is in de sterrenkunde en er nog steeds niet op uitgekeken is. Hij eindigde met volgende woorden:

 

"Ik ken niet veel van de nieuwste theorieën over sterrenkunde, maar ik kan wel zeggen dat ik samen met U allen een mooie tijd heb beleefd met deze mooie hobby. Samen met mijn andere hobby, waar ik nu de meeste tijd in steek, namelijk muziekoptredens, heb ik nu een welgevuld leven opgebouwd."

                        Uw voorzitter Lambert Breemans

 

IMAG0001

Dat was het einde van Berkes betoog......tenminste dat dacht hij zelf. Er waren nog zoveel andere aspecten die Berke niet aangehaald had. We hielpen hem een beetje op dreef. Berke bouwde tijdens zijn carrière als amateur-astronoom diverse astronomische klokken (van groot tot klein) , diverse planetaria, hij bouwde een windmolen die zo sterk was dat je er bomen mee kon uitdoen. Berke heeft dit tijdens een storm effectief toegepast (niet dat dat de bedoeling was). Diezelfde windmolen produceerde zoveel energie dat "het water uit de batterijen spoot". Berke was heel actief in de flora: hij kende alle inheemse planten en benutte de voordelen van kruiden, waar hij aftreksels en thee van produceerde, tot ieders heil. Hij hield zich op een gegeven ogenblik bezig met "Bellekens", Fuchsia's voor de kenners. Berke bracht niet minder dan 3000 planten bijelkaar. Drieduizend planten, verdeeld over 224 soorten, gaven de Hoek een beetje de allure van de "Plantentuin van Achel (ipv Meize)". Heel recent geleden heeft Berke een ander plantkundige vondst gedaan. De wonderplant Aloe-Vera heeft Berke van een tig-jarige eczeem verlost. Berke is nu een "Aloe-Vera-believer".

 

 

Stroom......Tesla-generator...Berke is niet meer te stoppen. Hij tekende uit het hoofd het schematische plan voor een "bliksem-machine". Zo een ding dat je de haren ten hemel doet rijzen. Berke zette de hele kamer onder de statische "elentriek". De klok ging al richting elf uur en Berke had nog lang geen zin om te stoppen. Moet je weten dat hij ons voordien liet weten dat het NIET avondvullend zou worden en dat we nog een ander punt op de agenda moesten zorgen. We hebben ons daar niks van aangetrokken want we lopen al zolang met Berke mee dat we op voorhand wisten dat het langer zou duren...veel langer. 

 

 

We hebben een fantastische avond gehad en hebben ons heel even kunnen inleven in Berkes eerste onwetende, maagdelijke stappen in de wondere wereld van de sterrenkunde. Zoals Jan in het begin al liet weten: we hebben ook een Lord Rosse in ons midden (de titel moet nog binnengehaald, maar toch...). Net als Lord Rosse toonde Berke inzet en volharding in tijden waar men sterrenkundige aanzag als excentriekelingen. Berke trok zich daar niets van aan. Hij deed zijn eigen ding en bracht dit over aan anderen.

 

 

Net als Adriaan, toentertijd, kende Berke ook emotionele momenten terwijl hij zijn relaas bracht. Het zijn deze subtiele tekenen die een mens karakteriseren. Het zijn die emotionele momenten die aangeven  "hier zit een man met een passie, met een levensverhaal. Hier zit iemand die iets te vertellen heeft".  Berke, we hebben er lang op gewacht, maar.....  bedankt voor een rijkelijk gevulde avond en een levenservaring rijker!!!

                                                                                                                                                                   LBe

Logo Noorderkroon

 

 

 

21:02 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (2) |  Facebook | |

27-05-08

Aquila & Noorderkroon, blik omhoog!!!!!!

 

Verslag van de 3e gezamenlijke bijeenkomst Noorderkroon-Achel en Aquila Lommel.

Onze derde gezamenlijke bijeenkomst (Noorderkroon & Aquila) werd vereerd met het bezoek van de voorzitter van het VVS, Stijn De Jonge. Een bijeenkomst met DRIE voorzitters....je zou voor minder! Rudi van Bommel (voorzitter Aquila) opende de avond en maakte de agenda bekent. Voor Achel zou Jan Hermans zijn lezing over de kijker van Lord Rosse brengen en Lommel mocht de avond afronden met een uiteenzetting over ruimteschroot door Bram Dorreman. Onze voorzetter plaatste een kort dankwoordje en bevestigde ons voornemen om deze activiteit jaarlijks op de agenda te houden. Jan nam het woord:

 

De kijker van Lord Rosse.

Kijken we eerst even naar William Herschel (1738-1822), geboren te Hannover. Hij was van beroep muzikant bij de Hannover stadswacht. Tijdens de 7-jarige oorlog (Frankrijk-Hannover) is hij samen met zijn broer naar Engeland gevlucht. Hij vond er werk als organist, las boeken van Watson over sterrenkunde en kreeg zo interesse voor astronomie. 

Hij bouwde zelf een 16 cm Newton telescoop. Voor het slijpen van zijn spiegel ontwikkelde Herschel zijn eigen slijptoestel, sleep een spiegel van16 cm waarmee hij in1781 de planeet Uranus ontdekte. (tijdens zoektocht naar kometen) Hij noemde de planeet "GEORGIUM SIDUS" naar de toenmalige koning van Engeland; koning George de 3de. Hiermee verwierf hij de gunst van de koning en werd hofastronoom. Hij wist de koning te overtuigen voor het maken van een grotere kijker en kreeg hiervoor de financiële steun.

Bij zijn aanstelling als hofastronoom kreeg hij van een vriend een catalogus van Messier, die al enige tijd bezig was met het noteren van "vaste vlekjes" tijdens zijn zoektocht naar kometen.. Niemand kon zeggen wat die vlekjes waren, hoe ver ze stonden of eender wat...

Met een kijker van 12m en een spiegel van 1,22 m ontdekte Herschel ook duizenden nevelachtige vlekjes en stelde hiervan zijn eigen catalogus op. De beeldkwaliteit van de grote kijker was echter niet zo goed en de vlekjes waren met de grote telescoop niet te verklaren.

 

In Ierland woonde tussen 1800 en 1867 Willams Parsons. Hij was van adellijke afkomst. Het geslacht woonde al sinds 1620 op een groot landgoed aan de rand van Birr (midden Ierland).

Tot zijn 18e jaar kreeg hij privé onderwijs op het landgoed. Hij was een uitstekend student en studeerde verder aan de universiteit in Dublin en Oxford. Hij werd een bekwaam wetenschapper en ingenieur.

William Parsons was gedreven om het raadsel rond de nevelachtige objecten uit de catalogi van Herschel en Messiers op te lossen. Vanaf 1827 begon hij te experimenteren met het bouwen van een telescoop en het vervaardigen en slijpen van spiegels.

W. Parsons nam, behalve een smid en een timmerman,  nog veel ander personeel in dienst en liet op het landgoed werkplaatsen en ovens bouwen. Hij leidde ook persoonlijk zijn personeel op.

Alle fabricage methoden voor het vervaardigen en slijpen van een spiegel werden in die tijd ofwel strikt geheim gehouden of helemaal niet gedocumenteerd. Ook gegevens van W. Herschel waren niet gedocumenteerd.

Om zich volledig te kunnen toeleggen op de ontwikkeling van zijn telescoop gaf hij in 1834, tot verbazing van zijn collega's parlementairen, zijn zetel in het parlement op.

 

Spiegels waren in die tijd nog niet van glas maar van metaal. Het gieten van grote glasschijven en het aanbrengen van een dunne laag zilver werd pas mogelijk na 1860. Als spiegelmetaal werd een legering van koper en tin gebruikt. De juiste verhouding was zeer belangrijk om een maximaal reflecterend vermogen (ca 65%) te verkrijgen. Het metaal werd "speculum" genoemd.

 

Het gieten van een spiegel was geen sinecure. Er was de nodige metallurgische kennis nodig. De metalen werden gesmolten en uitgegoten, waarna het zeer langzaam moest afkoelen om spanningen en scheuren te voorkomen. Zo een metalen spiegel verweerde daarna snel aan de lucht met als gevolg dat er regelmatig moest worden gepolijst. Verder was het materiaal enorm bros waardoor het tijdens het slijpen graag brak.

De eerste experimenten met een schijf van 38 cm mislukten. Tijdens het afkoelen sprong de schijf telkens weer in stukken. Na meerdere pogingen besloot hij de spiegel dan maar in segmenten te maken en deze op een messing schijf vast te solderen. Het lukte hem een spiegel met een brandpuntsafstand van 360 cm te slijpen die vrij goede beelden gaf. Dank zij dit succes experimenteerde hij verder en ten slotte kwam in 1839 een goed werkende, uit 16 segmenten opgebouwde spiegel van 90 cm diameter tot stand met een brandpuntsafstand van bijna 8 meter. Sterren bleven scherp bij vergrotingen van 600 en 1000 keer.

Uit segmenten opgebouwde spiegel gaven wel veel problemen. De gesoldeerde hechtingen bleven niet goed vastzitten, het slijpen was erg moeilijk en tegen de doorbuiging moest de bodem een speciale constructievorm hebben.

Omwille van al die problemen zette Parsons het onderzoek naar gieten en afkoelen verder en slaagde er nog hetzelfde jaar in een spiegel van 90 cm uit één stuk te gieten en te slijpen. De spiegel werd in de kijkerbuis gemonteerd en Parsons onderzocht er de nevels mee die Herschel had opgetekend, maar deze gaven hun geheimen nog steeds niet prijs. Er was een nog grotere telescoop nodig...

 

Herschel had zijn eigen slijpmachine ontwikkeld, maar gezien de al lang afgedankte 122 cm van W. Herschel, die nauwelijks bevredigende resultaten had opgeleverd, had Parsons meer vertrouwen in zijn eigen systeem en ontwikkelde zijn eigen slijpapparaat.  Hij beschreef in detail hoe hij te werk ging. De slijpmachine bestond uit een grote tafel (7m) waarop de spiegel liggend ronddraaide terwijl de slijpschijf erboven door stangen en excentrieken heen en weer bewoog. Met tegengewichten was de slijpdruk perfect regelbaar. Het geheel werd aangedreven door een zelfgebouwde stoommachine van 3 pk.

De spiegel lag in een bak met water van 13°C, maakte 1 omw/ 2 min en rustte al op de ondersteuning die later ook in de telescoop werd gebruikt. De excentrieken draaiden met verschillende snelheden. Met zand en amaril werd het grove werk gedaan en werd de spiegel sferisch geslepen. Daarna werd de schijf vervangen door een gegroefde schijf, bedekt met 2 dunne lagen pek (een zachte en daarover een harde laag). Een papje van ijzeroxide en water, tarwebloem, ammonia en zeep werden gebruikt voor het fijne polijstwerk.

De Foucoultest was nog niet uitgevonden; er bestond dus nog geen goede testmethode.

Om te testen stelde Parsons zijn slijpmachine op onder een toren v/h kasteel. In de verdiepingsvloeren werden luiken gemaakt en boven op de toren, 30 m hoog, stond een vlaggenmast. Hierop werd de wijzerplaat van een zakhorloge bevestigd. Door een van de luiken op de verdiepingen werd halverwege een vangspiegel en een oculair opgesteld. Zo ontstond een grote Newton-opstelling waarmee de beeldkwaliteit overdag, tijdens het slijpen kon worden getest.

Om te controleren op paraboolvorm dekte Parsons de spiegel af met een serie ringdiafragma's en mat de locaties waar de cijfers en punten scherp waren. Hij berekende de posities waar deze beeldvlakken bij een perfecte paraboloïde moesten liggen en vergeleek die met de meetresultaten. Door variatie te brengen in de slaglengte van de twee excentrieken werd de vorm gecorrigeerd. Bedenk hierbij dat het verschil in diepte tussen sferisch en parabolisch bij een spiegel van 90 cm diameter slechts 1,3μm (0,0013mm) bedraagt. Dit maakt echter wel het verschil tussen een goede en een niet goede spiegel.

 

In 1836 was hij getrouwd met de steenrijke Mary Field en erfde in 1841 het landgoed van zijn vader. Hij werd toen Lord Ross; de 3de Earl of Rosse. Nu beschikte hij over alle mogelijkheden en financiële middelen om zijn droom te verwezenlijken.

Hij wilde een telescoop met een dubbel zo grote diameter en koos voor een spiegel uit één stuk met een diameter van 180 cm. Brandpuntsafstand 16 meter. De spiegel werd berekend op een dikte van 17 cm speculum metaal. Gewicht ca 4000 kg. Uit vorige ervaringen wist hij dat dit zou moeten lukken met een legering van 68.2% Cu en 31.8 % Sn.

Speculum had de neiging snel te kristalliseren tijdens het afkoelen en wordt dan slecht polijstbaar. Het metaal moest dus zo snel mogelijk afkoelen zodat er geen tijd voor kristallisatie bleef, maar dat gaf weer grote kans op spanningen en breuk. Voor dit probleemontwikkelde Lord Rosse een speciale gietvorm, voorzien van koelribben in de bodem waarmee het geheel gelijkmatig afkoelde.

Alle taken voor het gieten werden van tevoren meerdere malen "droog" geoefend en op 13 april 1842 was het zover. 3 Enorme gietkroezen waren gevuld met vloeibaar speculum. Op een teken van Lord Rosse werden de 3 kroezen snel en gelijktijdig leeggegoten. Een spectaculaire gebeurtenis terwijl het bijna 1100 °C hete metaal spetterend en vonkend in de vorm stortte. Na 20 minuten afkoelen was het metaal tot de bovenkant volledig vast. De schijf werd snel in de gereedstaande koeloven getrokken die voorverwarmd was op 500°C. Hierin verbleef ze 6 weken om langzaam verder af te koelen tot kamertemperatuur.

