15-11-12

Bitter en .....koud!!!!

Woensdagavond, het leek een schitterende nacht te worden dus Job nam het initiatief en belde Lambert op om nog eens een oefenrun te regelen. Afspraken werden snel gemaakt, een beetje vroeger stoppen met werken en dan snel de boel inladen en vertrekken naar de waarnemingsplek.  Eenmaal ter plaatse bleek al snel dat het koud, winderig en nat zou worden. Teveel wind om te fotograferen en te koud om extra dingen uit te testen. Job's PlaneWave deed netjes wat ie moest doen, de AT12RC had een testrun digitaal drift-alignen op het programma. Door de koude wind en het ongure gevoel dat daarmee gepaard gaat maakte dat het ganse experiment niet afgewerkt kon worden. Lambert bracht de CCD in het brandpunt van de APO Triplet en bracht Jupiter met vier manen in beeld. Er werd 3D-electronisch scherpgesteld, ja, zelfs de camera-calibratie hebben we effectief afgehandeld.  De rest van het experiment is daags nadien gesimuleerd zodat we kunnen stellen dat het programma zijn werk naar behoren kan gaan uitvoeren. Waarom deze hele rompslomp? Wel, we gaan langdurig belichten dus moet de afstelling loepzuover op het NCP (de "echte" pool) afgesteld staan. De minste afwijking wordt mededogenloos afgestraft. Een poolzoeker is net niet goed genoeg als je langere belichtingen wil gaan hanteren. Daarom dus deze hele rompslomp! Ondertussen hebben we de kijkers hun "visuele" werk laten doen. We keken naar de Ringnevel, de Orionnevel, de Halternevel, naar M76, M35, M45, NGC2158, ...... en natuurlijk Jupiter met een hele rij manen. We hebben met vergrotingen de planeet bewonderd, meerdere donkere gordels, perfect zichtbaar (en de diameter van de schijf!!!! ongezien!). Ook Uranus hebben we in het vizier gehad. Neptunus stond jammer genoeg al op de horizon, anders hadden we die ook nog meegenomen. Toen de eerste tekenen van ijsvorming zichtbaar werden hielden we het voor bekeken en keerden huiswaarts.

Een korte, koude nacht....veel gelachen, veel gezien en .......de koffie deed weer goed!

21:12 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

10-11-12

bijeenkomst oktober 2012

Verslag van de bijeenkomst van bijeenkomst oktober 2012

We hadden het genoegen Noud en Viviane Fransen in ons midden te mogen verwelkomen. Tijdens het informele gedeelte van de bijeenkomst werd geïnformeerd naar de evaluatie van de Nacht van de Duisternis. Het verslag van deze activiteit kan je elders in dit blaadje vinden. Er werd even teruggekeken naar beelden van ATT, de jaarlijkse Europese Astrobeurs in Essen, de plek waar Job zijn inspiratie opdeed!

Dirk bood zich aan om de bijeenkomst van oktober te modereren en de secretaris nam de notulen.

   Open agenda

ISON,  een komeet die zich momenteel in sterrenbeeld de Kreeft bevind, is op weg naar een “close encounter” met de zon  in  2013. De komeet gaat de boeken in onder de noemer C/2012 S1 (ISON). De orbitrale eigenschappen van deze komeet geven aan dat het een zeer heldere komeet kan gaan worden omstreeks november 2013. Ontdekt op 24 september met een magnitude van 18.8, zeer lichtzwak, maar….. in november 2013 zal deze komeet op 1.8 miljoen km de zon passeren. Dat is een afstand 100x korter dan onze afstand aarde-zon! Op dat moment kunnen twee dingen gebeuren; oftewel zal de komeet fragmenteren of, ingeval de passage rond de zon zonder brokken verloopt, een spectaculaire komeet opleveren. Een blote-oog-komeet zoals nooit eerder gezien! Sommige releases spreken over DE komeet aller tijden. Nu enkel nog maar wachten op de eerste doemvoorspellingen…..   We houden deze komeet zeker in de gaten. Job en Lambert gaan proberen ISON zo snel als mogelijk op de fotografische plaat te krijgen.

Gerard wou graag weten hoe het komt dat we het centrum van ons Melkwegstelsel niet zien oplichten, want als je een foto bekijkt zie je toch heel duidelijk dat het meeste licht in het centrum zit. Is hier ook sprake van het vervagen van licht en kleur zoals we vorige keer zagen bij de vraag van Mark “Welke kleuren zie ik in het heelal?”. We weten dat een gasnevel en een melkwegstelsel twee totaal verschillende objecten zijn. Een sterrenstelsel is gigantisch veel groter en wat in dit verhaal belangrijk is: het licht van de grote concentraties sterren rond het centrum wordt tegengehouden door donkere stofnevels. Als we de sterrenkaarten of de Melkweg met het blote oog, bekijken zien we dat er veel donkere stofnevels in het centrum te zien zijn. De dichtheid van deze nevels houdt het optische licht van de achterliggende objecten tegen. Het feit dat we, vanaf onze positie, naar het centrum toe kijken maakt ook nog eens dat we met  een materie-concentratie te maken hebben. We maakten de vergelijking  met de dichtheid van onze atmosfeer: kijk je omhoog, dan is de laag waardoor je moet kijken relatief dun. Ga je naar de horizon kijken is die “dunne” laag atmosfeer ineens een heel pak dikker. Jan illustreerde dit met behulp van de uitgestoten schil gas die de Ringnevel vorm geeft (en een dienblad!).

Als derde punt op de open agenda gaf de moderator de opnames die Gerard Verschaeren en Jo van Craesbeek maakten, vrij ter evaluatie. Beide collega’s hadden hun opnames op stick aangeboden en ze werden met het programma “Picasa” bekeken. Waarom Picasa? Onze secretaris kiest steevast voor dit programma omdat je heel snel alle camera-settings onmiddellijk kan evalueren. Op vraag van beide heren hebben we geëvalueerd en advies gegeven hoe hun opnames naar een hoger niveau te brengen. We begonnen met de reeks van Gerard. Gerard had zijn camera op een statief gezet en opnames gemaakt met verschillende settings. Op zich is dit een heel goede manier van starten. Om opnames te kunnen beoordelen moet je eerst de camera kennen. Hoe gedraagt de camera zich bij andere instellingen? Wanneer is de korrel onacceptabel? Wat met de kleuren (witbalans)? We zagen een reeks opnames  ISO-waarde 800, met korrel als gevolg. Een zelfde opname met ISO 400 was dan kwalitatief weer stukken beter. De truc is door te experimenteren de juiste settings te vinden. Voor een stilstaande camera geven we de volgende hints:

  • ·         Ga zo duister als mogelijk staan!
  • ·         Begin met een zo laag mogelijke ISO (schroef deze pas op als het kan).
  • ·         Een lage f-waarde betekent volledige opening = lichtsterkte optimaal.
  • ·         Belichting?  Met een 50 mm lens niet langer dan 21 seconden!
  • ·         Inzomen maakt alles ingewikkelder en vraagt heel andere settings (niet doen!)
  • ·         Probeer het contrast in te schatten: is een heel voornaam gegeven. Hoe donkerder, hoe beter, hoe soepeler bovenstaande regels (behalve de belichtingstijd, uiteraard)

De meegebracht maanfoto’s lieten op een perfecte manier zien dat Gerard een steile leercurve doorloopt. De eerste opnames lieten een zwaar overbelichtte maan zien met een knoert van een reflectie. De volgende opnames, Gerard dreef de belichtingstijd een heel eind naar onder (dus sneller), lieten mooi alle mare zien. Gerard is duidelijk op de goede weg!