Alles verliep volgens plan en de schijf werd op de slijpmachine geplaatst. Na 1 maand slijpen brak de spiegel. Alles werd opnieuw gedaan en de 2de keer werd na 2 maanden slijpen een bruikbare spiegel verkregen.

Omdat de spiegel zou oxideren en regelmatig moest geslepen, werd een 2de exemplaar gegoten om "snel"(4ton) te kunnen omwisselen. De 2de schijf brak echter bij het afkoelen omdat bleek dat de muren van de koeloven niet aan beide zijden even dik waren wat spanningen in het materiaal bracht tijdens het afkoelen. Na nog enkele pogingen lukte het de 5de keer om een reserve te vervaardigen.

 

Gelijktijdig aan de pogingen met de spiegels werd het concept van de kijker uitgewerkt.

Lord Rosse koos voor stabiliteit want de 90 cm was al eens omgewaaid. Een azimutale opstelling om in alle richtingen waar te nemen was wel niet meer mogelijk, gezien de afmetingen en het totaal gewicht van meer dan 12 ton. Het zou een ietwat vreemde Newtonkijker worden die steunde op een kogelgewricht in de bodem.

Hij stelde de telescoop op tussen 2 stenen muren van 21 m lang,17 m hoog en 8 m tussenruimte. De buis lag in rust met de opening naar het zuiden en werd gemaakt van hardhouten planken rond ijzeren hoepels met een diameter in het midden van 240 cm. en afnemend naar 210 cm aan de uiteinden. Bovenin stond een 23 cm grote vangspiegel van speculum op een zware ijzeren stang gemonteerd.

De onderkant van de buis had een grote vierkanten bak waarin de spiegel was gemonteerd. Om doorbuigen te voorkomen was de spiegel ondersteund op 27 punten. Drie instelschroeven droegen elk een balancerende driehoek die op ieder hoekpunt met kogelgewrichten opgestelde driehoeken aandrukten en zo het gewicht verdeelden. Later bleek dat de spiegel nog vervormde en werd nog een extra laag driehoeken toegevoegd zodat het aantal steunpunten 81 werd.

 

Om de buis op te tillen liep een ketting over een kettingwiel op een hoog boven de muren  uitstekend staketsel naar een lier op de grond aan de achterzijde. Aan beide zijden liepen kettingen met zware tegengewichten om de stabiliteit te verzekeren en als de buis te verticaal kwam werd ze tegengehouden door 3 tegengewichten die dan achtereenvolgens werden opgetild.

Aan de binnenkant van de muren liepen 2 meridiaanbogen waarover een dwarsbalk kon bewegen.

Over die balk kon, met een rondsel en een tandheugel, de kijker van oost naar west heen en weer worden bewogen waardoor bijna een uur kon worden gevolgd. De declinatie ging tot 105° waardoor men ook deels in het noorden kon kijken.

 

Om de waarnemer bij het oculair te brengen aan de voorkant van de buis, waren drie beweegbare galerijen aanwezig die via ladders werden bereikt. De laagste liep langs de voorzijde en bestreek een hoogte van 15 - 45 graden. De 2 anderen konden over de muur tot bij de buis worden geschoven en bestreken het gebied van 45 tot 75 graden en van 75 tot 105 graden.

 

De oculairhouder droeg 2 oculairs op een slee naast elkaar om snel te wisselen. Omdat de kijker geen zoeker had, deed een zwak oculair als zodanig dienst, met een veldlens van 15 cm diameter en een gezichtsveld van 31 boogminuten. Met het andere oculair werd waargenomen met vergrotingen van 200 tot 1300 maal. De waarnemer had een fijnregeling voor oost-west beweging binnen handbereik, maar voor verdere verplaatsingen van kijker en bordessen waren assistenten op de grond en op de muren nodig.

Na het waarnemen werd de spiegel afgeschermd tegen vocht door een geventileerd deksel, gevuld met ongebluste kalk. Om de spiegel te wisselen werd de kijker verticaal geplaatst en reed men met een karretje tot onder de kijker.

 

Februari 1845 was de telescoop gereed en waren 2 bekende astronomen (Dr Robinson; sterrenwacht Armagh en Sir James South van Londen) uitgenodigd voor de eerste waarnemingen. Het weer in Ierland is echter onvoorspelbaar. Op 15 februari waren er enkele korte heldere momenten, net genoeg om de dubbelster Castor in de tweeling en M-67 in de kreeft waar te nemen en dan trok de lucht weer dicht, maar de telescoop had getoond uitstekende beelden te leveren.

Lord Rosse begon ernstig aan waarnemingen te doen. Hij koos een nevel die Herschel beschreef als " heldere ronde nevel met halo of ring er omheen, mogelijk met een begeleider" (M51 in de jachthonden) en hij zag iets wat nooit iemand eerder had gezien. Hij zag duidelijk armen die als spiralen vanuit het centrum naar buiten liepen. Omdat fotograferen van zulke lichtzwakke objecten toen nog niet mogelijk was maakte hij schetsen aan de kijker.

Lord Rosse kon M51 niet in sterren oplossen zoals hij had gehoopt, maar concludeerde dat er zich interne bewegingen en dynamische processen van nog onbekende aard moesten afspelen. Ook nu nog staat M51 bekend als de draaikolknevel.

Vergeleken met moderne opnamen geeft zijn schets een frappante overeenstemming. Een jaar later ontdekte hij ook een spiraalstructuur in M99 en M101. Het duurde nog wel een tijd vooraleer beroepsastronomen overtuigd waren van het bestaan van spiralen, omdat geen enkele andere telescoop ter wereld in staat was deze details te tonen.

De eerstvolgende jaren werd er minder waargenomen dan verwacht. In Ierland brak in 1845 een rampzalige hongersnood uit die 3 jaar zou duren. (schimmelziekte doet aardappeloogst mislukken) Pas na 1848 kon opnieuw regelmatig worden waargenomen.

Stellen we ons eens zo een waarneming voor dan moet die behoorlijk moeizaam zijn verlopen.

Er moesten altijd minstens 4 mensen aanwezig zijn. Na het voorbereiden van de kijker, het positioneren en het plaatsen van de gaanderijen komt de waarnemer in het nachtelijk duister aan, klimt tot op een hoogte van 15 a'16 m. zoekt een sterke vergroting en begint een nevel te tekenen, soms bij temperaturen onder nul. Telkens moet hij daarbij instructies geven aan de 2 assistenten beneden aan de lier om het hoogteverschil bij te stellen en aan de derde man bij de oost-west beweging om de kijker en het bordes, zonder zelf iets te zien, te bewegen met de juiste snelheden. Alleen met de juiste werkmethode kon het object gedurende maximum 1 uur gevolgd worden. Dit heeft zeker vaak ergernis opgeleverd en eiste veel volharding.

 

In tegenstelling tot anderen schreef Lord Rosse uitvoerige verslagen over de testen, de materialen, de bouw en de technische constructie. Hij publiceerde al zijn waarnemingen in wetenschappelijke tijdschriften.

Zijn vrouw deelde zijn belangstelling voor wetenschap en was de 1ste vrouw die zich intensief bezighield met de opkomende fotografie. Haar doka is nog steeds in het kasteel bewaard gebleven. Nadat waarnemingen fotografisch konden worden vastgelegd werd het eenvoudiger om beroepsastronomen over de wereld te informeren en te overtuigen.

 

William Parsons, de 3de Earl of Rosse stierf in 1867. Zijn zoon  Laurens zette zijn werk verder en deed veel onderzoek aan Jupiter en positiemetingen aan de manen van Uranus. Hij deed ook veel onderzoek naar het meten van de temperatuur op de maan en vond maxima die later redelijk nauwkeurig bleken te zijn. Hij ontwikkelde ook een volgmechanisme met wateraandrijving voor de grote telescoop en onderzocht veel nevels en sterrenhopen. Een van zijn assistenten was Louis Dreyer, de man die later de NGC-catalogus van nevels en sterrenhopen publiceert.

Na de dood van Laurens Parsons, de 4de Earl of Rosse in 1908, kwam er een eind aan de vele waarnemingsactiviteiten op Birr Castle.

72 Jaar lang was het de grootste telescoop ter wereld maar omdat er geen activiteiten meer plaatsvonden raakte het apparaat langzaam maar zeker in verval. De kijker was na 1917 niet meer de grootste van de wereld, maar werd overtroefd door de 100 inch (254 cm) op Mount Wilson in Californië.

 

Tijdens het verder verloop van de 20ste eeuw kreeg de natuur systematisch grip op de enorme constructie en woekerden planten zich overal tussen met alle gevolgen van dien.

De reserve spiegel bleef jaren onaangeroerd klaarliggen op de wisselwagen, wachtend op zijn plaatsing tot in 1968, 100 jaar na de dood van Lord Rosse, het plan werd opgevat om de telescoop in ere te herstellen.

De renovatie startte in 1996. De buis werd weggenomen voor herstel, de muren werden hersteld en in Londen werd een nieuwe metalen spiegel van 180 cm geslepen. Niet meer van speculum (te moeilijk) maar van aluminium; bedekt met een laagje nikkel van 0.1 mm. Na een half jaar werd de kijkerbuis feestelijk ingehuldigd.

In 2001 werd de optiek terug geïnstalleerd en was de telescoop weer helemaal operationeel. 

Regelmatig worden er nu kijkdagen voor het publiek georganiseerd en wie momentgeel een bezoek brengt aan de telescoop komt zeker onder de indruk van de fantastische prestatie die door deze pionier werd geleverd. Een amateurastronoom die door zijn positie in de gelegenheid was een fortuin te besteden aan het realiseren van zijn droom. Hij was er van overtuigd dat alleen met heel grote kijkers dieper in het heelal kon worden doorgedrongen en bouwde daarom de grootste telescoop ter wereld. Hiermee wist de structuur van spiraalnevels te ontrafelen die een van de belangrijke bouwstenen van het heelal vormt en nog steeds onderwerp van intensieve studie is.

Ondanks zijn fysieke en financiële inspanningen, zijn uitgebreide experimenten en zijn wetenschappelijke publicaties verwierf William Parsons minder bekendheid dan anderen in de geschiedenis van de astronomie. Hij werd eerder aanzien als iemand die kapitalen verkwanselde aan experimenten met nagenoeg geen kans op slagen.

Met de kijker van Lord Rosse is een enorme vooruitgang geboekt in de sterrenkunde. Deze realisatie was mogelijk dank zij zijn financieel gunstige positie, maar absoluut zeker door zijn overtuiging, zijn vastberadenheid en zijn technische en wetenschappelijke kennissen zijn ongelooflijk doorzettingsvermogen.

 

 

Jan, bedankt voor een boeiende en leerrijke uiteenzetting!! We kijken nu heel anders aan tegen Europees pionierswerk in de sterrenkunde. Na deze uiteenzetting was het aan Bram Dorreman.

 

Over ruimteschroot en ruimtepuin.

 

Bram bracht een presentatie over de talloze objecten die (nutteloos en gevaarlijk!) boven ons hoofd de omtrek van de aarde onveilig maken; ruimteschroot en ruimtepuin.

 Het verhaal begon met de vermelding van satelliet USA193 die, net als de Chinese Feng Yun 1C kapotgeschoten werden en met de astroïde Apophis die op botsingskoers zou zitten.

Buiten deze drie "objecten" zijn er nog een heleboel andere brokstukken van kunstmanen en, niet te vergeten het ruimtepuin. De toon was al meteen gezet: ruimtepuin is afkomstig van kunstmanen en "left-overs" van lanceringen, terwijl ruimtepuin de verzamelnaam is voor alles wat overblijft na een botsing tussen planetoïden en dergelijke. Ook de NEO's (Near Earth Object's) vallen onder deze categorie. Bram besteedde even aandacht aan de nomenclatuur van de verschillende "bekende" brokstukken die boven ons hoofd bewegen.

 

Een vraag die onherroepelijk naar boven komt is: "hoe druk is het daarboven?". Het antwoord op deze vraag laat zich in volgende getallen formuleren:

 

  • 110.000 stuks gaande van 1 cm tot 10 cm
  • 35.000.000 stuks kleiner dan 1 cm.

 

Een radar zal alle deeltjes zien die groter zijn dan 10 cm. Een paar voorbeelden van radarinstallaties zijn HAYSTACK en HAX. Gaan we naar het visuele dan wordt er gekeken met bvb de LMT (Liquid Mirror Telescope), een kijker die als spiegel een bad met kwik gebruikt dat aan een bepaalde snelheid roteert. Deze rotatie geeft een kromming in haar oppervlak en dit is dan meteen de vorm van de hoofdspiegel. Nadeel van deze kijker is dat er alleen maar recht omhoog gekeken kan worden.

 

Het ruimteschroot kan men opdelen in enkele categorieën:

 

  • Uitgewerkte rakettrappen.
  • Missie gerelateerde objecten (instrumentendeksels, neuskegels,...)
  • Break-up's van explosies
  • A/E's anomalies events

 

Ruimte-explosies komen veelvuldig voor. Men telde er niet minder dan 179 per 2004-05. De allereerste ruimte-explosie dateert van 21-6-1961. Het betrof een Ablestar-raket, een Delta 1 raket met een Proton Ullage. Van dit type motor zijn 36 bekende explosies geweten. Explosies die meteen voor een behoorlijk gehalte aan ruimteschroot zorgden. Naar accidentele explosies zijn er ook nog de bewuste explosies. Na einde taak kan men beslissen een satelliet te vernietigen door middel van een explosie. De EORSAT en de KOSMOS 2421 wijn voorbeelden van bewuste explosies. Ook de Fen Yung 1C (1999-025A) die niet meer naar behoren fungeerde werd op 11 januari 2007 "uit de hemel" geschoten en leverde niet minder dan 2400 fragmenten op.

 

Break up's zijn naast bewuste en onbewuste explosies een andere bron van ruimte schroot. Molniya's en OKO's die een sterk elliptische baan hebben kunnen het wel eens begeven en een bron zijn van ongecontroleerd ruimteschroot.

 

Botsingen, nog een aannemelijke reden voor schroot. Bram haalde de Franse satelliet "Cerise" aan als voorbeeld. De satelliet kwam in botsing met een stuk ruimteschroot en als gevolg van deze botsing brak de stabilisatormast van Cerise af , zodat de satelliet ging tollen. Men heeft via ingrepen de satelliet terug onder controle kunnen krijgen, anders was er weer een (groot) stuk ruimtepuin meer toe te voegen aan de al zo grote lijst.

 

Heel begrijpelijk....er is ook een categorie "end of life". Wanneer een satelliet haar taak heeft volbracht (gemiddeld 15 jaren levensduur) zijn ze eigenlijk kandidaat voor ruimteschroot. Enkele voorbeelden zijn VARS, ERDS, Spat1, Landsat 4. Vergis je niet...zelfs een uitgewerkte satelliet kan nog miljoenen jaren in haar baan blijven.

 

Geostationaire satellieten zoals de Astra's en Meteosats maken gebruik van bevindingen van Arthur Clarke. Hij stelde dat als je een satelliet op een hoogte van pakweg 35.789 km zou brengen deze satelliet een "valsnelheid" gelijk aan de rotatiesnelheid van de aarde zou hebben

en als gevolg (van ons uit gezien) netjes op dezelfde plaats zou blijven " hangen". Voor deze eigenschap zijn natuurlijk legio toepassingen te vinden.

 

In de categorie ruimteschroot kwam 99942 Apophis aan bod. Deze planetoïde zou op botsingskoers zitten met de aarde en dus een reëel gevaar voor ons betekenen.

 

Na de uiteenzetting van Bram werden de sprekers met een applaus en de (onvermijdelijke) flessen beloond voor hun prestaties en kon het informele babbeltje beginnen. Omdat er twee leden van Aquila zo goed als bijna jarig waren (elke reden is een goede!) werden verschillende vlaaien aangesneden en ging de koffie rijkelijk rond. Het was weerom een rijk gevulde en leerrijke ervaring. Afspraak volgend jaar!

 

Omdat de eerstvolgende vergadering extreem kort na de laatste kijkavond valt zal het verslag van deze kijkavond (als het al helder zal zijn.....) te lezen zijn in het volgende maandblaadje.

19:19 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

01-04-08

Een pot vol goud!!!!!

 

14 Maart 2008; inleidende sterrenkunde op de basisschool "de Robbert" te Hamont.

Net als voorgaande jaren gaf Noorderkroon een sessie inleidende sterrenkunde aan de 5e klassers. Het aantal deelnemers dit jaar kwam neer op ca 90 leerlingen + 4 leerkrachten. De titel van de presentatie was weerom" op reis van hier naar...." En bracht alle aanwezigen van de zon tot aan de uiterste grenzen van ons heelal. Weerom een enthousiast publiek en als resultaat een nieuwe reservatie voor volgend jaar.

 

15 maart Nationale sterrenkijkdag en Nacht van de Duisternis.

 

Noorderkroon was samen met Natuurpunt, Geschied- en heemkundige kring, VVV en het Stadsbestuur, één van de sturende krachten achter de coulissen van de Nacht van de Duisternis.

Voor Noorderkroon kwam daar de nationale sterrenkijkdag nog extra bij. Een  drietal werkgroepmeetings regelde de verdeling en uitvoering van de taken. Vele handen zorgen voor licht werk!!! Op de (nadien bleek "overvolle"-) agenda stonden de volgende punten:

 

  • Noorderkroon hield de sterrenwacht open.
  • Twee geleide nachtwandelingen met gidsen.
  • Insectenval.
  • Geschiedkundige uitleg bij de Tomp en bij het slot Grevenbroek
  • Presentatie "Lichthinder" door Noorderkroon.
  • Tentoonstelling "Nachtdieren).
  • Bewegingsact door Jonna Jeugdtheater.

 

Het was zeer goed: meer dan het dubbele aantal bezoekers dan in 2007! De eerste helft van de nacht was redelijk helder en er kon goed gekeken worden naar de maan, Mars en Saturnus..

We hebben geleerd dat tijdschema's heel strikt na te leven zijn, dat Noorderkroon, na evaluatie, het best georganiseerd was, men moeite had om de grote groepen in beweging te houden, dat we volgend jaar moeten opteren voor een minder vol programma en dat we volgend jaar de agenda in ons voordeel zullen uitbouwen. Noorderkroon bleef , wat betreft de tweede groep wandelaars, een beetje in de kou zitten. Het programma was drie kwartier uitgelopen. Teveel om af te ronden. Jammer, maar toch....aan ieder die actief heeft meegeholpen aan het welslagen van de avond: bedankt!!! De nagekomen reacties lieten verstaan dat het HEEL goed was.

                                                                                                                                             LBe

 

Verslag van onze uitstap naar het Natuurhistorisch museum en Volkssterrenwacht Mira.

 Eind maart, hoogste tijd voor Noorderkroon om nog eens de vleugels uit te slaan en het "hinterland" te verkennen. Onze reisleider ("voor het leven", Marie-josé!!!) Jan Hermans had naar gewoonte weer een schitterend mooi programma samengesteld. We zouden de dag vullen met een bezoek aan het Natuurhistorisch museum te Brussel en een bezoek aan de volkssterrenwacht Mira te Grimbergen. Beide sites werden in het verleden al eens door Noorderkroon bezocht, maar een volledig vernieuwde dino-zaal was de stimulans om nog eens een kijkje te gaan nemen. Jan zou als reisleider en als gids de groep van 29 deelnemers doorheen de zalen gidsen.

Ook weer vermeldenswaard: raar, maar waar....we hadden schitterend mooi weer ( tegen de verwachting in!). Zo zie je maar, je krijgt wat je verdiend!!!!  Een verslag van de dag:

Natuurhistorisch museum te Brussel.

Na een voorspoedige en probleemloze busreis, waar we van Jan al het één en ander te horen kregen over hetgeen we zouden gaan zien, kwamen we netjes op tijd aan, net voordat de deuren opengingen. Dit gegeven maakte dat we de allereerste bezoekers van de dag waren. Boven op het balkon van de Dino-zaal kregen we onze eerste uitleg over de "verschrikkelijke hagedissen, de Dino's". Heel imposant was de grote glazen kooi waar de collectie Iguanodons de eeuwigheid trotseerden. De restauratie van de skeletten oogde anders dan we gewoon waren. Vorige keer dat we de Iguanodons zagen waren de beenderen nog bruin. Nu zijn ze zwart door een nieuwere preservering. In 1878, in een steenkoolmijn in het Belgische Bernissart vonden de kompels op een diepte van 332 meter iets waarvan ze dachten dat het goud was. Na onderzoek bleken het holle Dino-beenderen waar pyriet afgezet was. Pyriet, weten we, noemt men ook wel eens vals goud en dit mineraal heeft de eigenschap de booten te verteren als het aan open lucht wordt blootgesteld. De vondst bleek een lot uit de loterij, men vond twee soorten ter plekke;  de kleinere Iguanodon mantelli en de grotere Iguanodon Bernissartensis. De vondst maakte één ding duidelijk: de Iguanodon was tweepotig, m.a.w. hij liep op zijn achterste poten!

CRB brussel

Bernissart is een klein Belgisch dorpje vlakbij de Franse grens gelegen (het paalt er eigenlijk aan: de Rue des Iguanodons loopt tot op de Franse grens), en situeert zich een goede 15 km ten westen van Mons (Bergen), de provinciehoofdstad van Henegouwen waartoe het administratief behoort. Geologisch gezien maakt het deel uit van het zogenaamde bekken van Mons, en bevat het een aantal steenkooladers die deel uitmaken van de Borinagestreek: de oude mijngordel die zich van Bernissart uitstrekt over Mons en La Louvière tot in Luik.

In dit bekken van Mons bevinden zich naast de steenkooladers voornamelijk afzettingslagen uit het Krijt en het Tertiair. Deze werden aangebracht door de toentertijd aanpalende Tethys zee, en bestaan vooral uit zand, klei en lignietlagen, die waarschijnlijk afgezet werden in kleine riviertjes en moeraspoelen. Iedere laag kreeg een eigen naam, genoemd naar bepaalde regio's uit de buurt. Zo spreekt men van de klei van Bernissart, de klei van Baudour, en de zanden en grinden van Thieu. Deze kleiaders werden vroeger ontgonnen als grondstof voor het vervaardigen van keramiek en vuurvaste stenen. In Hautrage wordt deze exploitatie trouwens nog steeds verder gezet.

De Iguanodons en de andere fossiele dieren en planten werden gevonden in de klei van Bernissart, en niet in lokale steenkoollagen zoals sommigen wel eens verkeerdelijk denken. Dat zou in principe ook niet kunnen, omdat tijdens de vorming van steenkoollagen in het Carboon (ca. 300 miljoen jaar geleden) nog geen dinosaurussen bestonden.

Bij hun dood kwamen de Iguanodons in opeenvolgende kleiafzettingen terecht, waardoor de kadavers van de lucht werden afgesloten. Als gevolg hiervan verliep het ontbndingsproces op een alternatieve manier, waardoor de beenderen donker gekleurd werden. Hiervoor zorgen enkele soorten zwavelbacteriën die een zuur afscheiden, dat met de voorhanden zijnde ijzermoleculen in het bot gaat reageren waardoor het mineraal pyriet wordt gevormd. Dit pyriet slaat neer op en in de holtes van de beenderen. Als het vervolgens in contact komt met vochtige lucht ontstaat een oxidatie, waarbij respectievelijk ijzersulfaat of ijzeroxide wordt gevormd. Deze stoffen vervallen gemakkelijk tot poeder, en het bot wordt mee verkruimeld. Om de effecten hiervan tegen te gaan, werd het pyriet eerst zoveel mogelijk manueel verwijderd, waarna de beenderen gedrenkt werden in een bad met houtwerkerslijm. In sommige wervels zat meer dan 1 kg pyriet. Na verwijdering werden de ontstane holtes opgevuld met een mengsel van schrijnwerkerslijm en talk (men noemde dit carton-pierre), gips en ijzerdraad.

 fossiel

iguanodons
 

Trex

Niet alleen de Dino's troken onze aandacht, na de lunch in het Dino-cafe werden da overige zalen verkent. Twee woorden typeren de verzamelingen van het Instituut: rijkdom en verscheidenheid: het Instituut telt kilometers rekken met ongeveer 36 miljoen stukken: 15 miljoen insecten en ongeveer 9 miljoen andere recente ongewervelden (vooral weekdieren). De Ishango-beentjes (het bewijs van de rekenkundigheid van de vroege mens) Verder: de Mammoet van Lier (Het grootste mammoetskelet van België) , de neanderthalers van Spy, een afdeling entomologie (insectenzaal) de verzameling bevat ongeveer 15.000.000 exemplaren die tot de meeste orden behoren. Deze verzamelingen werden tijdens de eerste helft van de 19e eeuw begonnen en bestaan nu, buiten de "klassieke" exemplaren, uit tienduizenden typen. Deze typen zijn enig en hebben een onschatbare wetenschappelijke waarde. Ze vertegenwoordigen de ene of de meerdere exemplaren die dienden om een soort te bepalen. Verder nog een collectie Afrikaanse vissen, een mijtenverzameling, De Walvissenzaal, waarvan de oorsprong van deze verzameling terug gaat tot 1860 toen tijdens graafwerken voor de uitbreiding van de haven van Antwerpen een groot aantal fossiele walvisachtigen blootgelegd werd, met een ouderdom variërend van 3 tot 8 miljoen jaar. Deze skeletten werden aangekocht en uitgebreid met skeletten van hedendaagse walvisachtigen. De collectie bevat onder andere het skelet van een zeer zeldzame dwergwalvis. Er is een afdeling Mineralogie (mineralenzaal) De collectie bestaat uit: 25.000 specimens uit het buitenland,5000 mineralen die een beeld geven van de Belgische vindplaatsen, de tweelingkristallen van de Drugman-verzameling, 500 geslepen edelstenen, 123 meteorieten, waaronder de drie die in België werden gevonden, en kostbare stalen van maanstenen.

goud
 

archeoptrix

Bovendien bestaat er een reserve van ettelijke duizenden mineralen bestemd voor uitwisselingen met andere musea. De collectie bevat 3200 verschillende soorten ('meer dan 80% van de soorten die wereldwijd werden beschreven), van honderden variëteiten en van 18 holotypes (dit zijn specimens die zijn gebruikt om een soort te definiëren).