 Een tweede reeks foto’s kwam van Jo. Jo hanteerde een heel andere werkwijze. Daar waar Gerard vanaf een statief fotografeerde, zette Jo zijn telescoop buiten, gebruikte een camera-adapter en begon met wat we kennen als oculairprojectie. De kijker, zonder volginstallatie, voorzien van een oculair met een vergroting van 30x. Jo maakte gebruik van een 10s timer op de camera om trillingen te voorkomen. Eén en ander wil zeggen dat dit niet de gemakkelijkste opdracht is. De maan zal redelijk snel doorheen het beeldveld van het oculair “razen”, want de kijker volgt het object niet. Dan nog rekening houden met de 10 seconden timer, niet gemakkelijk en toch…..Jo presenteerde een reeks van 20 opnames van de maan. De allereerste opnames lieten heel duidelijk bewegingsonscherpte zien. Heel begrijpelijk als je de omstandigheden bekijkt.  Ook Jo had begrepen dat “spelen” met de settings een rechtstreeks gevolg geeft op het eindresultaat. Naarmate we verder en verder doorheen de reeks gingen zagen we de kwaliteit stijgen. Er waren zelfs opnames bij die, gezien de werkwijze die gehanteerd werd, ronduit schitterend te noemen zijn. Een maanfoto evalueren wil zeggen dat je op de opname naar bepaalde features gaat kijken. Hoe goed kan ik een depressie zien? Zijn de kraterwanden scherp afgelijnd? Hoe zit het met de rillen? Zie ik details op de opname als ik een eindje van de terminator ga kijken? Awel…..op alle bovenstaande vragen kon het antwoord “Ja” gegeven worden! Rekening houdende met de configuratie, de gekozen werkwijze en de gepresenteerde resultaten: zeer goede opnames! Advies om makkelijker te werken en de opnames op een hoger niveau te brengen:

  • ·         Probeer eens met de afzwaaitechniek (een zwart kartonnen plaatje ipv 10s timer).
  • ·         “Speel” eens een beetje met de witbalans.
  • ·         Probeer 100% haaksheid van de cameraopstelling te benaderen.
  • ·         Belichtingstijd zo kort mogelijk (om de beweging te “bevriezen”)
  • ·         In functie van belichtingstijd de ISO-waarde opdrijven (camera wordt dan sneller).
  • ·         Zoek het acceptabele punt van korrelgrootte en drijf zo andere waardes naar onder.

 Het punt werd afgesloten met de opmerking dat Job en Lambert binnen korte tijd concurrentie gaan krijgen! Heren, proficiat en welkom in deze discipline. We hopen nog meer van jullie opnames te mogen genieten. Een mooie gelegenheid om jullie leercurves van dichtbij op te volgen. De opnames die Franky tijdens de Perseïden maakte zullen we bespreken als Franky aanwezig is.

 De moderator laste een kleine pauze in die Noud invulde door ons te trakteren op een rondje. Noud en Viviane, gezondheid!!! Na de pauze werd het woord gegeven aan Job die voor ons een uiteenzetting bracht onder de titel:

Protuberansenkijker

 Als intro liet Job enkele beelden zien van de zon, zoals we die zien zonder optische hulpmiddelen. Op een foto zal je al heel snel een grote witte vlek registreren, want de zon geeft veel te veel licht. Gaan we een Mylar-filter gebruiken, dan wordt het al een beetje interessanter. Het Mylar-filter zal meer dan 99% van het invallende licht reflecteren en slecht een heel kleine fractie doorlaten in de optische lichtbaan van de kijker. Een pak veiliger dan die kleine draaibare filtertjes die we vroeger bij elke telescoop aangesmeerd kregen. Job illustreerde het feit dat de maan doorheen het jaar op een andere afstand tot de zon staat. Dit heeft gevolgen als je bijvoorbeeld zonsverduisteringen gaat bekijken. Je hebt een ringvormige verduistering als de maan een beetje korter bij ons staat en er zijn coronale verduisteringen. In beide gevallen is de zonneschijf niet perfect afgedekt door de schijf van de maan en zullen we dus geen details zien. We zijn op zoek naar protuberansen, zonnevlammen die de banen van de uitbrekende magnetische veldlijnen volgen.