In de mijnschacht vond men verder ongeveer 3000 vissen, die in moerassen leefden; een salamander; 6 zoetwaterschildpadden; 4 krokodillen (o.m. de zeer zeldzame Bernissartia fagesii, een krokodil van amper 60 cm.) ; een vleugelfragment van een cicade; enkele dennenappels; hout; vele varens en 280 coprolieten (fossiele uitwerpselen). Een deel hiervan wordt in het museum uitgestald In de schelpenzaal zijn  meer dan 1000 soorten schelpen tentoongesteld. De volledige verzameling telt meer dan 9 000 000 exemplaren en behoort tot de drie grootste van de wereld. Een groot deel van deze verzameling is afkomstig van de collectie van Philippe Dautzenberg.

walvissenzaal

Met deze opsomming kan je maar tot één conclusie komen: het was en is nog steeds een "dijk" van een museum!! Voor ieder wat wils. Na dit bezoek laveerde onze buschauffeur ons door hartje Brussel ( een toemaatje...). We passeerden verschillende interessante gebouwen en kregen de bijhorende uitleg. Op weg naar ons volgende doel:

Mira voorgevel

Volkssterrenwacht Mira te Grimbergen.

Volkssterrenwacht Mira is een vereniging zonder winstoogmerk, opgericht in 1967 door pater Pieraerts, aangesloten bij de abdij van Grimbergen. De oorspronkelijke sterrenwacht bevond zich volledig in gebouwen van de abdij, maar in 2000 werd een ruime uitbreiding aangebouwd.

 

Volkssterrenwacht Mira is in de loop der jaren uitgegroeid tot een echte aantrekkingspool voor al wie interesse heeft in wat er zich in het heelal afspeelt en ontvangt ieder jaar vele duizenden bezoekers, zowel in groepsbezoeken als tijdens opendeurdagen of tijdens de openingsuren voor individuele bezoekers. De sterrenwacht beschikt over een uitgebreide tentoonstelling- en experimenteerruimte, verscheidene multimediazalen en wellicht het uitgebreidste astronomische instrumentarium van een Belgische volkssterrenwacht, met twee vaste telescoopkoepels, een vast opgestelde zonnetelescoop en een hele verzameling grote en kleine verplaatsbare instrumenten.

Mira dak

Net voordat we de sterrenwacht betraden ging de zon ons parten spelen. Onze gidsen besloten om geen tijd te verliezen en na een kort welkomstwoordje gingen we direct naar het dak van de sterrenwacht waar de heliostaat opgesteld staat. We kregen binnen in de projectiezaal een uitgebreide uitleg over hetgeen we zagen. Er waren verschillende zonnevlekken te zien, maar geen protuberansen. Heel mooi werd het toen onze gids een spectroscoop aanbracht. We zagen heel mooi de spectraallijnen van de zon!

heliostaat

Mira is ook een bloeiende vereniging, met een actief bestuur, enthousiaste vrijwillige medewerkers en twee vaste medewerkers. Naast de twee koepels met vaste telescopen, beschikt MIRA ook over een hele waslijst transportabele kijkers. Deze staan voor het merendeel opgestelde in de geacclimatiseerde telescoopruimte, zodat ze steeds zo goed mogelijk de buitentemperatuur aannemen. Op waarnemingsavonden, opendeurdagen of grote groepsbezoeken kunnen één of meerdere van deze toestellen op het waarnemingterras geplaatst worden. Sommigen hebben hiervoor een vaste opstelling. Voor deze Zeiss-Maksutov (spiegeldiameter 180 mm, brandpuntsafstand 1800 mm) staat er een zware betonnen zuil klaar, met stroomvoorziening.

kutter

Deze gemotoriseerde kijker is vooral een uitmuntende maan- en planetentelescoop. Dit staat in sterk contrast met deze newton-kijker. De grotere spiegeldiameter (300 mm) maakt dat hij bij uitstek gebruikt wordt om naar lichtzwakke objecten te kijken: nevels, sterrenhopen, melkwegstelsels,... Zijn montering is van het dobson-type: heel licht, transportabel, ongelooflijk vlot en handig in gebruik, maar niet gemotoriseerd. Door de schijnbare beweging van de hemel moet de begeleidende gids dus voortdurend de telescoop meebewegen. Deze zelfgebouwde kijker doet ook vaak dienst tijdens expedities en waarnemingskampen. Nog groter, maar wat moeilijker in gebruik is deze 350 mm-newtonkijker. Hij is zo zwaar dat hij permanent gemonteerd staat onder een wegrolbare behuizing. Het onderstel van deze zelfbouwkijker is hoogst origineel: het werd gebouwd op basis van een tandartsenstoel. Het weerstation kreeg ook de nodige aandacht en van daaruit gingen we naar de multimediazaal waar we een pracht van een presentatie kregen over een zelfgebouwde reuzensterrenkaart met accentverlichting. Een knap staaltje van doorzetting en probleemoplossing. Het resultaat mag er zijn, iets om fier op te zijn!!

sterrenkaart

Een heel boeiend bezoek met een uitstekende begeleiding! Mira heeft ons een zeer aangename namiddag bezorgd. Na de nodige formele plichtplegingen begaven we ons naar de bus om de terugreis in te zetten. Traditiegetrouw hielden we onderweg even halt om de inwendige wat aan te sterken om dan tegen de klok van negen uur ( perfect volgens planning!!) terug te staan op het Achelse dorpsplein. Een woordje van dank aan onze reisleider, Jan Hermans die het weer voortreffelijk gedaan heeft. Jan, bedankt en heel graag tot volgend jaar!!!

                                                                                                                                                   LBe

Ps: onze gids was Phillipe Mollet, absoluut geen onbekende onder de Belgische amateurs!

 

21:43 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (1) |  Facebook | |

17-03-08

Schoolbezoek, Nacht van de Duisternis en Nationale Sterrenkijkdag.

 

14 Maart 2008; inleidende sterrenkunde op de basisschool "de Robbert" te Hamont.

 

Net als voorgaande jaren gaf Noorderkroon een sessie inleidende sterrenkunde aan de 5e klassers. Het aantal deelnemers dit jaar kwam neer op ca 90 leerlingen + 4 leerkrachten.

De titel van de presentatie was weerom" op reis van hier naar...." En bracht alle aanwezigen van de zon tot aan de uiterste grenzen van ons heelal. Weerom een enthousiast publiek en als resultaat een nieuwe reservatie voor volgend jaar.

 

15 maart Nat sterrenkijkdag en Nacht van de Duisternis.

 

Noorderkroon was samen met Natuurpunt, Geschied- en heemkundige kring, VVV en het Stadsbestuur, één van de sturende krachten achter de coulissen van de Nacht van de Duisternis.

orion globaal
Voor Noorderkroon kwam daar de nationale sterrenkijkdag nog extra bij. Een  drietal werkgroepmeetings regelde de verdeling en uitvoering van de taken. Vele handen zorgen voor licht werk!!! Op de (nadien bleek "overvolle"-) agenda stonden de volgende punten:.

  • Noorderkroon hield de sterrenwacht open.
  • Twee geleide nachtwandelingen met gidsen.
  • Insectenval.
  • Geschiedkundige uitleg bij de Tomp en bij het slot Grevenbroek
  • Presentatie "Lichthinder" door Noorderkroon.
  • Tentoonstelling "Nachtdieren).
  • Bewegingsact door Jonna Jeugdtheater.
  • ........ Palmkes drinken!!!!

 

andromeda

Het was zeer goed: meer dan het dubbele aantal bezoekers dan in 2007! De eerste helft van de nacht was redelijk helder en er kon goed gekeken worden naar de maan, Mars en Saturnus..

We hebben geleerd dat tijdschema's heel strikt na te leven zijn, dat Noorderkroon, na evaluatie, het best georganiseerd was, men moeite had om de grote groepen in beweging te houden, dat we volgend jaar moeten opteren voor een minder vol programma en dat we volgend jaar de agenda in ons voordeel zullen uitbouwen. Noorderkroon bleef , wat betreft de tweede groep wandelaars, een beetje in de kou zitten. Het programma was drie kwartier uitgelopen. Teveel om af te ronden. Jammer, maar toch....aan ieder die actief heeft meegeholpen aan het welslagen van de avond: bedankt!!! De nagekomen reacties lieten verstaan dat het HEEL goed was.

                                                                                                                                             LBe

Het volledige verslag zal net  voor het publiceren van het volgende maandblaadje hier verschijnen.

inside stw

kribbe

m81-82

m51

orionnevel

job

kribbe

stw dark

19:50 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

04-03-08

Kometen!!!!!

 

Kometen

 

 

Inzichten....

 

Tegenwoordig denken we heel wat te weten over kometen (méér dan vroeger in elk geval......).

De studie naar de samenstelling van kometen kan ons veel zeggen over de samenstelling van de oerwolk waaruit ons zonnestelsel gevormd werd. Wat weten we vandaag de dag? Wat heeft men moeten doen om tot deze inzichten te komen? We gaan eens (stap voor stap) kijken.....

 

Een beetje historie....

 

1950    Fred Whipple determineert een komeet als een vliegende berg ijs. Later dat jaar ontdekt Jan Oort dat kometen restanten zijn van de vorming van het zonnestelsel. Het oorspronkelijke materiaal is afkomstig uit de periode dat de grote planeten gevormd werden. De ejecta verza-melde zich in een reservoir dat we nu kennen als de Oortwolk. Maar....er is ook nog de Kuipergordel en die is  leverancier van de kort-periodieke kometen (aantal: enkele miljarden stuks).  De Kuipergordel heeft een overlapping met de baan van Pluto  en ook hier gold de stelregel dat kometen oeroude relieken zijn.  De dichtheid is 1000x hoger dan de Oortwolk. En onderlinge botsingen zijn gemeen goed. Deze hoge snelheidsbotsingen maken dat er in de Kuipergordel geen oerkometen meer zijn.

 

De Oortwolk.

 

Is 4.5 miljard jaren oud met een temperatuur van enkele graden boven het absolute nulpunt.

Daarom vermoedde men dat het materiaal ter plaatse oermateriaal was. Kometen bestaat uit ijs en stof. Verhouding: wist men niet. Wel wist me dat de Oortwolk de leverancier is van alle langperiodieken kometen. Het volume is zo groot dat onderlinge botsingen zeldzaam zijn.

 

Opwarming in de Oortwolk.

 

Niet alleen onze zon warmt de kometen op. Kometen die nog steeds in de Oortwolk zitten kunnen opgewarmd raken door sterren die te kort in de buurt komen van de Oortwolk.

Het moeten dan wel heldere O- en B-sterren zijn. Deze sterren hebben de lichtkracht om de Oortwolk plaatselijk tot op 30 Kelvin op te warmen en dit voor een periode van enkele duizenden jaren. Supernova's, er zijn in het verleden enkele supernova's geweest waarvan men denkt dat ze krachtig genoeg waren op de ganse Oortwolk tot 70° Kelvin te verwarmen.

70° Kelvin is nog steeds koud, maar toch al genoeg om sommige gassen te sublimeren (methaan, stikstof, andere edele gassen) en chemische reacties losmaken in het oppervlakte-ijs.

 

Komeetevolutie.

 

We zagen dat onderlinge botsingen oude kometen vernietigden en nieuwe kometen als gevolg hebben in de Kuipergordel. Allerhande soorten van erosie slijten het oeroude materiaal.

Deze gebeurtenissen hebben als gevolg dat we niet het oermateriaal van het zonnestelsel bestuderen. Het geeft een niet correct beeld van deze materie.

De staart van een komeet.

 

De staarten van kometen zijn buitengewoon ijl, gigantische uitstralingen van vrijwel niets.

Soms kunnen sterren door de koppen en staarten van kometen  op aarde worden waargenomen.

Honderd kubieke kilometer van de staart van de komeet Halley bevat minder massa dan een kubieke centimeter van de lucht die wij inademen en zelfs minder massa dan het beste kunstmatige vacuüm op aarde. Tot dusver is de massa van kometen zo gering, dat men nog nooit in staat is geweest om deze nauwkeurig te bepalen.

 

De stof- en plasmastaart.

 

De stofstaart is meestal dik en gebogen, en wijst niet altijd precies weg van de zon. Zijn richting is afhankelijk van de snelheid van de komeet, de aantrekkingskracht van de zon en de planeten, de ejectiesnelheid en andere factoren. De plasmastaart (of gasstaart) staat wel altijd weg van de zon, omdat de deeltjes waaruit hij bestaat elektrisch geladen zijn, en daardoor de invloed van de zonnewind (eveneens elektrisch geladen) veel sterker voelen.

De stofstaart is meestal 1 tot 10 miljoen kilometer lang, de plasmastaart kan wel 100 miljoen kilometer lang zijn. Bij de komeet Hale-Bopp werd ook een natriumstaart ontdekt.

 

De Coma.

 

Wanneer een komeet in de buurt van de zon komt, verdampt een klein gedeelte van de (kern van de) sneeuwbal. Hierdoor ontstaat een gas en stofwolk om de kern, die de "coma" genoemd wordt. De kern en de coma worden samen de kop genoemd. De omvang van de kop kan zo groot zijn als miljoenen aardbollen. De staart van een komeet kan groter zijn dan een astronomische eenheid (AE) - de afstand tussen de zon en de aarde (149 597 900 km). Ruimtevaartuigen hebben een staart gemeten van 3,8 AE lang, genoeg om 15.000 keer om de aarde te wikkelen. De staart van een komeet wijst altijd van de zon af, dus kometen die zich van de zon af bewegen hebben hun staart aan de voorkant.

 

Komeetmissies.

In het verleden zijn er al komeetmissies geweest, we bekeken er enkele:

 

Giotto 1985.

ESA stuurt als eerste een sonde naar een komeet. Doel: zo kort mogelijk bij de kern van Halley (13 maart 1986) komen en observeren. Resultaten: 80% van de uitstoot is water. Zeer donker oppervlak (stoflaag). Grillige vorm met heuvels en depressies. Dichtheid van de kern: 1/3e van water. Heel kleine stofdeeltjes: < 40mg. Alle materialen (behalve stikstof) komen in dezelfde verhouding voor als in de zon. Oppervlaktelaag bestaat uit organisch, koolstofrijk materiaal.

 

Deep Space 1 & Komeet Borrely.

Op 21 september 2001 heeft het ruimtevaartuig Deep Space 1 langs de komeet gevlogen.

Het is erheen gestuurd bij de verlengde missie van het toestel en heeft een onverwachte surplus opgeleverd voor de wetenschappers van de missie. Ondanks een defect aan het systeem dat diende voor de oriëntatie van het ruimtevaartuig, heeft de Deep Space 1 de beste foto's en wetenschappelijke gegevens van een komeet van die tijd naar Aarde weten te sturen. Met de Deep Impact missie wordt voor het eerst in de geschiedenis onderzoek gedaan naar de korst en de binnenkant van een komeet. Kometen werden tegelijk met de planeten gevormd. Daarom kunnen ze ons nieuwe informatie geven over het ontstaan van ons zonnestelsel.

Deep Impact.

Juli 2005, de Amerikaanse ruimtesonde Deep Impact bezoekt de komeet 9P/Tempel 1. Eenmaal aangekomen zet het moederschip op 4 juli een 370 kilo zware koperen bal op ramkoers met de komeet. Bij de inslag van die sonde moest een pluim van gas, stof en ander materiaal vrijkomen die ons meer vertelt over de samenstelling van kometen en de rol die ze vervullen in het heelal. We zagen een serie beelden die deze beruchte inslag toonde.


Stardust

Op 2 november 2002 vloog Stardust op een afstand van 3300 kilometer langs de planetoïde 5535 Annefrank en nam daarvan een aantal foto's. Toen Stardust in januari 2004 langs de komeet Wild 2 vloog, werden losvliegende komeetdeeltjes opgevangen met behulp van een speciaal materiaal genaamd aerogel. Aerogel wordt gemaakt van vier chemicaliën die na menging een gel vormen. Deze gel wordt gedroogd door het onder hoge druk te verhitten. Het is extreem poreus materiaal, en heeft daarom een extreem lage dichtheid. Een serie beelden toonde Stardust in actie.

 

Rosetta.

In de eerste jaren na de lancering (in 2004) zal Rosetta een aantal keren rond de zon vliegen.

Daarbij passeert het een aantal keren de Aarde en Mars, en maakt bij het passeren gebruik van de zwaartekracht, om snelheid te maken. Daarna gaat de ruimtesonde enkele jaren in "winterslaap", tot enkele maanden voor het bereiken van de komeet (2014).

Wanneer Rosetta zich in een baan  om de komeet heeft geplaatst zal het daar ruim een jaar onderzoek verrichten. Tevens zal de sonde bestuderen hoe de coma van de komeet zich ontwikkelt terwijl de komeet de Zon  nadert. Na een aantal maanden maakt zich tevens van de ruimtesonde een lander los, Philae genaamd. Omdat de komeet een zeer geringe zwaartekracht heeft vuurt Philae vlak voor de landing twee harpoenen af, deze moeten voorkomen dat de lander weer terug stuit in de ruimte.

 

Na deze opsomming was het tijd om eens wat spectaculaire beelden van bekende kometen te tonen. Beelden van kometen zoals de heel actuele komeet: de geëxplodeerde komeet 17/P1 Holmes, komeet West, een hele rits beelden van wat men tegenwoordig in populaire taal een"horse-comet" noemt. Wat is een "horse-comet"? Een zeer heldere komeet die een "uitgewaaierde" staart liet zien, de staart refereert naar de manen van een paard, vandaar deze naamgeving. Plaats van oorsprong? Amerika, natuurlijk!! Het mooiste voorbeeld van een "horse-comet" is ongetwijfeld komeet Mc Naught C/2006 P1(we zagen een hele verzameling schitterende beelden van deze komeet). In de rij van heel speciale kometen mag zeker Shoemacher-Levy 9, een gefragmenteerde komeet, niet ontbreken. (Juli 1994, een komeet is enkele jaren voordien ingevangen door Jupiter wiens getijdenwerking de komeet fragmenteerde. We zagen "live" de inslagen!!). Verder nog wat beelden van Hale Bopp, Halley, Hyacutake, enz. Aan kometen geen gebrek!!!

 

Meteoren en meteorieten...

 

De stofstaart van een komeet verdwijnt natuurlijk niet. Het stof blijft in langgerekte sporen de baan van de komeet volgen, en wanneer een planeet door zo'n stofspoor trekt komen de stofdeeltjes, meteoroïden genoemd, op die planeet terecht. Bij de aarde (en andere planeten die door een dampkring beschermd worden) verschijnen ze onder de vorm van meteoren, in de volksmond ook wel vallende sterren genoemd. Het verschil tussen een meteoor en een meteoriet is simpel: zolang het object in de atmosfeer is, spreken we van een meteoor ( van klein tot vuurbol). Is er genoeg massa en bereikt het object ons aardoppervlak, dan spreken we van een meteoriet. Dus......als je het in je hand kan houden is het een meteoriet. Ook hier weer vindt je exemplaren van enkele grammen tot zelfs tonnenzwaar.

 

Vallende sterren....

 

Wanneer we vallende sterren zien, weten we dat we uitgestoten komeetdeeltjes bekijken!

Na een recente komeetpassage is de kans groot op een meteorenregen!! Vallende sterren kan je kijken, maar ook horen. Met eenYagi-antenne en een ontvanger op de lange golf stel je af op een station dat zich achter de horizon bevindt. Als een meteoor onze dampkring doorkruist zal het signaal dat je normaliter niet kan ontvangen gereflecteerd worden tegen het geïoniseerde traject van de meteoor. Gevolg: je hebt heel even ontvangst en dus een registratie. Een bijkomend voordeel als het bewolkt is of als een volle maan stoort.

Om het verhaal en de serie beelden af te sluiten zagen we nog enkele histrorische meldingen van heel oude kometen. We vonden komeetmateriaal in  het Chinese Mawangdui Silk Book en in de bekende Cometographia J. Hevelius 1668.

 

Volgende keer dat je een komeet ziet, sta even stil bij de pracht ervan, geniet van de processen die in gang gezet zijn en weet dat we door onophoudelijk onderzoek en vragen stellen, de sluier van ons zonnestelsel heel geleidelijk aan het lichten zijn. Verheug je in nieuwe technologieën en pluk, avond na avond, de vruchten van honderden jaren komeetonderzoek.

                                                                                                                                LBe

Levensvragen.

 

  1. Waarom moet je om een waarzegger te bezoeken een afspraak maken?
  2. Als het vandaag 0 graden is en morgen wordt het tweemaal zo kou, hoe koud wordt het dan morgen?
  3. Waarom worden mensen meteen geloofd als ze zeggen dat er aan de hemel 400 biljoen sterren zijn, maar als je ze verteld dat de deurpost pas geverfd is moeten ze voelen?
  4. Waarom bestaat citroenlimonade voor het grootste gedeelte uit kunstmatige middelen en zit er in afwasmiddel echte citroenen?
  5. vervolg in het volgende blaadje......

 

Verslag van de kijkavond op 15 maart 2008.

 

Een opmerkelijke nacht....bitter koud, helemaal geen waterdamp in de atmosfeer en helaas een maan die net over de helft verlicht was. We hebben een poosje over het maanoppervlak gestruind en Rupes Rectus (de Rechte Muur) bekeken. Qua deepsky-objecten kon het tellen: een Orionnevel zoals nooit eerder gezien ( met scherp afgezette nevelgrenzen en een kristalhelder Trapezium), ontelbare open sterrenclusters, waarvan enkele uit het sterrenbeeld Camelopardalis. We slaagden er later op de avond in om Saturnus tussen de takken van de bomen door te zien, we zagen de Uilnevel, de Draaikolknevel, Andromeda en haar begeleiders, Heel mooi waren de sterrenstelsels M81/82 in de Grote Beer, Mars viel een beetje tegen,want heel ver weg. Alcor-Mizar hebben we in z'n totaliteit gezien, geen dubbelsterren, maar viervoudig stersysteem, gescheiden zonder de minste moeite.  Sirius, onze helderste ster verblindde ons, een fonkelend geweld. Opvallend was dat er een overaanbod was aan open sterrenhopen. Van heel groot (M44 - de Kribbe in de Kreeft) via normale proporties (M36-37-38 in de Voerman) tot heel kleine en compacte, zoals M34 in Perseus. We hebben ze allemaal gezien. We hebben de hele nacht gewerkt met een 40 mm SuperPlossl-oculair (breedveld) en niet zonder reden:hadden we een sterkere vergroting toegepast dan waren de meeste objecten verdwenen ( passen dan niet meer in één beeldveld: je kijkt dan dwars door het object heen). Tijdens het waarnemen waren sommige objecten te lichtzwak. Om die toch zichtbaar te maken hadden we die objecten tijdens het kijken gefotografeerd. Met een telelens van 200 mm, gemonteerd op de rug van de kijker hadden we telkens 30 seconde belicht en zo de objecten zichtbaar gemaakt. Een mooie en geslaagde test. Een volgende keer iets meer aandacht besteden aan het scherp stellen van de camera. Het teken "∞" (oneindig) is niet altijd te vertrouwen, zo bleek wel. Werk je met de standaard 288 tot 500 mm zal je hier weinig last van hebben, maar ga je naar 200 mm dan begint het storend te worden.  De bijgevoegde opname van de Orionnevel is een (test-) voorbeeld van wat je kan bereiken met een 200 mm telelens. Na het afsluiten van de avond hebben we even nagekaart en enkele glazen glühwein genuttigd om terug op normale bedrijfstemperatuur te komen. Het was een zeer geslaagde kijkavond. Een volgende keer, als er tenminste geen al te storende invloeden zijn van  maan- of tuinverlichting gaan we eens extra aandacht besteden aan scherpstelling van een camera. Misschien wil je ook eens proberen om een astronomische opname te realiseren? Breng dan zeker camera en statief mee en experimenteer met ons mee!!!  Tot een volgende kijkavond!                             

                                                                                                                                          LBe

 

 

 

 

Denk er aan:

 

 

 

15 maart 2008 om 19.00u aan de sterrenwacht. Het officiële programma start om 20.00u.

 

 

Nationale sterrenkijkdag en Nacht van de Duisternis.

 

 

Tot dan!!

17:51 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

14-01-08

Nacht van de Duisternis en Nationale sterrenkijkdagen.

Goede dingen hebben voorbereiding nodig. Zo ook de komende NAtionale Sterrenkijkdagen in 2008. Op zaterdag 15 maart zal Noorderkroon-Achel, naar goede gewoonte, weer haar deuren openen voor het publiek onder de noemer:

Nationale Sterrenkijkdagen

en

Nacht van de Duisternis.

Noorderkroon zal, net als vorig jaar, weer actief meewerken aan beide initiatieven. Er is al een eerste werkgroepvergadering op het Stadhuis geweest. Net als vorig jaar zal ook Natuurpunt meewerken. De vereninging " het VEN heeft vanwege een te geringe kringwerking afgehaakt.

Hoe zal het programma er uit gaan zien?

Noorderkroon-Achel zal op de sterrenwacht actief zijn en de mensen door de sterrenkijker laten kijken. De maan is voor 50% verlicht, maar is al dalend. Ze zal niet storen, integendeel. Betreffende de planeten: Mars en Saturnus zullen zeker in de kijkers tevoorschijn komen. Als de maan, later op de avond al redelijk laag staat kunnen we nog alijd de groten en heldere deepskyobjecten laten zien. Op het bordes van de toren kan bijkomende uitleg verstrekt worden. Noorderkroon zal in de taverne een presentatie met thema "Lichthiinder" verzorgen. Onnodig te vertellen dat deze presentaie sterk astronomisch getint zal zijn. bedoeling van de presentatie is het bewustmaken van duisternis. Waarom moet de nacht donker zijn en hoe kunnen we daar in meehelpen?

Synchroon aan dit alles zal Natuurpunt twee geleide wandelingen verzorgen. Zachte kaarsverlichting zal de nachtelijke wandeling leiden, tewijl gidsen vertellen over nachtdieren en sterrenkunde (in deze optiek zoeken we twee mensen van Noorderkroon die de wandelingen kunnen versterken). De wandelingen gaan van de sterrenwacht naar de Tomp waar een persson van de Geschied en Heenkundige kring een uitleg over de Tomp zal verschaffen. Let wel: IN de Tomp; we hebben toegang tot het hoofdgebouw!!!

Als aanvulling voorzien we een bewegingsact door een plaatselijke toneelgroep. Eenmaal terug van de wandelingen kunnen de bezoekers nog steeds deelnemen aan de lopende activiteiten (sterrenwacht en presentatie).

In de taverne zal een kleinschalige tentoonstelling te bezoeken zijn. De organisatie stelt tevens relevante brochures ter beschikking.

Hou deze datum nu al vrij in je agenda en spreek vrienden en kennissen aan. Het zal zeker de moeite zijn. Bezoek ons!!!!

moon

21:06 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

02-01-08

Vuurwerk an de hemel!!!!

Aan alle leden en symphatisanten ( en natuurlijk ook aan ale bezoekers!!!):

Een heel warm en vredig 2008!!!!

Moge de weergoden ons ditjaar beter gezind zijn, zodat we met z'n allen kunnen genieten van een uitzonderlijk sterrenkundig jaar. 2008 staat in het teken van de sterrenkunde en onze vereniging is 30 jaren jong. Laat ons met z'n allen er een gedenkwaardig jaar van maken!!!!

 

Beste wensen aan iedereen!!!!