 Willen we perse deze objecten bekijken, dan zijn (waren) we verplicht om naar een protuberansenkijker te grijpen.  Job toonde onze de schematische opbouw van een protuberansenkijker die in gebruik is in sterrenwacht MIRA, te Grimbergen. We hebben alle componenten van deze kijker even afzonderlijk besproken. De onderdelen zijn:

  1. 1.      Roodfilter
  2. 2.      Objectief
  3. 3.      Hulplens en kegel
  4. 4.      IR-blokfilter
  5. 5.      Diafragma
  6. 6.      Projectielenzen
  7. 7.      H-alfa-filter

 Het roodfilter blokt meteen een heleboel licht en warmte. Niet minder dan 80% wordt buiten het systeem gehouden door deze filter. Enkel licht vanaf 610nm gaat door. Het objectief zorgt voor een beeld van de zon. Het invallende beeld komt aan bij de hulplens met het kegeltje. De hulplens heeft twee functies, als kegeldrager en vermindering van strooilicht. Vervolgens zal de IR-blokfilter weer licht en warmte gaan tegenhouden. Vanaf dit punt kan alleen licht vanaf 650 nm verder. Dit filter heeft als doel de levensduur van de H-alfa te verlengen. Het diafragma en de projectielenzen zorgen er voor dat de lichtstralen evenwijdig “aangeboden” worden. Een eerste lens zorgt voor de evenwijdigheid doorheen de H-alfa-filter. De tweede lens zorgt voor een convergerende bundel. Omdat beide projectielenzen dezelfde sterkte hebben heeft deze combinatie geen invloed op de effectieve brandpuntsafstand.  Het H-alfa-filter laat vooral licht door van 656.3 nm, het licht van de protuberansen. We kregen van Job een hele opsomming van de set kegeltjes die de 70mm-1013 mm brandpunts kijker van Mira nodig heeft om optimaal te kunnen werken. We zagen dat het verschil tussen elk kegeltje zo klein is (2/100 mm) en toch zijn er zeven kegeltjes nodig om zo nauwkeurig als mogelijk te werken. Job sloot zijn uiteenzetting af met enkele mooie beelden van protuberansen! 

 Jan Hermans sloot aan en bracht ons een korte en met experimenten doorspekte uiteenzetting over:

Het gyroscopische effect.

 Als introductie werd Newton uit de kast getrokken. Een massa in beweging wil blijven bewegen, de richting blijft gelijk. In 1852 gebruikte Leon Foucault een slinger, opgehangen in een hoog gebouw om de beweging van de aarde aan te tonen. De slinger blijft lang  in beweging door de lengte van de koord en toont de omzetting in draaibeweging aan. We weten dat er nogal wat invloeden zijn die hier in het spel zijn. Aantrekkingskracht en impulsmoment zijn er enkele van. Door dit gegeven kwamen we al snel uit bij het begrip “gyroscoop”.  Gyroscopen worden tegenwoordig voor veel doeleinden gebruikt. Je vindt ze in vliegtuigen, in boten, ze stabiliseren kompassen, ze stabiliseren niet alleen de zeegang van grote schepen,  maar “levelen” zelfs de biljarttafels op cruiseschepen. Wist je dat elke Nintendo Wii een ingebouwde gyroscoop heeft? Onze Hubble Space Telescope heeft ook een drietal heel belangrijke gyroscopen om perfect te kunnen uitlijnen en volgen. Auto’s, duikboten, wat dacht je van een helikopter?  Toepassingen genoeg…

 Jan liet enkele experimenten op ons los. Van een blitse tol  tot een zelf gefabriceerde gyroscoop. We hebben zelfs de tolbeweging geanalyseerd en kwamen uiteindelijk uit bij de aardprocessie van 25.920 jaren. Kijkers afstellen op Polaris? Nu nog wel, maar begin toch al maar eens te kijken waar Vega staat, dat wordt op een geven moment (duurt nog wel even, hoor!) onze volgende poolster! De moderator dankte alle aanwezigen en vooral Gerard, Jo, Job en Jan voor hun bijdrage aan deze méér dan goed gevulde avond.

 Verslag van de kijkavond.