Namens het bestuur van Noorderkroon-Achel.

vuurwerk 2008

vuurwerk 20081

 

vuurwerk 20082

 

vuurwerk 20083

 

vuurwerk 20084

Sfeerbeelden van het vuurwerk 2008 aan het casino te Oostende. 

Foto's Lambert Beliën

19:37 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

20-12-07

Een nieuwe start!!!!

Nieuwe afbeelding (50)

Hartje winter, het vriest stenen uit de grond. de hoogste tijd om de sterrenkijkers terug vanonder het stof te halen en een snelle checkup door te voeren want voordat je het weet.......

 

...is de hemel kei- en keihelder!!!!!

Vergeet niet al je voedingen na te kijken, niks vervelender dan bij een heldere hemel met platte batterijen te vallen. Zorg ten minste voor een setje reservebatterijen en voor je zelf.....warme kleding, nu meer dan ooit.

Bedenk ook dat je nu geen last hebt van dauwvorming, maar dat je hele instrumentarium gaat dichtvriezen. betreffende het dichtvriezen, een kleine doch waardevolle tip: als je door het oculair kijkt en je ademt gewoon, weet dan dat in no time je focuseerinrichting vastvriest. Je adem slaat neer op de instelmechanismes en de boel vriest vast. Geloof je het niet???  Probeer maar!!!! Ook je zoeker, je correctorplate of je lens zal dichtvriezen, geen ontkomen aan.

Niet getreurd, er is altijd een oplossing! Je kan een dauwverwarming aankoppelen (kan je heel gemakkelijk zelf maken of kopen), je kan een föhn meenemen (als je beschikking hebt over 220V in de onmiddellijke omgeving). Ook hier geldt: creatief zijn en intussen genieten van kraakheldere beelden tegen een gitzwarte achtergrond!! Je zal het je niet beklagen!!

ice
Lichtjes aangevroren....tegen deze tijd ben je allang uitgewerkt!!!!!

  iceflower

Ijsbloem........???

 

 

17:49 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

10-12-07

Even nagenieten.......

Onder de noemer "jaarverslag 2007" hebben we tijdens de algemene ledenvergadering genoten van een presentatie die het gehele jaar ( onze activiteiten, tenminste) in woord en beeld weergaven. Hieronder een greep (een twintigtal slides van de oorspronkelijke 120) uit de slides die we lieten zien...... De volledige reeks gaven en perfecte weergave van alle activitieiten die we in het afgelopen jaar hielden.

 Zij die het volledige verslag van de avond zoeken, klikken best even op de archieven 12/2007 (linksboven)

 

1
het openingsscherm van het jaarverslag 2007

2

3

4

 

5

 

6

 

7

 

8

 

9

 

10

 

11

 

12

 

13

 

14

 

15

 

16

 

17

 

18

 

19

 

20

21

22:08 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

December 2007, 'tis nog niet gedaan!!!!!

Verslag van de Algemene Ledenvergadering op 7 december 2007 Voor de 29e keer op rij sloot Noorderkroon het lopende werkjaar  af met een Algemene Ledenvergadering. Onder deze noemer gaat, elk jaar de laatste bijeenkomst door (niet specifiek de laatste activiteit…we keken later op de maand nog naar de Geminiden, en pas dan is ’t officieel gedaan met werkjaar 2007).   De agenda van de avond in een notendop:·         De Voorzitter heeft ons, in al zijn welbespraaktheid, voorzien van een bruisende eindejaarspeech.  ·         Net als alle voorgaande jaren werden de aanwezigen op de hoogte gebracht van onze financiële slagkracht, middels een kasverslag door onze penningmeester.  

·         Een “heel gemakkelijke” en een algemene kennisquiz verzorgt door Jan Hermans.

·         Tijdens de pauze een virtuele trip door het Andesgebergte oftewel wat een vrachtwagenchauffeur leiden kan…. door Jan Hermans ·         Er was het jaarverslag door de secretaris. Dit jaar een ietwat uitgebreidere vorm: veel beeldwerk, verkregen doorheen het jaar, was de basis voor een presentatie die elke activiteit kort onder de loep nam. Af en toe een humoristische tint, maar ook momenten van bezinning bij de herinnering aan het verlies van Gerard van der Looy en Henri Schuurmans, beiden trouwe Noorderkroners die we afgelopen werkjaar hebben moeten afstaan.·         De “klassieke” zeven wereldwonderen door Jan Hermans.·         De  “ nieuwe” (internetgeënquêteerde)  zeven wereldwonderen door Jan Hermans·         Officiële afsluiting en een beetje nababbelen. Een samenvatting van de avond: Als eerste beet Jan Hermans de spits af met de bekendmaking van de agenda, onmiddellijk gevolgd door de officiële verwelkoming van de voorzitter en diens eindejaarspeech: Beste Noorderkroners, Het jaar 2007 is weer bijna voorbij en naar goede gewoonte hebben we vandaag weer een feestje om het einde te vieren van een jaar waarin we terugkijken nar hetgeen er gebeurt is in 2007 en we kijken vol verwachting naar de toekomst.  Op de eerste plaats wil ik namens het bestuur en al de leden onze innige deelneming en medeleven betuigen aan de families van de overleden, trouwe leden Harrie Schuurmans en Gerard Van der Looy. Harrie was een trouwe deelnemer op de maandelijkse vergaderingen en als we op reis gingen was hij er altijd bij. Gerard was altijd een trouw lid om met onze jaarlijkse reis mee te gaan. We zullen hen erg missen en we zullen nog lang aan beiden denken.  Eerst en vooral heet ik U van harte welkom op onze feestvergadering en bijzonder de nieuwe leden die voor het eerst deze jaarlijkse vergadering met ons allen mee vieren. Ik vergeet ok niet onze andere leden die ik van harte bedank voor de toewijding en de energie die ze in het verleden en in het jaar 2007 opgebracht hebben om met onze vereniging weer met nieuwe moed het jaar 2008 in te gaan. Wat onze maandelijkse kijkavonden betreft hebben we met Lambert zijn mooie kijker zulke mooie warnemingen waar we tot een paar jaren geleden enkel maar van konden dromen; objecten die we nog nooit gezien hadden. Ook onze vergaderingen zijn gemoderniseerd met projectie door de beamer, met prachtige foto’s die de vergaderingen een nieuwe kijk kunnen geven op de onderwerpen die zijn geprogrammeerd  om op de vergadering een betere kijk te geven op datgene wordt uitgelegd. Bedankt Lambert voor deze mooie toestellen waardoor we een modernere vergadering kunnen houden. Verder is ons maandblaadje moderner geworden door een andere printer zodat we ook mooie foto’s kunnen afprinten. We staan nu op de drempel van het jaar 2008. Een bijzonder jaar voor de Noorderkroon, omdat we dan het 30-jarig bestaan vieren van onze vereniging. Om dat te vieren is het dagelijks bestuur al lang bezig met een feestprogramma om dit feest op een mooie manier te laten doorgaan. Het bestuur verwacht dan ook van alle leden een goede samenwerking en hulp waar het nodig is om alles tot een goede einde te brengen. Aan alle leden zou ik willen vragen, als het enigszins mogelijk is, talrijker op onze maandelijkse activiteiten aanwezig te zijn, op onze kijkavonden als het weer het toelaat en op de maandelijkse studieavonden. Ik ga nu sluiten met U allen een goede start te wensen samen met uw familie en uw vrienden in het nieuwe jaar 2008 in goede gezondheid en alles wat wenselijk is,                      Uw voorzitter,      Lambert Breemans  Na de speech van de voorzitter bracht onze penningmeester zijn verslag van 2007. Weer, voor de zoveelste maal op rij, sloot Jan de jaarbalans positief af. Jan werd (terecht) geprezen voor de precisie waarmee hij de boeken afsloot, zelfs de allerkleinste details hadden hun plaats in het verslag. Een welverdiend en gemeend applaus was het loon dat onze penning-meester voor bewezen diensten, periode 2007, in ontvangst mocht nemen.  Na het kasverslag ging Jan verder en bracht veel hilariteit onder de noemer: “de gemakkelijkste quiz”.  De opdracht was simpel: beantwoord acht vragen en heb er minstens vier goed…….de topscore was 2 op 8. Winnaars van deze quiz: Tony en Lambert. Niet om de hele boel goed te praten, maar weet je het antwoord op volgende vraag: Van welke vacht maakt men de kameel-haren borstels? Antwoord: de das of stinkdier. Een nabeschouwing is hier op toch wel op z’n plaats…..probeer maar eens kamelenharen te kweken op de rug van een das???? Dit even om te illustreren dat die “gemakkelijke” quiz heel handig door Jan ingezet werd om de hilariteit op een bepaald niveau te brengen.  Alle acht vragen waren instinkers, doch zeer aan te bevelen!!! Jan had zijn doel bereikt en het aanwezige publiek klaargestoomd voor de volgende quiz, een algemene kennisquiz. Deze keer geen instinkers (alhoewel…. een twijfel zaaiende quizmaster?), maar echte “down to earth-questions”, recht voor de raap!! Op 25 vragen waren er 50 punten te verdienen. De onderwerpen waren heel gevarieerd. En ieder kon zijn ding vinden. Na het stellen van de vragen was het tijd om de correctheid van de antwoorden te  toetsen. Ieders  rechterbuurman kreeg de taak zich objectief te kwijten van deze taak. Af en toe leidde dit tot komische taferelen. Een goede quizmaster en alles werd tot in de puntjes afgewerkt. Uitslag van de quiz: twee winnaars met een score van 36 op 50: Dirk en Lambert, maar eigenlijk waren we met z’n allen winnaars. Veel lol gehad en tegelijkertijd  toch weer wat bijgeleerd! Dat is mooi meegenomen en met een beetje geluk zijn we, door deze ervaring, gesterkt in onze nimmer aflatende strijd en jacht naar onmetelijke roem en onvergankelijke glorie, de inzet van de volgende quiz. We kijken er naar uit!!! Jan, weerom proficiat voor deze zeer gesmaakte initiatieven en sfeermakers.  Hoogste tijd om een kort intermezzo in te lassen. Jan ( ja, ja…weer diezelfde Jan!!) bracht een beetje entertainment tijdens het degusteren van vlaai en diverse soorten streekbieren. Jan liet eens kijken hoe een vrachtwagenchauffeur in de Andes zijn brood verdient. Steile en diepe ravijnen en een zandpaadje als weg, net anderhalve vrachtwagen breed. Ga daar elkaar maar eens passeren!!!Je gaat heel anders tegen files en hoogtevrees aan kijken, als je dit gezien hebt, om nog maar te zwijgen over de conditie van de voertuigen. Je krijgt schrik in hun plaats, sommige beelden waren gewoonweg angstaanjagend! 
DSCF2201


Na de pauze was het de beurt aan de secretaris met het jaarverslag. Voor de allereerste keer in de geschiedenis van Noorderkroon-Achel werd dit gebracht met behulp van de beamer. Lambert had doorheen het ganse jaar zoveel mogelijk fotografisch materiaal bijeen gesprokkeld en dit in een presentatie gegoten. Al onze activiteiten vonden hun plaatsje in deze presentatie.

Méér dan eens heel ludiek, maar ook momenten van diepe ernst. Diepe ernst en momenten van bezinning toen het jaarverslag de melding maakte van het overlijden van Gerard Van de Looy en Harrie Schuurmans. De presentatie begon met het vraagstuk: “ waar laat je het verslag van een algemene Ledenvergadering?”. Om deze reden was de allereerste activiteit het afsluiten van 2006. Na een korte terugblik op 2006 hebben we 2007 de revue laten passeren. Op tijd en stond werd even getest of het aanwezige publiek nog wist wat we besproken hadden.  De antwoorden waren heel bevredigend. Er was nog één enkel item dat verder nabespreking verdiende: de lege ruimte van Mark Smits. We besloten er tijdens een open agenda op terug te komen. Het onderwerp is iets uitgebreider dan verwacht. Honderdtwintig slides door gewerkt en het jaarverslag was afgewerkt. Niet alvorens de beste wensen over te maken aan alle leden en sympathisanten van Noorderkroon-Achel.

Nagekomen reacties gaven te weten dat deze vorm van jaarverslag aanslaat. Om deze reden een oproep: ben je in het bezit van digitaal fotografisch materiaal dat kan dienen voor verdere edities (kan archiefmateriaal zijn , maar ook hele actuele opnames), kan je dit steeds bekendmaken op het secretariaat of mail ze met een kort berichtje even door naar het gekende e-mailadres; lambert.belien@hotmail.com of gebruik de “mail me”-knop op onze website. Alle bijdragen zijn welkom!!!!

 

DSCF2202

DSCF2204

 

Vergeet niet te kijken! 

 

·         Mercurius kan je vanaf  25 januari tot 15 februari ’s avonds zien in het zuidwesten, enige tijd nadat de zon achter de horizon verdwenen is.

·         In het begin van de maand (maximum op de 3e om 22.00u) zijn de Quadrantiden, beter gekend als de Boötiden,  actief. Deze onopvallende zwerm vallende sterren zal zwaar hinder ondervinden van een volle maan.

·         Nog steeds enkele kansen om komeet 8P/Tuttle te zien voordat hij te ver zuid gaat en voor onze contreien minder interessant. De komeet schijnt tegen magnitude 6 (net gene blote oog) en bevindt zich in de Walvis, richting zuid.

·         Hou deze maand de maan in de gaten: Ze kan je gidsen naar andere objecten in ons zonnestelsel.