 Sterrenwacht, 20 Oktober 2012, Nacht van de Duisternis.  De weerkaarten gaven het al ruim op voorhand aan: het zal bewolkt zijn, ja, het zal openbreken en nee……we weten niet precies wanneer. Omdat we van geen kleintje vervaard zijn werd, tegen alle logica in, toch besloten om met de volle uitrusting uit te trekken. Tony, geholpen door Jan, plaatste de Skywatcher onder de koepel. Job en lambert trokken in volle uitrusting ten velde met de astrografen.

 Terwijl Job en Lambert hun kijkers opstelde (dat duurt tegenwoordig al wat langer en nee, heeft niks met leeftijd te maken!!) kwamen de eerste Noorderkroners ons al moreel ondersteunen en was Jan al bezig met het afwerken van de takel op de sterrenwacht. De takel kreeg een nieuwe verankering, zowel boven als onder. Onmiddellijk na de montage was het tijd voor de vuurdoop: Diverse tassen met equipment werden, helemaal elektronisch, 13 meter de hoogte in getakeld en daarmee is het verhaal van de takel en “den Poal” afgehandeld. Tijdens deze werkzaamheden werden onder op het veld enkele “waarnemingen” genoteerd: Lambert liet zien waarom “drift-alignment” nodig is. Een fout in de poolafstelling werd meedogenloos afgestraft. Job kwam tot de conclusie dat de grote modificatiewerken nog niet helemaal gedaan zijn. Er moet nog een aanpassing doorgevoerd worden. Beide heren werken nu met kijkers die geen enkele afwijking toestaan. Het is helemaal juist of het is niets!

 Naarmate de tijd vorderde groeide de vrees voor blijvende bewolking. Een enkeling die bleef volharden…”Het gaat openbreken, we verdienen dat!” en inderdaad….. we hadden het verdient…..na een hele lange poos “gaten speuren in de wolken” zag Dirk ineens de maan een beetje waterachtig doorbreken. Tijd voor verscherpte concentratie. Op een half uur tijd lag de hemel helemaal open en konden we aan de slag. Konden we, want we werden serieus gehinderd door……..(slik) verlichting!! Het was pas na middernacht dat het merendeel van de verlichting uitging en we aan de slag konden.

 We hebben verschillende deepsky-objecten visueel in de kijkers bewonderd en op vraag van Tony ons kostelijk geamuseerd met het waarnemen van Uranus. Uranus, een groenige planeet en dat was heel goed zichtbaar in de kijker. We hebben een beetje zitten stoeien met oculairs en als ultiem wapen de Nagler in de strijd gegooid!  We zagen zelfs de maan Oberon.  Tussen de bedrijven door mochten we, helemaal gratis, genieten van enkele spectaculaire Orioniden. Het maximum van deze zwerm zou daags na de nacht van de duisternis doorgaan

 We hadden al enkele voorsmaakjes mogen meenemen. Na deze sessie liep het waarnemingsveld leeg en bleef Lambert als laatste waarnemer over. Nog een hele serie objecten afgewerkt waaronder een schitterend grote NGC 7662 (de Blauwe Sneeuwbal, IC2003 (planetaire nevel in Perseus) enkele obscure NGC’s. UGC’s en ja, we zijn zelfs aan de VdB’s begonnen!  Jammer dat niet alle lichten gedoofd waren, een serie van zes buitenlampen bleef de hele nacht branden en maakte dat we de lichtzwakkere objecten niet zichtbaar kregen. Om 03.30u was het feestje ten einde, auto geladen en de laatste waarnemer keerde huiswaarts.

 Resumé? Het was een Nacht van de Duisternis die helemaal niet duister was. Het was jammer dat de vooravond gedomineerd werd door zware bewolking (heeft misschien de doorslag gegeven bij onze bezoekers?). Het was ook jammer dat deze editie van de Nacht van de Duisternis niet de Stedelijke ondersteuning heeft gekregen die we alle vorige jaren mochten genieten.. We hadden zelf een publiciteitscampagne opgestart, maar het ontbreken van een volwaardig programma heeft een zeer beperkte opkomst als gevolg gehad.