 

1.        5 januari:  7.0° zuidelijk van Venus

2.      10 januari:  0.4° zuidelijk van Neptunus

3.      12 januari:  3.0° noordelijk van Uranus

4.      19 januari:  1.1° noordelijk van Mars

5.      24 januari:  0.7° zuidelijk van Regulus

6.      25 januari/  3.0° zuidelijk van Saturnus

  Wist ge dat….In een gigantische sterrenwolk van meer dan honderd miljard sterren cirkelt een eerder kleine ster, onze zon, vergezeld van een negental planeten. Deze kleine ster straalt zoveel kilocalorieën licht en warmte op één seconde uit, dat men het moet schrijven met een getal van 24 cijfers. Op 1 seconde! Per seconde komt er genoeg energie vrij om 300 miljoen auto's meer dan 12 miljoen jaren dagelijks 100 km te laten bollen. Van deze enorme energie komen slechts twee miljardste gedeelten op de aarde terecht. Door deze straling wordt de zon elke seconde 4.000.000 ton lichter.  En dit reeds duizenden eeuwen! Het inwendige van de zon, ze heeft een diameter van bijna 1,5 miljoen km, kent een onvoorstelbare hellestorm van kernreacties, waarbij waterstof in helium wordt opgezet en zich een hitte ontwikkelt van 16 miljoen graden... Vlammende gasmassa's, de protuberansen, worden omhoog geslingerd tot een hoogte van 150.000 km. Die lange steekvlammen zouden zich viermaal om de aarde kunnen slingeren... En het gaat steeds over die 'kleine' ster, vlak bij ons.Die geweldige zon is immers maar een stipje in het heelal. Pollux uit het sterrenbeeld Gemini is al 45-maal sterker dan de zon. Rigel uit het sterrenbeeld Orion heeft een lichtsterkte die 52.000 keren groter is dan die van de zon en... de lichtkracht van één supernova uit ons sterrenstelsel is zo krachtig als 800 miljoen zonnen.  We weten dat de zon het grootste hemellichaam is in ons zonnestelsel. 99,8% van de  totale massa van het zonnestelsel is terug te vinden in onze zon. Dit gegeven maakt dat de zon het zwaarste hemellichaam in ons zonnestelsel is, maar……..haar diameter van 1.5 miljoen kilometer is afgelopen maand overtroffen door de omvang van komeet 17P/Holmes. De atmosfeerwolk van de geëxplodeerde komeet werd  op een gegeven moment groter dan de omvang van de zon en maakte dat 17P/Holmes het grootste object in ons zonnestelsel werd. Niet mis voor een brokstukje met een diameter van niet meer dan 3,6 km!!!!!! Kijk op onze websites voor meer info en fotografisch materiaal. 

venusovergang_0448thumb

Venus trekt over de zonneschijf

orion

wintersterrenbeeld Orion, een vertouwd gezicht!!

1e Kwartaalagenda 2008

Nog een klein beetje geduld en de kwartaalagenda zal hier verschijnen!!

Tot dan en denk er aan't gaat vriezenhaal die kijkers maar stilaan boven en geniet van fonkelende sterren en magistrale vergezichten!

18:54 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

06-12-07

Algemene Ledenvergadering

DSCF2143

7 december 2007, op één na de laatste activiteit van 2007. en oproep aan alle leden om aanwezig te zijn bij het afsluiten van werkjaar 2007. Wat staat er op de agenda?

 

  1. Verwelkoming door de voorzitter
  2. eindejaarspeech door de voorzitter
  3. kasverslag door de penningmesster
  4. jaarverslag doo de secretaris
  5. algemene kenniskwis door Jan Hermans
  6. als er nog tijd over is: "van slak tot lichtsnelheid" door lambert Beliën

He geheel doorspekt met anekdotes, de nodige vlaai en passende drankjes.

Het jaarverslag zal er dit jaar net iets anders gaan uitzien: aan de hand van beeldmateriaal bekijken we nog eens alle activiteiten die we afgelopen jaar hebben ondernomen. Niet alleen de evenementen die doorgingen, maar ook die het, vanwege weersomstandigheden net niet haalden. We gaan alle geplande activiteiten even onder de lop nemen. Eén ding is zeker......het zal heel onderhoudend zijn!!!

 In de wetenschap dat een algemene ledenvergadering alleen kan slagen als iedereen present is........heel graag tot 7 december!!!!!

DSCF2142

 

DSCF2148

21:50 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

21-11-07

Internetgazet!!!!!


 


Alweer een stap voorwaarts in het propageren van de sterrunde. We hebben een nieuw, vlot en eigentijds medium aangeboord..........

De internetgazet

U kan deze meer dan interessante site vinden op

http://www.internetgazet.be 

Kies voor onze rubriek "Kijk eens omhoog" tabblad " Hamont-Achel. Op deze ( en andere pagina's voor de buurtgemeenten) kan je heel actueel regionaal nieuws vinden. Wat is er gebeurd? Wat is er te doen? Sportmeldingen, Heel mooie natuuropnames, kortom...voor ieder wat wils.

Zeker bezoeken.....beter nog...wil je constant op de hoogte blijven van actuele gebeurtenissen...zet internetgazet als je startpagina en je mist niets meer!!!!

Voor de beginnende sterrenkundige, of zelfs de leek die ergens wil starten:de rubriek " kijk eens omhoog" wordt onderhouden door Noorderkroon-Achel en zal op gezette tijden een sterrenbeeld bespreken. Waar kan je het vinden, hoe komt men aan die naam? We vertellen het mythologische verhaal achter de naam. Staan er speciale dingen te gebeuren, we zullen niet nalaten U hierover te informeren.

De boodschap is dus:    Internetgazet.be.......doen!!!!!!

 

komeet 17PHomles
Komeet 17P/Holmes: een geexplodeerde komeet!!!!!
 casseopeia
 Casseopeia en omgeving
 komeet 4

Een uitvergroting van de komeet. Er is een staart te zien!!!
wintermelkweg en zwaan
Een stukje wintermelkeg met een "duikendeé Zwaan.
orion

Sterrenbeeld Orion, net boven de stadsgloed!!!

 grote beer 3

Sterrenbeeld Grote Beer: een klassieker!!!!

Je weet het nog, hé.....niet vergeten....

www.internetgazet.be

00:06 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

13-11-07

Komeet 17P/Holmes

 

Een merkwaardige komeet is momenteel zichtbaar in het sterrenbeeld Perseus. Het gaat over een komeet die onlangs geexplodeerd is en daarbij tot 400.000 keer helderder is geworden. De enorme puinschil is te vergelijken met de afmetingen van Jupiter.

Gisterenheb ik de komeet even snel gefotografeert. En snel wil zeggen...echt snel....Toevallig camera en statief in de auto liggen en onderweg gewoon even gestopt en gewacht totdat het betreffende gebied uit de bewolking kwam. De komeet was zelfs door de bewolking te zien. Ik geef alvast de allereerste opnames ( zijn niet van een schitterende kwaliteit), andere en hopelijk betere zullen volgen. Onderstaande opnames zijn gemaak met FyjiFilm FinePix S3Pro, 1600 ASA 10 tot 30 seconden met timer alles op f3.8 ( alle opnames op statief, stilstaande camera). We beginnen met enkele sfeerbeelden, diezelfde avond genomen........

DSCF2142

 

DSCF2143

 

DSCF2144

 

DSCF2145

 

DSCF2147

 

DSCF2148

21:30 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

22-10-07

Lord Rosse....

 

! ! ! Uitnodiging !!!

 2e Initiatieavond op 23 november 2007 om 20.30u in de Joy!! 
Beste leden,                      Eerder dit jaar hadden we voor het breed publiek een open avond, een initiatieavond georganiseerd. Op deze bijeenkomst hebben we de kring voorgesteld en op het einde van de avond beloofd dat er een vervolg zou komen. Na het voorstellen van de kring gaat nu het echte werk beginnen. We hebben voor deze tweede avond een powerpointpresentatie klaar die een heel inleidend karakter heeft. Heel informatief en we raken bijna alle disciplines aan.  Iedere bezoeker, van aanstormende beginner tot doorwinterde amateur-astronoom, ieder zal deze serie zeker op prijs stellen. Ook deze bijeenkomst weer, net als vorige keer, is voor iedereen gratis toegankelijk. Heb je vrienden of kennissen die geïnteresseerd zijn in deze materie, die graag iets meer willen weten over de sterrenkunde in het algemeen: aarzel niet en breng ze mee. Ze zullen je nadien dankbaar zijn!!! Voor de sympathisanten: vergeet het niet: een heel mooie start, een kans om in te pikken op gespreksthema’s die vandaag de dag actueel zijn! Kom geheel vrijblijvend eens proeven van de sfeer en steek er wat van op!!! Let op: we zitten in zaal 2 (links,tegenover de grote zaal) Noteer nu ook alvast onze Algemene Ledenvergadering (zie rubriek “kwartaalagenda”) in december in jullie agenda. We gaan er een speciale avond van maken.                                            

Tot kijk…

              Het bestuur Noorderkroon-Achel
       

! ! ! Uitnodiging !!!

     9 November om 20.00u aan de sterrenwacht. 
Beste sterrenvrienden,                                    Weer een beetje dieper in de winter, weer een beetje kouder en met een beetje geluk ook met stabiel weer. Stabiel weer……en de hoop op een stabiele atmosfeer zodat we nog eens kunnen genieten van een schitterende sterrenhemel. We richten onze kijker deze avond op de planeet Mars. Natuurlijk zullen de meest gangbare deepsky-objecten ook de revue passeren en……..voor de liefhebbers: het is Tauriden-tijd!!!!! Het maximum van de Tauriden valt op 7 november; hou ze in de gaten! We zullen er zeker nog enkele zien tijdens de kijkavond.  

Tot dan…

                   Het bestuur Noorderkroon-Achel

 

Administrativa:

 ·         Nieuwe contacten zijn gelegd met het Stadsbestuur betreffende de herstellingswerkzaamheden aan de Geologische tuin en het Planetenpad.·         In het voorjaar zal, als onderdeel van een landelijke campagne, een film gemaakt worden over de sterrenkundige geschiedenis van Vlaanderen. Noorderkroon zal actief meewerken aan dit project. Details zullen nog volgen.·         Wereldwinkel vraagt Noorderkroon een kennismaking te willen brengen tijdens hun vrijwilligersfeest op 17 november. (Nvdr. Voorstel gaat niet door, andere agenda)·         Rechtzetting: in vorig blaadje stond abusievelijk opgegeven dat de astronomische schemering duurt totdat de zon 18° onder de horizon gezakt is. Dit is natuurlijk niet zo: dan begint de astronomische schemering pas!!  Verslag kijkavond  21 september 2007. Een beetje laat, het blaadje van oktober was al geprint, maar toch….een korte weergave van de kijkavond van september.

Het weer was….tsja, het kon beter, maar kom. We hebben er toch een poging aan gewaagd. En het was niet voor niets. Vroeg op de avond was het heiig, naarmate de avond vorderde klaarde het een klein beetje uit. Sommige deepsky-objecten kwamen redelijk goed in beeld: de dubbele sterrenhoop in Perseus, de Halternevel, de zwanenevel, M22, M52, M13, de ringnevel en zijn gebuur M92, enkele bolhopen zoals M 5 en M13.

Het mooist was M92, geen overweldigend gezicht, maar gezien de omstandigheden, toch bevredigend. We hebben even wat tijd besteedt om  het systeem Alcor-Mizar in de Grote Beer en Wega eens een beetje beter te bekijken. De beide sterren Alcor en Mizar liggen in de sterrenkijker toch redelijk ver uit elkaar. De andere leden van deze “dubbelster” waren ook te zien..

Tegen 23.00u kwam de iets meer dan half verlichte maan achter de bomen uit en we hebben deze uitvoerig bekeken.  De regenboogbaai, enkele bergketens, grote en kleinere kraters. We bekeken enkele walvlaktes,  met filter en zonder filter. Opvallend was, ook al zat de maan duidelijk in een waas van sluierbewolking, het licht toch veel te fel was zonder filter. Het nachtzicht was meteen weg als je ongefilterd naar het beeld in de Cassegrain keek. Dirk presteerde het om een maanprojectie te laten zien: een schijfje van ca 10 cm met duidelijk herkenbare mare.  Tegen de klok van elf begon het drastisch achteruit te gaan. Meer wolken kwamen opzetten en de maan verdween…..niet onder de horizon, maar achter een dik pak wolken. Nog snel even kijken of er nog bewolkingsvrije gebieden te bespeuren waren, maar helaas. Zoals altijd overvalt een opkomende bewolking je. Eerst merk je een paar wolkjes, je blijft intensief bezig en op een keer zie je het beeld drastisch achteruit gaan. Kijk je dan eens rond dan zie je dat bewolking opeens overal zit. Dit in tegenstelling tot een bewolking die “binnen komt rollen”. Het feestje was voorbij!!! Tijd om af te bouwen, de auto te laden en huiswaarts te keren. Geen hoogvlieger, maar toch nog eens gezellig onder de sterren kunnen keuvelen over techniek en waarnemen. Je zou voor minder…… Toch kijken we heel erg uit naar een heldere, transparante nacht. Dan trekken we alle registers open! Tot dan….  Verslag van de bijeenkomst oktober 2007: Op de agenda: een hoofdthema, de kijker van Lord Rosse, gebracht door Jan Hermans en verder twee vragen op de open agenda: “lege ruimte” en “pulsars”. We begonnen met de uiteenzetting van Jan Hermans: 

De kijker van Lord Rosse.

William Parson (17 juni 1800 - 31 oktober 1867), ook wel bekend als Lord Rosse, was een Iers edelman en belangrijk amateur-astronoom. Hij had een eigen sterrenwacht op zijn landgoed Birr Castle waar hij de beschikking had over de grootste spiegeltelescopen van zijn tijd. De grootste daarvan, de "Leviathan", had een objectiefdiameter van 183 cm en was recordhouder tot de bouw van de Hooker-telescoop van 250 cm in 1917.