 Gaan we treuren nu? Neen!!! We hebben genoten van een avondje kameraadschap en sterrenkijken (we zijn wel een beetje bewolking gewoon hoor), we hebben door training weer aan inzichten gewonnen en we weten dat elke dag die we nu niet besteden met sterrenkijken, ons telkens een stapje dichter brengt naar de volgende kijkavond!!! En volgend jaar…….de Nacht van de Duisternis…….staan we er weer!!!!

Kwartaalagenda 4e kwartaal 2012:        

  • ·                    Algemene ledenvergadering: 14 december 2012  Michielshof 20.15u
  • Kijkavond :   Nationale sterrenkijkdagen aan de sterrenwacht
  • ·                    Wanneer:  vri/zat 21/22 december 2012: aanvang om 20.00u
  • ·                    Kijkers te gebruiken:  zoveel als mogelijk. Er zal duchtig geëxperimenteerd worden met de maan (-fotografie)
  • ·                    Bij slecht weer: projectie op vrijdag en komt de zaterdag te vervallen.

15:11 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |

01-11-12

Volle maan, drift alignen en de eerste nachtvorst!

31 oktober 2012; we hebben een weekje vrij genomen en keken uit naar de eerste gelegenheid om nog eens met de sterrenkijker aan de slag te gaan. De afgelopen weken zijn Job en Lambert tot de vaststelling gekomen dat de astrogafen afstellen voor het echte fotografische werk geen sinicure is. Lambert was al even aan het vechten om zijn systeem onder controle te krijgen. Maar er was licht aan de einder!! Na de aanschaf van een poolzoeker werd besloten om aan drift alignen te gaan doen. Een kijker als de AT12RC en de PlaneWave doen het enkel goed als er perfect afgesteld is. Met dit gegeven in het achterhoodf trok Lambert op woensdagmiddag richting Opitter, zocht een goed plekje en bouwde zijn configuratie op.

Tegen beter weten in, want zo goed als een volle maan zou een wolkenloze hemelbol overstralen. Geen erg, want ook dit was een oefenrun. Eerst de boel goed uitgeleveld, toen opgebouwd en wachten op de eerste referentiesterren. Vooral het poolafstellen met de poolzoeker is een precair werkje. Af en toe krijg je de kramp door de meest onmogelijke houdingen. Door het felle maanlicht was het moeilijk om geijkte referentiesterren te vinden om de drift-methode toe te passen. In het oosten moet je een ster vinden die 15-20° hoogte heeft en in het zuiden op de kruising meridiaan en equator. Na veel vijven en zessen werd de drift-procedure uitgevoerd toen............de DSC (digital setting circles) helemaal uitviel. Zoeken, zoeken.....wat loopt hier fout? Na enkele tests en calibraties kreeg Lambert de DSC's terug op gang. Heel waarschijnlijk gebeurde dit door een onfortuinlijke toetsencombinatie in het donker. Kwestie van leergeld! Tegen de tijd dat één en ander correct uitgevoerd was begon de koude toe te slaan en was de volgfout al met een factor x verminderd. Duidelijk op de goede weg! Lambert had, in zoverre mogelijk, nog verschillende deepsky-runs uitgevoerd en toen begonnen met fotograferen. De deepsky-objecten werden links gelaten omwille van het storende maanlicht. Wel een hele run op de maan, Jupiter en verschillende sfeerbeelden. Een beetje na middernacht werd het fataal; de koude in combinatie met de hoge vochtigheidgraad maakte dat op de verschillende onderdelen een laagje ijs gevormd werd. Lambert was op de koude voorzien en had zich volledig in thermische kleding gehuld. Een maat voor niets want.....duidelijk een geval van overshoot.... het werd te warm!!!!  Snel afbouwen en naar huis, richting bedje. Hieronder enkele afbeeldingen van deze trip:

sized_kijkavond okt Opitter 009.JPG

sized_kijkavond okt Opitter 044a.jpg

sized_kijkavond okt Opitter 048.JPG

sized_kijkavond okt Opitter 022a.jpg

sized_kijkavond okt Opitter 041.JPG

sized_kijkavond okt Opitter 023a.jpg

 

21:36 Gepost door Lambert Beliën | Commentaren (0) |  Facebook | |