Lord Rosse ontdekte de spiraalstrucuur in melkwegstelsels, hij was degene die de term "spiraalnevel" introduceerde.

 Vierhonderd jaar geleden, in het begin van de zeventiende eeuw, maakte de astronomie ook zo’n kwantumsprong door. De Italiaanse natuur- en sterrenkundige Galileo Galilei richtte in 1609 als eerste zijn zelfgebouwde telescoop op het firmament. Binnen een paar maanden ontdekte hij bergen en kraters op de maan, vlekken op de zon, duizenden zwakke sterren in de Melkweg, de schijngestalten van Venus, de merkwaardige vorm van de geringde planeet Saturnus, en de vier grote manen van Jupiter.  Dat is gemakkelijk in te zien: hoe groter de lens van een kijker is, hoe meer licht hij opvangt, en hoe beter hij in staat is om zwakke objecten waar te nemen.  

Met hun objectiefmiddellijn van veertig millimeter waren de telescopen van Galilei ongeveer vijfendertig keer zo gevoelig en zagen ze ongeveer zes keer zo scherp als het ongewapende menselijk oog, waarvan de pupilmiddellijn maar zelden groter is dan zes millimeter. Toen de Italiaan zijn kijker op de sterrenhemel richtte, ging er dan ook letterlijk en figuurlijk een nieuwe wereld open voor de astronomie.

 Het viel echter niet mee om grote lenzen te maken. Een telescooplens moet aan beide zijden zorgvuldig zijn geslepen, en omdat hij het licht van verre sterren moet doorlaten, mag hij geen luchtbellen of andere onvolkomenheden bevatten. De ware groeispurt van de telescoop kwam dan ook pas op gang na de uitvinding van de spiegeltelescoop, door Isaac Newton in de tweede helft van de zeventiende eeuw. In een spiegeltelescoop wordt het licht van een ster niet gebundeld door de convergerende werking van een bolle lens, maar door een gebogen, ‘holle’ spiegel. Zo’n spiegel hoeft maar aan één kant netjes geslepen te worden, onder de spiegelende laag mag hij onvolkomenheden bevatten, en bovendien kan hij aan de onderzijde ondersteund worden.  De eerste spiegeltelescopen hadden spiegels van gepolijst metaal. De Engelse astronoom William Herschel bouwde in de tweede helft van de achttiende eeuw de grootste telescopen van zijn tijd, met spiegelmiddellijnen van zestig centimeter en één meter twintig. Het waren gigantische instrumenten, met meterslange houten kijkerbuizen, aan katrollen opgehangen in grote, roterende stellages. Herschel ontdekte er honderden dubbelsterren en nevels mee, hij bracht de Melkweg in kaart, en in 1781 vond hij zelfs een nieuwe planeet, Uranus.  Ruim honderd jaar later stond de grootste telescoop nog steeds in Europa: de Leviathan van de Ierse graaf William Parsons (Lord Rosse), op het landgoed Birr Castle. De metalen spiegel van deze reuzenkijker had een middellijn van 183 centimeter; Parsons ontdekte er de spiraalstructuur van sterrenstelsels mee. De Leviathan, zo werd de kijker genoemd, was gebouwd in 1845, en bleef tot 1918 de grootste telescoop ter wereld – een ongekend record. De nieuwe recordhouders van de twintigste eeuw waren in de meeste gevallen Amerikaans: de 2,5-meter Hooker-telescoop op Mount Wilson, genoemd naar de zakenman die de bouw van het instrument financierde, en de 5-meter Hale-telescoop op Palomar Mountain, genoemd naar de astronoom die met zijn visie en doorzettingsvermogen deze nieuwe generatie telescopen mogelijk maakte.  Jan bracht ons een schitterend verhaal van volharding.

Weet dat ten tijde van William Parsons er nog een hele hoop veldwerk te doen was omtrent kijkerbouw en dan zeker betreft het gieten van grote spiegels. Zoals eerder aangehaald was er nog geen kennis van glasschijven en moest gezocht worden naar de juiste verhouding koper-tin om uiteindelijk het “speculum” te kunnen gieten dat hij zocht. Moeilijkheid was het vinden van een evenwicht tussen reflectie en spanningsvelden in de gegoten massa. Bedenk even dat de spiegel voor de grote Birr-telescoop niet minder dan 4 ton woog. Om zo een gevaarte te slijpen heb je een machine nodig. Ook daar had William Parsons een oplossing voor gevonden.

De afbeelding toont schematisch aan welke bewegingen de tafel kon maken. Niet zo voor de handliggend, zo bleek wel. Jan toonde aan dat het hele complex één enorme verzameling van weldoordachtheid was. De spiegel werd met een heus “treinwagonnetje” in en uit de spiegelcel getransporteerd. Er waren heel handige meridiaanbogen in het bouwwerk aangebracht die de kijkerbuis netjes (hand-aangedreven) in haar baan hielden. De kijker staat noord-zuid opgesteld, maar er was zelfs gedacht aan een zijwaartse beweging van de kijkerbuis door middel van een handige dwarse drager (met schaalverdeling!). Het hele gevaarte werd door een ploeg van diverse werklui gestuurd.

Stel je even voor: je staat als waarnemer een heel eind boven de grond ( op de houten stellages) en je roept instructies naar beneden. Met een twee-mans lier werd de kijker in positie gebracht. Denk ook even aan de houten stellages. Drie in totaal, voor elke stand van de kijker een aangepaste stellage om toch comfortabel te kunnen werken. Ook dat moest aangepast aan de stand van de kijker. Een hele opgave!

Nog een handigheidje: het oculair. Niet ééntje, maar twee stuks. De redenering daarachter? Wel, zoekers bestonden nog niet. Lord Rosse maakte heel handig gebruik van z’n reusachtige vangspiegel ( ongeveer zo groot als een soepbord!!!) Hij werkte met twee verschillende oculairen. Eentje, enorm groot, met een even groot beeldveld en een ander, iets kleiner, dat dan weer een kleiner beeldveld gaf. Lord Rosse kon tot meer dan 1000 x vergroten met de Birr-telescoop. Wat een prestatie!!! Als je dan ook nog weet dat Lord Rosse alle waarnemingen die hij deed heel nauwkeurig documenteerde, en als je weet wat die waarnemingen allemaal inhielden, kan je alleen maar respect hebben voor de volharding en het verwezenlijken van iets heel groots. Iets heel groots dat, zoals vele grote dingen in verval raakte. Planten hadden het hele “gebouw” (kijker) overwoekerd, maar gelukkig heeft men recent de boel opgeknapt en alles terug in oorspronkelijke staat terug gebracht.

Tegenwoordig werken er weer mensen aan deze kijker. Wat een geluk!!!! Jan, bedankt voor een boeiende en leerrijke uiteenzetting!! We kijken nu heel anders aan tegen Europees pionierswerk in de sterrenkunde.  1)      houten stellage voor horizontale beweging van het platform naar de kijker in de middelste stand.2)      Hoogste waarnemingsstand3)      2 ladders met stellage (op de grond) voor de eerste 45°4)      Kijkerbuis met links ervan de dubbele focuseerinrichting5)      Meridiaanbogen Wil je dieper ingaan in deze materie of misschien de plaatjes nog eens zien die Jan ons toonde? Kijk dan even snel op de  homepage van Birr Castle op www.birrcastle.com/ . een heel informatieve site met tal van weetjes en aardige foto’s. Ook talrijke waarnemingsschetsen van de hand van William Parsons zijn te vinden op www.google.com .    De kijkavond van 19 oktober……….had te lijden onder het Belgische weer. Volgende keer beter!!!  Wist je dat:Nog ééntje uit de oude doos. In februari 1998 schreef wijlen Adriaan Claassen het onderstaand bericht.  We nemen het weer op omdat het onderwerp heel actueel is en in herinnering aan onze stichter-voorzitter Adriaan Claassen. Het artikel illustreert heel goed de bezorgdheid en het vooruitziende oog dat Adriaan had voor wereldse zaken.                                               De zuidpool. 

Het laatst ontdekte en veroverd continent van onze aarde is Antarctica. Het is het koudste, het droogste, het winderigste, het hoogst gelegen en het minst bevolkte continent. De ‘laatste wildernis’, zegt men.

 

Dit continent is anderhalve keer zo groot als Europa. ’s Winters verdubbelt het in omvang omdat de omliggende zeeën bevriezen. Zowat het hele vasteland gaat schuil onder een reusachtige ijskap die gemiddeld 2300 m dik is. Op één plaats heeft men zelfs 4776 m gemeten. Als men dieper boort vind men niet allen steenkool, maar ook fossielen van tropische planten en dieren. Die bewijzen dat Antarctica ooit dichter bij de evenaar lag. De ijskap vormt het grootste zoetwaterreservoir ter wereld.

 

De diepst gemeten temperatuur bedroeg in juli 1983 meer dan 89°C onder nul, een temperatuur waarbij staal breekt. Sneeuwstromen halen een snelheid van 320 km/u. De zeeën rondom drijven vol ijsbergen, sommige meer dan 100 m groot, andere met een omvang ter grootte van een Belgische provincie. In 1987 mat men zelfs een ijsberg van 155 kilometer bij 35 kilometer. Ondertussen spuwt de vulkaan Erebus er zijn rook uit….

 

De zee rond Antarctica bruist van het leven. De oceaan biedt met zijn enorme massa krill de levensbron voor andere levensvormen. De populatie van Pinguïns wordt geschat op 13 miljoen. Op het pakijs leven robben, krabeters.

 

Nergens ter wereld zijn zoveel walvissen: de bultrug, de orka, de dwergvinvis, de vinvis, de potvis en de roemruchte blauwe walvis, die met zijn 27 meter lengte en 190 ton het grootste dier ter aarde is. Men telde er nog meer dan 12.000. De walvisvangst werd sinds 1986 verboden. Van deze grote walvissen moeten er ooit 200.000 geweest zijn.

 Momenteel hebben 18 landen basissen op en rond het vasteland. De Amerikanen hebben hun Admundsen-Scott-bassis vlak op de Zuidpool (die zich elk jaar 10 m verplaatst), Russische basissen omsingelen het hele continent. Enorme voorraden mineralen liggen op exploitatie te wachten. Ondertussen is een toerisme uit de grond gestampt; pinguïnkolonies bezoeken, bergbeklimmers, enz. Vanuit Chili worden 5 toestellen ingezet. Een trip naar de geografische Zuidpool kost 800.000 fr………..                                                                                                        A.  Claassen Vandaag, eind 2007- dat is bijna 10 jaren nadat dit document geschreven werd, is er een heuse wedren aan de gang. Een spurt naar de natuurlijke rijkdommen van dit continent is begonnen. Russen zinken hun vlag af naar ongekende dieptes (ga dat maar eens controleren?), Ieder meent recht te hebben op een stuk. Er zijn er die zelfs willen aantonnen dat Antarctica vast zit aan hun landgebied en dus…… Of al dit gedoe het continent ten goede zal komen? Tijd zal het leren, maar beter zal het er niet op worden. Economisch voordeel zal ook hier weer spelbepaler nummer één worden.  Zoals in vele gevallen zullen milieubewegingen weer fel tegengas gaan geven, maar uiteindelijk zullen het toch weer de supermachten zijn die met hun deel van de koek (continent, in dit geval!) gaan lopen. Laat ons niet vooruit lopen op de feiten……..wait and see!!!                                                                                                                                                                                                                      LBeVergeet niet te kijken naar: ·         Een schitterde  Mercurius gedurende de ganse maand november. Het beste beeld krijg je op 9 november. Mercurius is dan op haar hoogste punt boven de horizon. Kijk in de ochtend net voor zonsopkomst (in het Oosten, dus!!)·         Op 5 november, ook weer voor de ochtendschemering zie je Mercurius, Venus en Saturnus. Venus staat de 5e heel kort bij het ragfijne maansikkeltje. Een must om te zien. Gebruik een verrekijker of blote oog…..schitterend gezicht!!·         Op 18 november kan je geniet van de gekende Leoniden. Een afwezige maan zal zeker niet storen. Na drie uur ’s nachts kan je tussen 20 en 40 exemplaren per uur verwachten. De echte piek valt voor ons in daglicht….jammer! Er is wel kans op vuurbollen in de ochtendschemering.·         Mare Australis is op de nacht van 23/24 november heel even zichtbaar. De beweging van de maan maakt dat binnen een tijdspanne van één week een maangebied dat zelden zichtbaar is in beeld schuift. Neem je kans!!!!·         Mars begint aan haar retrograde beweging ( naar westen) in het sterrenbeeld Tweelingen. Agenda 4e kwartaalDecember 2007.Studiebijeenkomst:  Algemene ledenvergadering met programma: 07 december 2007 om 20.15u in de Joy.·         Verwelkoming door voorzitter·         Kasverslag door penningmeester·         Jaarverslag door secretaris  ( ’t word iets héél speciaals!!!!)·         Een algemene kennis quiz door Jan

En als er tijd over is: een verrassingspresentatie!!!!

Kijkavond:  Geminiden maximum op vrijdag 14-12-2007 samenkomst op de toren om 19.30u ( denk aan warme kleding! Een verrekijker is ook handig om bij te hebben. Aan al onze leden, een warme oproep om in lijfelijk aanwezig te zijn bij de laatste vergadering van het jaar. Heb je afgelopen jaar enkele bijeenkomsten gemist? Dit is je kans om de leegte op te vullen!!!  Welkom.

21:02 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |